Annie Ernaux, 18 jaar, met haar moeder bij het café van haar ouders in Yvetot, Normandië. Mei 1959 © privéarchief Annie Ernaux

Het was tijdens een zomerkamp in 1958. Annie Ernaux was achttien jaar en behoorde tot de leiding. Ze was de jongste. En ze had nog nooit in haar leven een mannelijk geslachtsdeel gezien. Dat feit is belangrijk voor dit verhaal, want tijdens de bonte avond vroeg de kampleider, een jongen van 24, haar ten dans. Zoals hij haar even later avond mee naar buiten zou vragen, en vervolgens naar een schuur. Of sommeerde hij haar?

Ernaux, die de scène eerst aanstipt in het autobiografisch getinte Les années en later uitvoerig beschrijft in Mémoire de fille weet het niet meer precies. Wat ze wel wist was dat ze het allemaal deed. Ook toen ze merkte dat de jongen in het aardedonkere vertrek zijn kleren al had uitgedaan, en haar vroeg op haar knieën voor hem plaats te nemen. L’homme propose, la femme dispose, zo luidt een traditioneel Frans gezegde. De man stelt voor, de vrouw beschikt. Alleen zo voelde het voor Ernaux in het geheel niet, dat ze die autonomie had. Ze was gedwee en deed wat er van haar werd gevraagd, hoewel ze niet wilde.

Of ze het een verkrachting zou noemen wilde iemand een paar jaar geleden van haar weten. ‘In die tijd zou het nimmer een verkrachting kunnen heten’, zei Ernaux daarover in een interview met haar Duitse uitgever. ‘Want door mee te werken gaf ik toestemming.’ Hier opent zich een gevarenzone waaruit enkele jaren de #MeToo-beweging oprees. Want als je iets eigenlijk niet wil, en je kúnt nee zeggen, waarom doe je dat dan niet en ga je soms tóch mee? Het meisje dat Ernaux was betaalde een hoge prijs. Ze stopte met menstrueren, ontwikkelde achtereenvolgens anorexia en boulimia en verloor gedurende enkele jaren alle lust tot seks.

De revolutie van 1968 betekende een ommekeer en gaf vrouwen meer seksuele beschikkingsmacht. Ernaux steunde de feministische beweging van harte. Maar in de jaren negentig zag ze de beweging stagneren. ‘Jullie hebben alles al bereikt’, klonk het dan. Daarom was de #MeToo-beweging voor haar zoveel als een ‘Divine surprise’, een Godsgeschenk. ‘Ik herinner me dat ik eens in mijn dagboek schreef dat ik zou sterven zonder de revolutie van de vrouwen te hebben aanschouwd’, zei Ernaux twee jaar geleden in een interview op de Franse radiozender France Inter. Het is een ommekeer denkt ze. ‘Niet eerder heb ik wereldwijd onder vrouwen zo’n vastberadenheid waargenomen’.

‘In die tijd zou het nimmer een verkrachting kunnen heten. Want door mee te werken gaf ik toestemming’

De #MeToo-beweging begon in de Verenigde Staten met onthullingen over de filmproducent Harvey Weinstein, en breidde zich als een olievlek over de westerse wereld uit. Frankrijk zou Frankrijk niet zijn als er niet een eigen, fellere hashtag werd verzonnen voor het fenomeen. Zo ontstond #BalanceTonPorc (verlink je zwijn) – een vondst van de in New York residerende Franse journaliste Sandra Muller. Maar in feite was het debat over seks en ongelijke machtsverhoudingen in Frankrijk een paar jaar eerder al gestart na onthullingen over imf-topman Dominique Strauss-Kahn, beschuldigd van verkrachting van een kamermeisje in het Sofitel in New York (de zaak werd geschikt). Oudere verhalen, zoals van de actrice Tristane Banon, die in 2007, tijdens een babbelshow op televisie, stelde door ‘dsk’ aangerand te zijn, kwamen ineens in een ander daglicht te staan.

Net als in de VS kwam in Frankrijk de schijnwerper te staan op de culturele sector en de politiek. Tal van vrouwen traden naar voren met verhalen over aanrandingen en zelfs verkrachting door prominente politici, dirigenten, regisseurs, uitgevers en producenten – en passant onderstrepend hoe de kaarten in deze wereld zijn geschud. Recent kwam de iconische nieuwslezer Patrick Poivre d’Arvor (‘ppda’) in het nauw nadat meer dan twintig vrouwelijke (voormalig) medewerkers naar voren traden met beschuldigingen over misbruik en seksuele agressie.

De beweging maakte ook het debat mogelijk over de onaantastbare positie die kunstenaars in Frankrijk hebben. Regisseur Roman Polanski en schrijver Gabriel Matzneff vergrepen zich aan minderjarige meisjes, en werden daarbij jarenlang gedekt door prominente intellectuelen en bobo’s in de culturele wereld. Dat was pedofilie en strikt gesproken niet waar #MeToo over gaat. Tegelijk is het illustratief voor wat de beweging in Frankrijk aan duistere praktijken loswoelde. De zo befaamde galanterie française bleek in werkelijkheid vaak een dekmantel voor machtsmisbruik en uiteindelijk: mannelijke dominantie.

Verzet kwam er ook, en niet alleen van conservatieve filosofen als Alain Finkielkraut die een doorgeschoten zuiverheidsdenken en heksenjachten vreesde. Maar juist ook van prominente vrouwen als actrice Catherine Deneuve en schrijfster Catherine Millet. In een pamflet in Le Monde, dat de wereld overging, verdedigden zij samen met 98 andere vrouwen een ‘recht om lastig te vallen’.

Zij erkenden dat de affaire-Weinstein en #MeToo heilzame gevolgen hadden gehad, maar vonden dat de ‘bevrijding van het woord’ is omgeslagen in haar tegendeel. ‘Men wil bepalen wat we moeten denken en waar we onze mond over moeten houden. Wie zich daar niets van aantrekt is een verraadster, een medeplichtige.‘ De #MeToo-beweging zou meer gericht zijn op het slachten van veronderstelde varkens en te weinig op het weerbaar maken van vrouwen, meenden de opstellers. Verkrachting was een misdaad, daarover geen misverstand, maar zoals de vrijheid om te kwetsen noodzakelijk was voor de creatieve vrijheid verdedigden Deneuve c.s. een recht om lastig te vallen, een misplaatste versierpoging als ‘noodzakelijk voor de seksuele vrijheid’.

Het was tegen het revolutionaire been van Ernaux. Volgens haar was het een typische reactie van geprivilegieerde vrouwen, die geen idee hadden hoe het er op de werkvloer of in de metro werkelijk aan toeging. Het kon zijn dat #MeToo soms doorsloeg, dat het gebeurde dat mannen onterecht aan de schandpaal werden genageld, maar dat was het punt niet. Dat was volgens haar dat vrouwen ongewenst gedrag niet langer accepteerden. ‘Steeds maar weer dat gezeur of de beweging niet “te ver” gaat’, zo zei ze op France Inter, ‘laten we eerst die grens maar eens opzoeken.’