Eigen Volk #8: Alexander Gauland

‘Mevrouw Merkel is het slechtste dat Duitsland is overkomen’

Als leider van de rechts-nationalistische Alternative für Deutschland (AfD) vocht Alexander Gauland (76) vorig jaar een interne machtsstrijd uit en trok hij met 93 (later 92) partijgenoten de Bondsdag in. Sympathisanten van neonazi’s wil hij niet uit de partij zetten. ‘Dan zijn er mensen in de partij die zich eveneens buitengesloten voelen en dat kan niet.’

Het is druilerig in Potsdam, de voorstad van Berlijn waar ooit de Pruisische koningen hun paleizen hadden. Aan de voet van de Tiefer See ligt het Italiaanse restaurant Il Teatro. De zaak is een onderdeel van een havencomplex dat is opgeknapt en uit zijn as is herrezen, net als de stad na de val van de Muur. In het restaurant zit AfD-voorman Alexander Gauland achter een tafeltje. Voor hem staat een glaasje rosé. Ik tref hem omdat hij momenteel een van de gezichtsbepalende gezichten is in de Duitse politiek. Onder zijn leiding kwam er voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog een uiterst rechtse partij in het Duitse parlement. In Duitsland is de partij omstreden om haar standpunten over migratie, integratie en de islam.

Op 24 september vorig jaar schreef u geschiedenis door met uw partij in de Bondsdag te komen. U behaalde uit het niets dertien procent van de stemmen. Hoe heeft u de verkiezingsdag beleefd?
‘We zijn met z’n allen in een zaaltje gaan kijken naar de uitslagen en na afloop heb ik een korte rede gehouden. Meer niet. Dit soort avonden heb ik veel vaker meegemaakt, onder meer in Brandenburg en in Thüringen. Ik was niet uitzinnig, maar gewoon tevreden met het resultaat. Uit de peilingen bleek dat we in de Bondsdag zouden komen. Een score van tien procent was mijn doel en dat hebben we overtroffen. Of ik vrolijk was? Nee, ik was er blij om dat de campagne er eindelijk op zat.’

Op de verkiezingsavond was er buiten een grote tegendemonstratie aan de gang.
‘Dat deed en doet mij niets, want bij ons is dat erg normaal. Altijd als we als AfD ergens samenkomen, komen er antifascistische demonstranten opdagen. We krijgen dan politiebewaking en worden beschermd. Door die tegenbeweging zijn er zaaleigenaren die ons geen zaal willen geven en hoteliers die ons geen kamers willen verhuren. Bij u in Nederland zijn die toestanden misschien ongewoon, maar bij ons is dat wél gewoon. Intussen zijn wij daaraan gewend geraakt. Ik was op de verkiezingsavond dus ook niet verrast. En ook niet dat de media over de demonstratie van de Antifa berichtten.’

U vindt dat Duitse media uw partij tegenwerken. Waarom?
‘De Duitse media zijn zogezegd mainstream en hebben het motto: de politiek van de traditionele partijen is de juiste politiek en de AfD is iets slechts waar we eigenlijk niets mee van doen willen hebben. Toch hebben we tijdens de campagne mee mogen doen aan alle debatten en hebben we genoeg ruimte gekregen. Verder zijn er journalisten die in balans berichten en goed onderzoek doen, maar er zijn ook journalisten die hun handwerk niet goed verstaan en met valse feiten over de AfD berichten.’

Bent u trots op uw prestatie bij de verkiezingen?
‘Het draait niet om mij, maar om het feit dat er in de Bondsdag eindelijk een partij is die een specifiek deel van de Duitse bevolking vertegenwoordigt. Wij zijn anders dan de traditionele partijen en onze kiezers weten dat. Die hebben op ons gestemd omdat we sceptisch zijn over de euro, het minderhedenbeleid en de vluchtelingenpolitiek. De andere partijen hebben die thema’s nooit op onze wijze ingevlogen. Het is daarom erg mooi dat er nu in de Bondsdag een fractie is die een alternatief geluid laat horen.’

Het verkiezingsjaar 2017 begon echter rommelig voor uw partij. Partijprominent Björn Höcke kwam in opspraak omdat hij in een speech het Holocaustmonument in Berlijn een ‘monument van de schande’ had genoemd. Hoe kijkt u daarop terug?
‘Feitelijk had Höcke gelijk, want het ís een monument van de schande. Geen enkel land in de wereld heeft zo’n groot gedenkteken in zijn hoofdstad staan. Ik was het dus met zijn uitspraak eens en vond het niet nodig om hem om deze uitspraak uit de partij te weren.’

