Media

Medialawaai

Het was ongeveer het eerste woord dat de dag na de verkiezingen uit Rutte’s mond kwam – en in ieder geval was het ’t door hem meest gebruikte woord: radiostilte. Vreemd begrip eigenlijk in een tijd waarin de radio wat nieuws betreft niet meer dan een zoveelste plaats inneemt, maar goed, dat terzijde.

Meteen kwam van alle kanten kritiek. Beatrix zou toch juist opzij zijn gezet omwille van de almaar geroemde openheid. Geen achterkamertjes, geen geheim­zinnig gedoe, transparantie, zo zou de nieuwe politiek dienen te zijn. Niet stil dus maar vol geluid. De formatie was tenslotte ook van (hoewel natuurlijk niet aan) de kiezers. In ieder geval moesten zij het proces van stap tot stap kunnen volgen. Nee, zeggen de politici nu. Dat kan niet. Te veel informatie verstoort de formatie. Of zoals Rutte het in eerste instantie verwoordde: ‘Als aanvoerder van de grootste partij voel ik een bijzondere verantwoordelijkheid en daarom wil ik er het zwijgen toe doen.’ Vooral dat ‘daarom’ is interessant. Iemand die grote verantwoordelijkheid voelt en om die reden vindt dat het goed is te zwijgen. Was dat niet juist een van de boodschappen van de gesloten samenleving die volgens het omslag van De Groene Amsterdammer van vorige week (‘Terug naar het open en tolerante Nederland’) tot het verleden behoorde?

Nog even afgezien van de vraag of radiostilte goed of slecht en al dan niet conform het nieuwe systeem van kabinetsformatie is, waag ik de stelling dat zij precies het tegenovergestelde effect zal hebben. De verklaring hiervoor ligt bij de aard van de huidige politiek. Zeker sinds de laatste campagne – het is door velen opgemerkt – is deze ook in Nederland een mediacircus geworden. In plaats van politici maken media de dienst uit. Zij bepalen de thema’s, zij regisseren de debatten en wellicht hebben zij – het is pijnlijk om te zeggen – bij de uitkomst de doorslag gegeven.

Je zou de winst van VVD en PvdA immers ook anders kunnen bekijken dan veelal gedaan wordt, niet op basis van inhoud maar op basis van media-effect ofwel imago-building (c.q. -breaking). In dit laatste geval zijn de verkiezingen gewonnen door twee relatief jonge, vrolijke, pragmatische, Hollandse mannen die zijn ‘zoals wij’ (waren, willen zijn) en die zich vooral onderscheiden van de geobsedeerde malloten, ouwe lullen en stijfkneuzen die het in dit land tot voor kort voor het zeggen hadden. Na jaren van ­theater obsessie is dat blijkbaar weer wat we willen: gewoon! Zo bezien lijkt het welhaast bijzaak wat de twee zeggen en denken. Kleding, uitstraling, lichaamstaal en verwijzing naar alledaagsheden als de eigen kinderen of amoureuze avontuurtjes gaven de doorslag. Hier ligt overigens wellicht tevens een verklaring waarom de opiniepeilers er zo ver naast zaten. Zij peilden aan de hand van de inhoud en vergaten dat deze in toenemende mate van ondergeschikt belang is.

Hoe dan ook, een mediacircus dat op volle toeren, met volle zalen en een goed gevulde kassa draait, kan niet van de ene op de andere dag stilvallen. Dat zal dan ook niet gebeuren. Het zal doorgaan, onafhankelijk van wat de politici doen of proberen en dus met of zonder radiostilte. De mediamakers zullen voor een dergelijke voortzetting zelfs geen moeite hoeven te doen. We weten het uit ervaring: dat het gat tussen informatiebehoefte en informatievoorziening vanzelf opgevuld wordt, met geruchten.

Geruchten zijn een van de meest fascinerende aspecten van de mediageschiedenis. Al is er veel over geschreven, we weten niet hoe ze tot stand komen, wat ze doen, laat staan hoe ze te bestrijden zijn. Ze zijn er, opeens, en gaan vervolgens hun gang. In talloze gevallen blijkt hun kracht groter te zijn dan die van de feiten. Dat zal zeker het geval zijn als die feiten vanwege radiostilte ontbreken. Dan zullen geruchten als bij toverslag het circus meteen en volledig overnemen. Want the show will go on. Dat lijdt geen twijfel. Kortom, het effect van radiostilte is medialawaai.

Rutte denkt blijkbaar dat dergelijk lawaai nog altijd af te doen is als ‘a tale told by an idiot… signifying nothing’. Maar hij vergist zich zoals hij zich misschien ook wel in de achtergronden van zijn succes vergist. De tijden zijn veranderd. De politiek van vandaag is onafscheidelijk van het spel van de media. En als de twee niet goedschiks samen gaan, dan gebeurt dat kwaadschiks, met alle ver­velende gevolgen van dien. Je hoeft van geruchten immers niet veel te weten om van de mogelijke effecten ervan een inschatting te kunnen maken. Ze kunnen desastreus zijn.

De oplossing kan er maar één zijn, denk ik: weg met de radiostilte, elke dag een persconferentie met de laatste stand van zaken. Zoveel mogelijk feiten geven, precies het tegenovergestelde dus van wat Rutte bepleit. Het zal de geruchten niet voorkomen, het zal ze hoogstens temmen en de grootste onzin hopelijk meteen uit de wereld helpen. Daarbij is iedereen gebaat.