Met de franse slag

Bent u een exotisch, citoxisch of geïntoxiceerd type? Haalt u bij die vraag de schouders op of zegt u: ‘Ik zou het niet weten, maar ik ben wel nieuwsgierig’? In dat laatste geval dient u het vragenlijstje op Fabrice Hyberts tentoonstellingsuitnodiging in te vullen.

Bent u ‘CITOXE’? luidt de vraag die Hybert stelt, waarbij 'citoxe’ begrepen moet worden als een omkering van 'exotic’. Hybert stelt 26 meerkeuzevragen, zoals 'Dicht u uw computer persoonlijke eigenschappen toe?’, 'Houdt u van openingen?’ tot het meer persoonlijke 'Hoe wilt u het liefst versieren of versierd worden?’ Uit de antwoorden destilleert Hybert dan voorstanders van 'globalisering’ of juist 'nationalisering’ en nog wat andere zaken. Wie een liefhebber is van vliegen en kikkers is zeker 'citoxe’, wat zo veel wil zeggen als 'hedendaags’. Want, zo liet de kunstenaar in een interview met de Volkskrant weten, 'de vlieg lijkt op de hedendaags mens: zeer op zichzelf, hoort nergens bij en zit overal tussen. Kikkers leven in het water en op het land, ze zijn flexibel en passen zich gemakkelijk aan. Echt beesten van nu…’
Fabrice Hybert (1961, Luçon) doet, zoals zo veel hedendaagse kunstenaars, onderzoek naar menselijk gedrag. Hij ziet de kunst als een ideeënlaboratorium, een denktank waarin nieuwe wegen worden gevonden voor de kunst die zich moet vervlechten met het alledaagse leven.
Het artistiek verzet tegen keurige, kant-en-klare museumobjecten kent natuurlijk een lange traditie en Hybert zal niet de laatste zijn die zich opwerpt om de kunst te bevrijden uit de kluisters van fraai ogende esthetiek.
Maar waar is dat veelgeroemde leven?
Niet in De Appel.
Dat we ons kunnen vermaken met een grote zwartwitte, vierkante voetbal of dobbelsteen die we door de expositieruimte mogen schoppen, dat we een 'eindeloze trap’ beklimmen die heen en weer wiegt (voorbeeld van een 'pof’: prototype van object in werking) of op een ondoorzichtig raam mogen kloppen waarachter iemand zit die onze signalen met 'ja’ en 'nee’ dient te beantwoorden, betekent nog niet dat de 'de autonomie van de kunst’ doorbroken wordt, laat staan dat het dagelijks leven de tentoonstellingsruimte wordt binnengehaald.
De door de kunstenaar in de kunstinstelling uitgelokte activiteit blijft altijd 'kunst’ en zal nooit als iets anders begrepen worden.
Het 'communiceren’ van de kunstenaar met zijn publiek, het publiek dat met elkaar aan de praat raakt in de kunstruimte - dat alles blijft binnen de kunstwereld.
Dat weet Hybert natuurlijk. Hij is een charmante handigerd met een goeie neus voor gangbare curatoren-theorieën, gestoeld op het jarenzestigideaal van kunst opgegaan in het leven.
Dat betekent bij Hybert bijvoorbeeld dat je plaats kunt nemen voor een spiegel om je persoonlijkheid te laten aanpassen door een make-updeskundige. Of dat een travestiet demonstreert hoe je de vierkante voetbal in de hoek van de tentoonstellingsruimte kunt vastzetten. Of dat je je verzameling plastic beestjes op een grote tafel arrangeert en het de titel 'Mon Zoo’ geeft. Of dat je vage tekeningetjes aan de muur prikt.
Kunst met de Franse slag, soms wel grappig, maar meer ook niet. Slap. Vormloos. Gelikt. Slap. Gezeur. Stop.

  • Hedendaagse kunst uit Zuid-Amerika op de tentoonstelling Mesotica, samengesteld door het Museo de Arte y Diseno Contemporaneo, San José, Costa Rica. Werk van kunstenaars uit Costa Rica, Guatemala, Honduras, El Salvador, Mexico en Nicaragua. Van Reekum Museum, Churchillplein 2, Apeldoorn. Open dinsdag t/m vrijdag, 10-17 uur. Tot en met 16 augustus.
  • Voetbalcultuur in het Ruhrgebied in kaart gebracht door fotograaf Andreas Teichmann. Over engagement, spelvreugde, teamgeest en overwinningsroes bij de amateurclub Teutonia-überruhr. Teutonia. Nach dem Spiel ist vor dem Spiel, Goethe Institut Rotterdam, ’s Gravendijkwal 50-52, Rotterdam, maandag-vrijdag 10.00-17.00 uur. 20 juni t/m 3 juli.