De boekhandel verhoudt zich tot de schrijver als de speakerset tot de cd-speler. Je kunt nog zo'n voortreffelijke cd-collectie hebben, en nog zo'n geavanceerd apparaat, het zijn uiteindelijk de luidsprekers die het kunnen maken of verprutsen.

Toen de Libris Literatuurprijs dit jaar naar een verhalenbundel ging (Kleine dagen, Bernard Dewulf) werd kort daarop besloten dat voortaan alleen nog maar romans mogen meedingen. Twee redenen voert de firma Libris aan in een verklaring: ‘de wens om maximale duidelijkheid te verschaffen en het toenemende aantal grote inzendingen met veelsoortig proza.’ Een tikje vreemd. Een boekenketen die met een jaarlijkse prijs de Nederlandse literatuur een steuntje in de rug wil geven, zou toch niet vijandig moeten staan tegenover een toenemend aantal grote inzendingen met veelsoortig proza?
In plaats daarvan besluit de keten dat het maar eens uit moet zijn met die veelsoortigheid. Romans willen ze voortaan hebben, en niets anders. En waarom? Dat blijft met die verklaring onduidelijk. De eerste wens - maximale duidelijkheid verschaffen - is meteen al niet uitgekomen.
Het antwoord ligt overigens voor de hand: verhalenbundels verkopen niet. De mensen van de firma Libris zullen bijkans nog meer teleurgesteld zijn geweest dan Tom Lanoye, toen de naam van Dewulf viel.
Omstandig legt het Librisprijs-bestuur op de website uit dat het besluit om af te rekenen met de veelsoortigheid al genomen was in het najaar van 2009. Bij zulke refutatio’s moet ik altijd denken aan Bismarcks uitspraak: 'Geloof niets in de politiek tenzij het officieel wordt ontkend.’ Het heeft ook veel weg van die voetballers die een tegenstander pootje haken en direct daarop de vermoorde onschuld uithangen, met de handjes in de lucht. Ik deed niks hoor, echt niet!
En dan nog. Wanneer de firma Libris precies besloot verhalenbundels te tackelen doet er weinig toe. Voornamer is dat zo'n decreet weer eens bewijst wat een macht de boekhandelaar heeft in het literaire veld. Vanaf dit jaar zullen er waarschijnlijk heel wat verhalenbundels verschijnen die de genreaanduiding roman voeren, om mee te kunnen dingen.
Het onderscheid is natuurlijk nooit waterdicht geweest. Elke verhalenbundel zal een eenheid nastreven, en een zorgvuldige compositie zijn. Denk aan zo'n boek als Roem van Daniel Kehlmann, dat onlangs de Prix Cévennes won. Dat zou je gerust een verhalenbundel kunnen noemen, als je niet wist dat die dingen niet verkopen. Roman, zegt de Nederlandse vertaling dan ook. Ein Roman in neun Geschichten, durft het Duitse omslag nog wel te zeggen.
De boekhandels zijn de luidsprekers van de schrijver en als zij besluiten dat verhalenbundels en novellen niet verkopen, dan komen die werken ook nergens meer 'horizontaal’ te liggen en staan ze weggemoffeld in een kastje met het label 'Onverkoopbare meuk die we ook nog hebben’.
Twee jaar geleden was er een aanverwant relletje rond de Gouden Uil in België. Die ging naar Marc Reugebrinks roman Het grote uitstel. Een onbekend en dus onverkoopbaar boek, klaagde de sponsor (boekhandelketen De Standaard), die 'slechts’ negenduizend exemplaartjes wist te slijten. Kort daarop - en over het causale verband lopen tot vandaag nog stevige discussies - zijn jury en organisator van de prijs vervangen.
Ik snap die boekhandelketens niet. Blijkbaar willen ze alleen bestsellers met een prijs bekronen. Maar die bestsellers verkopen toch ook al zonder prijs? Plemp ze in torenhoge stapels in je kiosken, bij je kassa’s en in je toptien, en houd dit weken achter elkaar stug vol met een en dezelfde 'titel’ en je doel is bereikt, de honderdduizend gehaald, en je kunt weer door, het publiek op de volgende bestseller trakteren.
Ik snap die boekhandelketens werkelijk niet. Zo'n firma sponsort een literaire prijs toch juist om literaire kwaliteit buiten het reguliere massa-aanbod boven water te krijgen? Maar nee, het is juist de veelsoortigheid van het proza waar de ketens nadrukkelijk vanaf willen. Het streven is een maximale versmalling van het assortiment. Zoals overal garandeert eenvormigheid en massaliteit efficiëntie en omzet. Het maakt die ketens niet uit of ze dat bereiken met boeken, overhemden of hagelslag. McLibris, I’m lovin’ it.
Op papier heeft de literatuur nog een status waarin ze bescherming geniet tegen het platte marktmechanisme, met een laag btw-tarief, een vaste boekenprijs of met literaire prijzen. In de praktijk is dat zoiets als het obligate paragraafje 'verantwoord en duurzaam ondernemen’ dat bedrijven in hun jaarverslagen opnemen.
Dankzij McLibris verschijnen er de komende jaren nog meer romans, namelijk al die verhalenbundels die terecht menen ook mee te moeten dingen. Het gevolg is dat de 'roman’ een nog grotere vergaarbak wordt van allerhande prozateksten. De lectuur zat er al bij, de thrillers en de chicklits, net als de novelles. Nog even en ook toneelstukken, biografieën en gedichtenbundels krijgen het woord 'roman’ opgestempeld.
Pas maar op, Libris. Dit kan wel eens een verontrustende toename zijn van veelsoortig proza.