Mediamoorden zou de nederlandse staat nu ook al z'n x-files hebben?

Mediastilte of niet? Hoe dan ook kakelt iedereen door elkaar. De door Sorgdrager opgelegde terughoudendheid over de kindermoorden maakt het er alleen maar bedreigender op.
CHAOTISCHE toestanden. Spraakverwarring. Dat bleek maar weer eens uit een uitzending van Sonja Barends programma B&W, waarin mensen waren uitgenodigd om te komen praten of we het er nog wel over moesten hebben. In de media. Over dat erge. Er was een gescheiden man die vertelde hoe moeilijk het was om een gescheiden man te zijn.

Zijn verdriet was zo intens dat hij lang op een brug had gestaan. Hij was depressief omdat hij zijn kinderen niet meer mocht zien. Maar had hij er wel eens echt over gedacht om de kinderen…? Nee, dat niet.
Er was een bekakte mevrouw die de persvoorlichting deed van de rechtbank in Haarlem. Ze vertelde over brutale journalisten: kijk, je brengt een persbericht uit en sommige journalisten die zijn goed, die schrijven dat expres sobere persbericht gewoon over voor in de krant, meer niet. Een enkele journalist stelt dan door de telefoon één vraag. Nou, dat moest kunnen. Maar je hebt er journalisten bij, die willen werkelijk alles zelf gaan uitzoeken. Nou ja! Niemand vond het belachelijk dat ze die dingen zomaar zei. Er was iemand van Radio Noord-Holland, die vond trouwens dat de media juist heel beschaafd waren, behalve dan natuurlijk de commerciëlen. Daar kon Sonja weer mee instemmen.
Ook was er nog een man voor mannenpraatgroepen of mannenbegeleiding. Die zei bijna niets. Die was vooral erg begrijpend. Zo had je geen gesprek, maar gelijk al vier gesprekken door elkaar heen.
Waar het over ging. De golf van kinderdodingen. En onze terughoudendheid. Het woord kinderdoding alleen al is een terughoudend woord. Waar zelfmoord tot zelfdoding werd, daar werd kindermoord tot kinderdoding. Het is natuurlijk ook een kwestie van smaak. Persoonlijk vind ik ‘K’ juist veel enger klinken dan kanker en vind ik 'mannelijk geslachtsdeel’ oneindig veel viezer dan 'pik’.
AFGELOPEN WEEK werd in het Journaal verteld dat minister Sorgdrager besloten had tot terughoudende berichtgeving. Dat was een goede aanleiding voor het Journaal om er gelijk maar een item van een kwartier tegenaan te gooien. Er kwam zelfs een kaart van Nederland in beeld, waarin te zien viel waar de kinderdodingen allemaal hadden plaatsgevonden. Een wolk van onbestemd onheil hing over ons landje, zoveel werd duidelijk. Helaas kon men er niet al te gedetailleerd op ingaan, want dat zou niet terughoudend wezen. Aan de Volkskrant vertelde iemand van het Bureau Slachtofferhulp in Hoofddorp: 'We zijn bang voor herhaling.’ Waarom? Helaas moest hij ook wat dit betreft terughoudend zijn. Pas toen Sorgdrager ons tot terughoudendheid maande, kwamen de media dus goed los. Dat viel ook wel te verwachten. Media zijn tamelijk voorspelbaar.
Zal zich een nieuw geval van kindermoord voordoen, dan zullen politie en justitie dat wel melden, maar zonder initiaal of naam van daders dan wel slachtoffers, en zonder zelfs maar summiere omschrijving van de achtergrond. Kinderdodingen, dat worden zo mystieke feiten zonder context die uit de lucht zullen vallen. Soms vaak, soms minder vaak en eromheen zal een angstig zwijgen hangen. Het zal er op die manier alleen maar onbegrijpelijker op worden. Het kan je buurman zijn, of het kan in een asielzoekerscentrum plaatsvinden, we zullen het niet meer te weten krijgen. Nu schijnt het dat de gezinnen waarin kindermoorden voorkomen, net als die waarin de kennelijk minder gevreesde ouderdoding voorkomt, sowieso in de meeste gevallen al geïsoleerd van de buitenwereld zijn geraakt, dus het verder toedekken met een beschermende mantel van zwijgen door de overheid moet niet moeilijk zijn.
