Menno Hurenkamp

Meneer Schaap Menno Hurenkamp

Vorige week gaf ik op deze plek vvd’er Mark Rutte de informele titel ‘oppositieleider’. Dat was dom, want hij is niet de fractievoorzitter van de grootste oppositiepartij in de Tweede Kamer. Jan Marijnissen is dat wel. Zijn SP heeft 25 zetels, een historisch hoogtepunt. De vvd heeft er maar 22, een historisch dieptepunt. Die verschrijving hield me even bezig. Waarom overkwam me dat? Had ik de nieuwe politieke verhoudingen nog niet ‘geïnternaliseerd’? Of was het omdat de liberaal in mij sterker is dan de socialist, omdat de wens de vader is van de gedachte? Om boete te doen overwoog ik om op de SP te stemmen tijdens de Provinciale-Statenverkiezingen.

Dat zou een forse koerswijziging betekenen. Tijdens de verkiezingen voor ons provinciebestuur gedraag ik me meestal als plezierstemmer. In de provincie woedt zelden een serieus debat en na het stemmen ruilen linkse ambtenaren met rechtse ambtenaren van zetel, of andersom. Vier jaar geleden koos ik voor een man die zich op sympathieke maar onhandige wijze erg druk maakte om de hengelsport. Maar of hij voor of tegen het visgebeuren was is me eerlijk gezegd ontschoten. Ik heb in ieder geval de – misschien wat oppervlakkige – indruk dat het sindsdien prima gaat met de vissen in mijn provincie en ook met de mannen die ze graag uit het water halen.

En nu dan de SP? Via de website kan ik kennismaken met de sp Noord-Holland. De mensen op hun kandidatenlijst zijn stuk voor stuk van het ‘niet lullen maar doen’-type, zoals Dago Wellink, die er niet voor terugdeinst om een kerk symbolisch ‘aan de ketting te leggen’. Niet omdat, zoals je van de SP zou verwachten, deze kerk zich bemoeit met het gezinsleven van de arbeider. Wel omdat de kerk een buurtfunctie heeft en een monument is, en dus juist niet gesloopt mag worden. De SP heeft, zo blijkt, verstandige ideeën over Schiphol (‘niet uitbreiden’) of het openbaar vervoer (‘meer’). En op de weblogs van de kandidaten, hun elektronische dagboek, vind je de overbekende tirades tegen ‘de markt’ die de zorg kapotmaakt, tegen ‘de regenten’ (van pvda, cda, vvd, GroenLinks) die het bestuur in handen houden. Wij tegen de rest, is ook van de provinciale SP-politici de onderliggende boodschap.

Maar wat er in mijn provinciebestuur de afgelopen jaren helemaal verkeerd is gegaan kom ik niet te weten. Ik ben, naar ik het kan overzien, niet echt de dupe van een of andere provinciaal-politieke frats geweest, en mensen die het moeilijker hebben dan ik ook niet. Waarom dan deze club steunen? De stemwijzer maakt het niet beter. Deze kent een serie voor niet-ingewijden vervreemdend aandoende stellingen (‘de bollenteelt moet verplaatst worden naar nieuwe locaties’ of ‘de provincie moet mee betalen aan internet breedband’) en voert me ver van de sp. Van de stemwijzer moet ik naar de pvda. Het onderscheid tussen de activistische sp’ers en de doctorandussen op de PVDA Noord-Holland-lijst lijkt indringend. De sociaal-democratische kandidaten kijken je met kalme dossier-ogen aan, in alle weersomstandigheden bereid en in staat om een stukje beleid op de provincie los te laten. Daar heb ik ook geen zin in.

Mijn boetedoening blijft beperkt tot de overweging om op de sp te stemmen. De Groenen hebben een meneer Schaap op de lijst. Dat lijkt me ongezien een gouden combinatie.