Film: ‘The Hunt’

Metalen stilettohak

Crystal Creasey als Betty in The Hunt © Universal-Pictures

Een mooie ironie komt naar voren in de problemen rond de release van de Amerikaanse film The Hunt, een politieke satire met vleugjes horror waarin rijke mensen, de linkse elite, jacht maken op mensen uit het volk, genoemd Deplorables, of Sloebers. De film zou in september vorig jaar uitkomen, maar werd uitgesteld na twee schietpartijen in Amerika. De reden: het veelvuldige vuurwapengeweld in het verhaal. Ook bekritiseerde president Trump de film, omdat die ‘racistisch’ zou zijn, gemaakt om gewone Amerikanen, dat wil zeggen mensen die op hem stemmen, aan de kant te zetten. Maar toen The Hunt eindelijk de bioscopen bereikte, bleek dat de makers niet alleen effectief de draak steken met het vuurwapenfetisjisme, maar dat ze ook de identiteitspolitiek slim op de hak nemen.

Een van de personages, Betty (Crystal Creasey), wordt ook Snowball genoemd – ik verstond eerst ‘Snowflake’ – wat de belangrijkste inspiratiebron van de film duidelijk maakt: Animal Farm van George Orwell. Orwell schreef zijn novelle over een boerderij waar dieren in opstand komen tegen mensen – een allegorie van de Russische Revolutie en de opkomst van Stalin – terwijl de Tweede Wereldoorlog in volle gang was. Uitgevers aan beide kanten van het politieke spectrum weigerden het manuscript; Stalin was immers een bondgenoot van Groot-Brittannië. T.S. Eliot, verbonden aan Faber & Faber, schreef: ‘We zijn er niet van overtuigd dat dit de juiste invalshoek is waarmee de huidige politieke situatie dient de worden bekritiseerd.’

Zo bevinden regisseur Craig Zobel en scenarist Damon Lindelof (The Leftovers, Watchmen), zich in hetzelfde schuitje als Orwell. De tijd is ‘niet rijp’ voor hun verhaal, maar dezelfde tijd schreeuwt erom.

The Hunt begint in een vliegtuig waar de linkse elite champagne drinkt en kaviaar eet. Dan stormt een man de cabine binnen, schuimbekkend, blijkbaar half verdoofd. Een Sloeber. Angst bij de rijken. Een vrouw in mantelpakje reageert. Ze doorboort het oog van de ‘maniak’ met haar metalen stilettohak. En zegt: ‘Fucking redneck.’ Even later, de verhaalachtergrond: Sloebers worden ergens in het wild losgelaten, zodat de rijken op ze kunnen jagen. Onder hen bevindt zich Betty, of ‘Snowball’, die zich net zoals de gelijknamige varkens in Orwells verhaal verzet tegen de machthebbers. Dit biedt véél plezier voor de kijker – Betty blijkt ex-militair te zijn.

Het mooiste is de wijze waarop Lindelof, zoals we van hem gewend zijn, speelt met onze verwachtingen. Een oerconservatief blijkt lid van de linkse elite; een Sloeber blijkt de meest ruimdenkende. Maar naast het politieke element laat deze film vooral zien hoe fijn we het vinden als we in de omgekeerde wereld terechtkomen, net als in eerdere versies van het bekende verhaal waarin mensen de prooi van jagers zijn (The Most Dangerous Game, 1932, gebaseerd op een kort verhaal uit The Saturday Evening Post). Consequent komt de ironie naar boven: de vorm van de satire dwingt ons in de huid van een ander te kruipen, maar tegen juist dit idee verzet de elite zich met hand en tand in The Hunt.


Vanaf 21 mei te streamen (Pathé Thuis, AppleTV, PlayStation, Google Play en XBox),
daarna ook in de bioscoop