Cornelis A. van Minnen, Amerika’s beroemdste Nederlander

Met twinkelende ogen

Cornelis A. van Minnen

Amerika’s beroemdste Nederlander:

Een biografie van Hendrik Willem van Loon

Boom, 447 blz., e 34,50

In tijden die als verwarrend worden er varen, omdat de oude en vertrouwde wereld zo snel verandert zijn breed opgezette overzichtswerken populair. In de jaren voor de Tweede Wereldoorlog pro fiteerde de in Nederland geboren Amerikaanse historicus Hendrik Willem van Loon hiervan. Geboren in 1882 in Rotterdam emigreerde hij op twintigjarige leeftijd naar de VS. Na een carrière als journalist en een geschiedenisstudie in Duitsland werd hij een veelschrijver die het ene na het andere historische werk publiceerde. Zijn doorbraak kwam in 1921, met het speciaal voor kinderen geschreven en door hem zelf geïllustreerde The Story of Mankind, dat ook door volwassenen werd verslonden.

In zijn oude vaderland werd hij heel wat zuiniger onthaald. De deftige Johan Huizinga beschouwde het boek als bagger en zelfs Van Loons impressionistische tekeningen – Huizinga was een aanhanger van de «klare lijn» – vond hij walgelijk. Dat de auteur in Amerika zoveel succes had zag hij als «een veeg teken voor onze beschaving».

De Amerikanen hadden grote waardering voor de ironische, vlotte en meeslepende verteltrant van Van Loon. Collega-best seller auteur Will Durant constateerde dat Van Loon schreef «met een pen in zijn ene hand, een potlood in zijn andere, en een twinkeling in zijn ogen». Zelf was hij van mening dat hij «de geschiedenis datgene wat Gershwin de muziek heeft gegeven». Hij raakte bevriend met H.L. Mencken, Albert Einstein, Sinclair Lewis en Franklin Delano Roosevelt, voor wiens campagnes hij zich inzette. Thomas Mann logeerde bij Van Loon, die ervoor zorgde dat de staten loze Duitse romancier, die officieel niet aan de president mocht worden voorgesteld, een onderhoud met Roosevelt kreeg.

In de jaren twintig schreef Van Loon ge regeld voor De Groene Amsterdammer. In deze bijdragen vroeg hij niet alleen aandacht voor misstanden in de VS, zoals de discriminatie van zwarten en het christelijk fundamentalisme, maar las hij, als een Charles Groenhuijsen avant la lettre, zijn vermoeide, oude, bekrompen en achterop rakende vaderland uitvoerig de les.

In Nederland kent tegenwoordig vrijwel niemand de naam Van Loon nog. Deze prettig geschreven biografie, door de directeur van het Roosevelt Study Center in Middelburg, is niet alleen een levensbeschrijving van deze man die in veel opzichten larger than life was, maar vormt tevens een interessante bijdrage aan de cultuurgeschiedenis van de eerste helft van de twintigste eeuw.