Met een kalkoen op het verkeerde been muziek

Achteraf vraag je je af wat zo nieuwsgierig maakte naar Curries Kerstshow. Het feit dat haar voorstelling vorig jaar op het allerlaatste moment door de brandweer werd afgelast? De aanstekelijke vermenging van kunsten en kunstjes? Haar markante persoonlijkheid? De ongebruikelijk hoge toegangsprijs? Of gewoon het feit dat Breukers Klap op de vuurpijl niet zo'n flitsend programma bood?

Nanette Currie is een bleke, tengere verschijning die zo uit een Parijs’ café-chantant lijkt weggelopen. Het is die nostalgische sfeer die haar show aantrekkelijk maakt: een soort variété zoals je je dat in de jaren twintig en dertig voorstelt. Uitbundig, exotisch en absurd. Absurd wordt Curries Kerstshow maar zelden. De kalkoen (Koen genaamd) die bij de entree de bezoekers op staat te wachten, voorspelt veel goeds, maar het is een belofte die niet wordt ingelost. De anekdotes die Currie haar publiek voorschotelt zijn niet meer dan alledaagse pijntjes die ze op een quasi-poëtische manier verwoordt. Het verhaal van Edgar Allen Poe (De Raaf) verwordt in haar mond tot een houterig Sinterklaasgedicht dat over de hoofden van de bezoekers in het niets verdwijnt. Exotisch is de show wel degelijk. Currie zingt liedjes uit alle windstreken en dat doet ze goed. Chansons, tango’s en Arabische liedjes met sierlijke krullen - het staat als een huis. (Maar oh, wat zijn de arrangementen voor het vierkoppig bandje smakeloos). Exotisch op een mysterieuze manier is de verschijning van Peter Rombouts, die danser en countertenor tegelijk is. Het is mooi om uit dat gespierde lijf zo'n hoge stem te horen komen met zijn vreemde mengeling van erotiek en weemoed. Alle ingrediënten voor een uitbundige show lagen op een presenteerblaadje. Een zingende Currie, een melancholieke countertenor, drie verleidelijke Sirenes (die pas na de show echt bij stem waren), een stuntelende illusionist en een magistrale tapdanser. Goochelaar Woedy Woet is een geboren brokkenpiloot. Hij hoeft maar te kijken naar een tafeltje of het zijgt kreunend in elkaar. Een stap en uit alle openingen van zijn kostuum stromen de balletjes. Hij laat een vuilnisbelt achter van slingers en bossen bloemen die allemaal op het verkeerde moment de kop opstaken. Hoogtepunt van de avond is echter het optreden van tapdanser Peter Kuit. Dans, muziek en magie komen in zijn lenige lichaam samen. Als een levende ritmebox glijdt hij over het podium, terwijl hij met zijn zolen, hakken en tenen een oneindige variëteit aan geluiden aan het hout onttrekt. Doffe klappen, licht muizegetrippel, nonchalante roffels, harde metalen tikken, subtiele plofjes, geheimzinnig geschuur en harde knallen - hij beschikt over een heel arsenaal aan klanken waarmee hij als een improviserend musicus zijn solo opbouwt. De ene keer lichtvoetig in een hoekje, dan weer als een stuiterbal over het podium zoevend. Kortom, Currie had goud in handen, maar liet het als water door haar vingers lopen. Het gebrek aan vaart, aan een choreografisch doordacht gebruik van de ruimte, aan prikkelende arrangementen en pikante teksten, in een woord het gebrek aan regie maakt Curries Kerstshow tot een saaie circusparade. + Twee dagen lang is het roemruchte Italian Instabile Orchestra in het Amsterdamse Bimhuis te gast. De bigband speelt nieuwe composities van Misha Mengelberg en Willem Breuker. Daarnaast spelen de Italianen in kleine formaties samen met Nederlandse musici. (7 en 8 januari) + Sopraan Jannie Pranger en pianiste Tomoko Mukaiyama brengen een sterk gestileerde versie van het klassieke drama Antigone, op muziek gezet door Frederic Rzewski. Muziektheater in optima forma geregisseerd door Jan Ritsema. Groningen (14/1), Nijmegen (15/1) en Middelburg (16/1).