Menselijk, al te menselijk

De psychoanalyse is al lange tijd achterhaald.
Heb je een depressie, neem een pil. Het kan heel goed dat die pil niet werkt, maar de kans is dan ook groot dat u geen depressie had.
Praten kan net zo goed helpen tegen een depressie, en wat je dan zegt is niet zo van belang.

Medium oopheffer 6 2011

De psychoanalyse, die inzicht zou moeten geven in wat zich afspeelt in de krochten van de menselijke geest, is ondeugdelijk gebleken niet omdat hij niet zou werken, maar omdat we niet goed weten wat de menselijke geest is en hoe je die, als hij ziek is, door praten kunt genezen.
Maar sinds een aantal jaren heeft de psychoanalyse een goed heenkomen gevonden. En wel in de journalistiek. Psychoanalyse heet tegenwoordig ‘interview’. Journalisten willen afdalen in diezelfde geestelijke krochten en liefst een donker of zwart aspect aan de oppervlakte brengen.
'Ik was jarenlang verslaafd!’ 'Eigenlijk was ik pedoseksueel.’ 'Ik heb mijn eerste, tweede, derde en vierde vrouw altijd geslagen, tot ik Emilie ontmoette, die liet mij zien dat ik dat niet moest doen.’ Et cetera, et cetera.
Nu wil ik dat natuurlijk ook allemaal weten - vooral als de geïnterviewde een bekende Nederlander is.
Hoewel…
Als die Bekende Nederlander een groot kunstenaar is, dan wil ik dat eigenlijk helemaal niet weten. Het kan me namelijk niet echt veel schelen wat zich in de geest afspeelt, te meer daar ik daar niets aan heb.
Als Jopie jarenlang zijn homoseksualiteit heeft onderdrukt en Marietje heeft van haar zesde tot haar zestiende moeten toestaan dat haar vader haar misbruikte, dan is die informatie schokkend, maar nooit meer dan dat.
Ik wil weten hoe Jopie en Marietje denken, wat hun opvattingen zijn, waar die vandaan komen, hoe ze hun kunst beoefenen. Ik wil informatie waar je iets aan hebt. Verdomd, ik wil informatie waar ik iets van kan leren, informatie waar ik mijn eigen normen en waarden aan kan toetsen of juist mijn gebrek daaraan.
Het interview is verworden tot kitsch, hoe goed ik sommige interviewers ook vind. Ik vind Wilfried de Jong behalve een buitengewoon aardige jongen ook een fantastisch interviewer - maar juist daarom wil ik bij zijn gasten niet weten hoe ze zijn, maar wat ze aan opvattingen hebben. Ik wil niets over hun jeugd of over hun verslaving weten. Ik wil niet dat ze gaan huilen vanwege een vreselijke gebeurtenis. Ik wil niet weten wat hun persoonlijkheid is. Ik wil weten hoe ze dingen doen. Ik wil bij acteurs weten hoe ze spelen, ik wil bij zangers weten hoe ze zingen. Ik wil van politici niet weten of ze homo zijn of hun moeder elke dag bezoeken, ik wil weten wat ze van de wereld vinden, van revoluties, van de economie, ik wil weten wat ze gelezen hebben, ik wil weten wat ze gaan lezen, wie ze opzoeken om mee te kletsen. Natuurlijk weet ik dat naarmate de informatie toeneemt de non-informatie ook groter wordt. En non-informatie is informatie die je kunt opeten, maar niet voedt. Het zijn happen lucht in een zuurstofrijke omgeving en op z'n best feestelijke suikerspinnen.
Het 'menselijke vraaggesprek’ is natuurlijke een commerciële noodzaak. Je hebt het als krant en als televisiestation nodig. Je hebt als ster, als idool, ook een menselijk verhaal nodig. Ja, mijn moeder heeft me een opleiding tot hoer gegeven en daarom ben ik nu verslaafd en dat is de reden dat ik zo mooi de blues kan pijpen.
Maar zelfs dat drama is niet zo belangrijk als iemand slecht zingt - en verklaart nog minder wanneer iemand heel mooi zingt.
Het menselijke lijdt in de pers aan overdreven aandacht.
97 procent van de levens is trouwens niet eens erg interessant.
Als journalist moet je die ook nog eens door een slimme montage van tekst en beeld interessanter maken.