Met zijn vaccins koopt China politieke steun

Beijing – Dankzij het westerse vaccin-nationalisme draait de Chinese inentingsdiplomatie op volle toeren. De propagandamachine draait even hard mee. Voortdurend juicht de Chinese pers over de introductie van een Chinees vaccin in wéér een dankbaar ontwikkelingsland. De overwinningen in deze medisch-diplomatieke veldtocht gaan gepaard met een offensief tegen de vaccins van Pfizer en AstraZeneca. Ze zouden onveilig en zelfs levensgevaarlijk zijn. Kijk maar naar die bejaarden in Noorwegen en Duitsland die na hun inenting zijn overleden. De afwezigheid van causaal verband tussen hun vaccinatie en hun dood wordt verdoezeld.

De efficiency waarmee China zijn lockdowns en coronatests doorvoerde, heeft zich op het gebied van vaccinontwikkeling en vaccinatie beperkt tot beloftes. Alle zestien Chinese vaccins worden nog getest. Zeven ervan zitten in de derde en laatste testfase. Over de testresultaten is China weinig mededeelzaam. Alleen de vaccins van de firma’s Sinopharm en Sinovac zijn door de who goedgekeurd voor noodgebruik. Ze zijn goedkoop en makkelijk te bewaren, maar dat van Sinovac is weinig efficiënt, en de productie komt veel langzamer op gang dan beloofd. Eind januari waren 26 miljoen van de 1,4 miljard Chinezen gevaccineerd. En er moet ook geproduceerd worden voor het buitenland.

Xi Jinping heeft steeds gezegd dat China zijn vaccins voor een eerlijke prijs, of zelfs gratis, met de wereld zal delen. Het eerste land dat massaal begon in te enten met het Sinopharm-vaccin nog voordat het was goedgekeurd, waren de Verenigde Arabische Emiraten, gevolgd door Bahrein. Na de voorlopige goedkeuring in China werden deals gesloten met onder meer Pakistan, Indonesië, Turkije, Brazilië, Chili, de Filippijnen, Oekraïne, Marokko en Maleisië. Bijna dagelijks verzekert Xi een staatshoofd telefonisch van China’s coronasolidariteit. Hij heeft Afrika een lening van twee miljard dollar beloofd en Latijns-Amerika een miljard om Chinese vaccins te kunnen kopen.

De vaccindiplomatie is een essentieel onderdeel geworden van China’s mondiale strategie. Ze is vooral gericht op het arme deel van de wereld, dat immers voorlopig kan fluiten naar de vaccins van de rijke landen en zich graag door Beijing uit de nood laat helpen, ook al is de levering vertraagd. In ruil verwacht Xi iets wat het Westen hem niet te bieden heeft: politieke steun. Op de virtuele Davos-conferentie zei hij: ‘Ontwikkelingslanden eisen een grotere stem in het economische wereldbestuur.’ De goede verstaander voegt daaraan toe: ‘Onder Chinese leiding.’