Niets is zo angstaanjagend als die terughoudende, vage berichtgeving van staatswege of anderszins van hogerhand. Het gebeurt nu al. Bezorgde deskundigen worden geïnterviewd. Ze laten niet te veel los. Beter van niet. Steeds meer deskundigen blijken er trouwens te zijn. De een is psycholoog en de ander is klinisch pedagoog. De een stelt dat we worden geconfronteerd met de donkere kant van een beschavingsproces; kinderdoding is een gruwelijk bijprodukt van de vrouwenemancipatie. Mediastilte alleen is nog niet genoeg; er moet een totale censuur komen op de informatievoorziening naar de gewone mensen toe. Er moet heel nieuw nieuws worden gemaakt.
De psychotherapeute Carien Karsten, die misschien veel weet maar weinig loslaat, legde in het NRC alvast de fundamenten voor een eigentijdse Brave New World: 'Mannen hebben nieuwe helden nodig en kranten die daarover schrijven.’
DE OVERIGENS zelfopgelegde terughoudendheid van de media blijkt duidelijk uit het in beeld brengen van het onderwerp. Waar men op televisie eerst nog het huis liet zien waar het drama zich had voltrokken - meestal een oersaai rijtjeshuis, want vooral de suburbs worden getroffen door de kindermoorden - daar heeft de camera zich nu teruggetrokken en brengt men een algemener beeld van de troosteloze straat in kwestie, inclusief verkeersdrempels en alom geparkeerde auto’s. Of de televisie biedt een bos, met een bospad. De even oerlelijke als fascinerende beeldtaal van Opsporing verzocht: Bushalte. Fietspad. Afslag bij snelweg. Plastic prullenbak naast parkbank. De kranten illustreren artikelen over kinderdoding bij voorkeur niet, of men kiest voor een gezinnetje Barbiepoppen, een spoorwegovergang, bomen, weerspiegeld in een waterplas, danwel het tijdloze soort beeld dat u bij dit artikel ook weer aantreft.
Terughoudender kan haast niet. Toch? Tegelijkertijd vind ik dat er van dit soort beelden een dreigende, geheimzinnige suggestie van 'ergheid’ uitgaat, waardoor de aanstekelijke spanning alleen nog maar wordt versterkt.
Alle mediavrijheid bestaat er momenteel voor ouders van wie het kind overleed. Bijvoorbeeld door ziekte. In Netwerk was een echtpaar te zien dat vertelde over hun verdriet. De overleden dochter bleek ook een boekje geschreven te hebben, dat uitgebreid in beeld verscheen. Ze hadden er wel eens over gedacht ja, zeg maar terloops gezegd, over 'dan maar dood willen’. Maar dan kies je toch voor het leven. Wat leren we hiermee over de kindermoorden? Niks dus.
Terughoudendheid gaat niet op voor de gescheiden man die geleerd heeft over zijn emoties te praten en die al pratend zijn klep niet meer kan houden. Dit weekend weer een hele pagina in De Telegraaf. Daarin zien we de inmiddels beroemde gescheiden vader Albert Streep weer eens, die door heel Nederland wandelt met zijn gigantische bord 'Váder mist kind’. Hij was beschuldigd van incest; dat is nooit bewezen, maar hij mag zijn kinderen nog steeds niet zien.
Incest: Weer zo'n mediadiscussie apart die via de kindermoorden terloops opnieuw binnendruppelt. Waar gescheiden vrouwen vroeger hun ex uit de buurt van de kinderen wilden houden middels incestbeschuldigingen, daar is nu de angst voor kindermoord een nieuw wapen in de strijd. Soms is die angst terecht, soms niet. Wie zal het zeggen. Bij justitie weten ze vast meer, maar daar vindt men het beter dat die kennis ons wordt onthouden.
Statistisch gezien is het nogal vreemd, in dit geval, om de schuld in principe bij de man neer te leggen. Het heet zelfs dat over het algemeen kindermoord het enige misdrijf is waaraan vrouwen zich vaker dan mannen schuldig maken. De meeste kindermoorden vinden plaats op hele jonge kinderen en juist dan zijn de moeders het vaakst de dader. Toch gaat het in de nieuwsgolf niet over bijvoorbeeld moeders die een paar dagen na de geboorte van het kind psychotisch worden en het dan ombrengen.
Wat ook niet wordt meegeteld, is dat de recente kindermoordengolf ligt ingebed in ruim honderd zelfmoorden per jaar, omdat men na de scheiding het leven zonder kinderen niet meer aankan. Van die zelfmoorden wordt door de media zelfs nauwelijks melding gemaakt. Maar verhalen in de media of geen verhalen in de media, dat type zelfmoord blijft dus plaatsvinden.
