Met nieuwe leider nog geen duidelijker koers

Als de pvda-leden eind deze week een nieuwe partijleider hebben gekozen, is het precies een maand geleden dat door de uitgelekte, kritische mail van het pvda-Kamerlid Frans Timmermans het interne verkiezingsproces op gang kwam.

Medium commentaar 11 12 nieuwe leider

Timmermans waarschuwde in zijn mail weliswaar voor de gevaren van een sp-light-koers van zijn partij, maar – of dat nu zijn bedoeling was of niet – zijn schrijven was de aanleiding om het nog maar weer een keer te hebben over het teleurstellende leiderschap van Job Cohen. Uiteindelijk trad Cohen vier dagen later af.

Koers én leiderschap zijn de twee problemen waar de pvda mee kampt. In de peilingen stonden de sociaal-democraten daardoor op een groot zetelverlies. De tweede partij in de Kamer zag met lede ogen aan hoe ze voorbij werd gestreefd door zowel sp en pvv als d66.

De media-aandacht die de door de nieuwe partijvoorzitter Hans Spekman geïntroduceerde leiderschapsverkiezingen hebben gegenereerd, heeft de pvda in de afgelopen weken weer wat doen opveren. Of die opleving blijvend is, is echter onzeker. Het zal mede van het optreden van de nieuwe leider afhangen of de verkiezings­carrousel vooral een mediatruc was. Te meer omdat de leiderschapsstrijd precies viel – al was dat overigens toeval – in de periode waarin het kabinet en gedoogpartner pvv hebben afgesproken mediastilte te betrachten over de onderhandelingen in het Catshuis over nieuwe bezuinigingen.

Wat in ieder geval blijft, is de interne strijd over de koers van de pvda. Het probleem dat Timmermans in zijn mail schetst, is met de keus van een nieuwe leider niet opgelost. De worsteling hoe de van oudsher brede volkspartij ook in deze tijd middenklasse en ­onderklasse met elkaar binnen één partij en één programma kan verbinden blijft. Alleen de oproep tot eerlijk delen, de introductie van een hoger belastingtarief voor de rijksten of een hoger salaris voor leraren ten koste van het inkomen van managers lost dat probleem niet op.

Dat was ook het teleurstellende aan de afgelopen verkiezings­debatten. Echt op het scherp van de snede werden ze niet gevoerd. De afspraak was dat de vijf kandidaten elkaar niet zouden aanvallen. Die afspraak ging blijkbaar uit van het idee dat elkaar aanvallen op de inhoud alleen had kunnen uitmonden in onverkwikkelijke aanvallen op de persoon. Dat is veelzeggend. Alleen de jongste van de vijf kandidaten, Martijn van Dam, durfde zaken aan te kaarten zoals wat te doen met de kloof op de arbeidsmarkt tussen insiders en outsiders en de vraag op te werpen of daarom het ontslagrecht niet onder de loep genomen moet worden.

Kiezers die hopen dat met een nieuwe leider de linkse samen­werking met niet alleen GroenLinks maar ook de sp een impuls krijgt, zouden wel eens bedrogen uit kunnen komen. Daarnaar gevraagd verkozen vier van de vijf kandidaten samenwerking met het cda boven die met de sp. Het oude, brede midden blijft trekken.

Dat lijkt consequent als je bedenkt dat de pvda zelf een brede middenpartij wil blijven. Maar het vergroot waarschijnlijk de aantrekkingskracht op de oude pvda-achterban die van de sp uitgaat. Bovendien biedt ook dat geen oplossing voor de worsteling met de inhoudelijke koers binnen de partij. Het is dromen over de vraag met wíe je wilt spelen, voordat je weet of je een volgende keer eigenlijk wel mee mág spelen.