De vaders, daar gaat het nu over in de media. Niet de moeders. De man ('Man in de war’) was met stip sowieso al weer helemaal terug in de media-aandacht en het kind is daar nooit weggeweest, dus die combi, die doet het hem. Op de voorpagina van Trouw vertelt Ruud Steenbergen (die zijn verhaal trouwens ook nog eens deed in een ingezonden brief in de Volkskrant) over hoe hij, depressief en gescheiden, net niet met zijn kind van de flat sprong: 'Misschien redt mijn verhaal een kind.’
Kwaad en niet te stuiten is de gescheiden vader Jacques van Eersel, voorzitter van de Stichting Kind en Omgangsrecht, die in De Telegraaf zegt dat hij alleen al het afgelopen jaar bij twaalf mannen de kindermoordplannen uit het hoofd heeft gepraat. Van de drie moordzaken in Brabant van de afgelopen tijd kwam er maar eentje in de publiciteit. Dus het is nog veel erger dan we weten. Met minimale berichtgeving wordt kennelijk ook bedoeld dat over sommige zaken van staatswege maar helemaal niks meer wordt gezegd, begin je door al die minimale berichtgeving steeds meer paranoïde te denken. Zou de Nederlandse staat nu ook al z'n X-files hebben?
DAT DE ANGST er goed in zit, merk ik al in mijn directe omgeving. Je hoort dat een van de twee ouders hier of daar in de war is, of depressief, of kwaad, of alleen gelaten en gelijk zijn anderen in de buurt bang voor kinderdoding. Kun je er wat aan doen? Moet je de instanties waarschuwen? Wanneer moeten de instanties ingrijpen? Wat komt er van al dat ingrijpen? Wie zal het zeggen. Je hoort wel dat het bij depressieve mensen werkt als met een verkeerd afgestelde antenne, waarmee elke kinderdoding in de media wordt opgepikt, wat dan weer werkt als een versterking van een monotone, drammende stem van binnen. Je hoort zoveel, vandaag de dag. Het schijnt trouwens dat je de ernstige dingen nog niet eens hoort. Soms hoor je eens een detail van overheidswege en dan is het gelijk een argument voor Sorgdrager, vreemd toch.
Van staatswege heeft men nu in de media losgelaten dat er bij het tweede geval uit de kinderdodingsgolf, in Assen, knipsels waren gevonden over het eerste geval, in Krimpen aan den IJssel. Waaruit maar blijkt dat media besmettelijk kunnen werken. Alleen: wat had die man in Assen gedaan als er niks bekend was gemaakt over de man uit Krimpen aan den IJssel? Trouwens: de twee Hoofddorpse gevallen van kindermoord gebeurden op enkele straten afstand van elkaar. Er waren dus helemaal geen media nodig om dat nieuws te verspreiden.
Ondertussen merk je links en rechts iets over woede over de media. Het volk mort kennelijk. Het volk zal alle berichten over kindermoorden gretig tot zich nemen, hoe meer bloed, hoe meer persoonlijke verhalen, hoe liever - maar het volk, de vleesgeworden hypocrisie, roept tegelijk hardop dat de media terughoudend moeten zijn. Razende ingezonden brieven in de Volkskrant bijvoorbeeld: 'Alweer een kind dood door een gestoord mens. Verder aangezet tot zijn daad door de berichtgeving in de krant. En maar volhouden dat het daar niet aan ligt. Ik wens jullie slapeloze nachten toe.’ Een andere brievenschrijver in de Volkskrant (waar de kwestie onder de brievenschrijvers kennelijk meer leeft dan in andere kranten) komt met het klassieke voorbeeld: de roman Die Leiden des jungen Werthers, het boek van Goethe dat tot golven zelfmoorden ('honderden’) aangezet zou hebben. Dat wetenschappelijke studies deze beïnvloedingsklassieker tot broodje aap bestempelden, viel overigens ook al in nota bene diezelfde Volkskrant te lezen, in een boekbespreking van twee maanden eerder. Maar de mythevorming wint het altijd van de feiten. Wat tot de verbeelding spreekt, blijft hangen.
Na de zelfmoord van Marilyn Monroe, waarover destijds uitgebreid werd bericht, schijnt er inderdaad een zelfmoordgolf te zijn geweest. Maar ook was er in de jaren zeventig in Amerika een opvallende zelfmoordpiek, waarvan men de oorzaak niet kende en die pas tien jaar na dato door de media werd vermeld. De eerste golf blijft in de herinnering hangen, de tweede niet.
Nog niet zolang geleden werd in Amerika een vrouw veroordeeld die haar eigen kinderen had vermoord, waarna ze een zwarte man de schuld gaf. De zaak kwam uitvoerig in de media. Geen familielid dat niet werd geïnterviewd. De zaak zelf kreeg geen navolging.