Uw toenmalige voorvrouw Frauke Petry wilde Höcke wél uit de partij zetten. Onder meer bleek dat hij in 2010 had meegedaan aan een demonstratie van neonazi’s.
‘Ik ben er voor dat alle stromingen in de AfD een plek hebben en wil niemand uitsluiten, en dus ook Björn Höcke niet. Als je hem weert, dan zijn er mensen in de partij die zich eveneens buitengesloten voelen en dat kan niet. Oud-leden van de neonazistische NPD en de extreem-rechtse DVU mogen bijvoorbeeld geen lid zijn van onze partij. Meneer Höcke is van geen van beide ooit lid geweest.’

U heeft aangegeven dat Höcke veel aanhangers heeft in de partij en dat u deze niet kwijt wil. De partij mag niet splitsen.
‘Er zijn schattingen dat het gaat om twintig of dertig procent van de kiezers en partijleden. Op televisie heb ik geschat dat het gaat over twintig procent. Meer wil ik daar nu niet over kwijt.’

In het voorjaar ontstond er een machtsstrijd binnen de top van de AfD. Voorvrouw Frauke Petry wilde de partij een minder extreem gezicht geven, zodat ze na de verkiezingen mogelijk zou kunnen samenwerken met de CDU van Merkel en met de liberale FDP. Op een partijcongres in Keulen redde Petry het niet en werd u met Alice Weidel als duolijsttrekkers gekozen. Hoe kijkt u daarop terug?
‘Mevrouw Petry dacht dat de AfD alleen om haar zou draaien, maar dat is niet het geval. Onze partij behoort niet tot één persoon en heeft niet slechts één gezicht. Binnen de AfD zijn er meerdere geluiden en dus ook meerdere leiders. Dat heeft mevrouw Petry nooit begrepen of willen begrijpen. De leden hebben haar daarop afgestraft. Nadat ik gekozen was, heb ik publiekelijk tegen haar gezegd: wij hebben u nodig.’

Petry bleef binnen boord en deed mee aan de campagne, maar daags na de Bondsdagverkiezingen vertrok zij uit uw fractie en partij.
‘Dit is haar eigen beslissing. Wij hebben inmiddels geen contact meer met mevrouw Petry.’

U kwam dus niet met 93, maar met 92 fractieleden in de Bondsdag. Hoe loopt het nu?
‘Onze fractie functioneert net als alle andere. We doen mee aan vergaderingen, houden onze toespraken en zijn overal present. Onze mensen kunnen spreken en meespelen.’

De AfD-fractie kwam naast die van de FDP te zitten en dat stuitte op weerstand, want de FDP-leiding wilde niet naast de AfD-fractie geplaatst worden. Hoe gaat het thans?
‘We zijn toch naast de FDP-fractie geplaatst en dat gaat wat mij betreft prima. Sommige FDP’ers ken ik en schud ik de hand, net als Bondsdagleden van de CDU en CSU die ik ken. Met de leden van de linkse partijen hebben we minder goed contact en met de fractie van Die Linke, de ex-communisten, hebben we helemaal geen contact.’

U bent er niet van onder de indruk, hè?
‘Nee. Het doet me allemaal weinig. Wij hebben slechts twee plenaire zittingen gehad en hebben ons, waar het kon, constructief opgesteld. We hebben tegen de verlenging van de Duitse aanwezigheid in Afghanistan en Mali gestemd en voor de deelname van het Duitse leger in Darfur en Zuid-Soedan. We voeren oppositie, maar als er zinvolle voorstellen zijn, dan krijgen die onze steun.’

De AfD is dus geen tegenpartij?
‘We zijn wel een tegenpartij omdat wij tegen de oude politiek zijn, maar we hoeven niet altijd ergens tegen te stemmen puur omdat wij “tegen” zouden zijn.’

Veertig jaar lang was u lid van de CDU van Angela Merkel. Uit onvrede over haar beleid bent u uit de partij vertrokken en heeft u de AfD opgericht. Spreekt u Merkel wel eens in de Bondsdag?
‘Het bondskanselierschap van mevrouw Merkel is het slechtste dat Duitsland overkomen is. Haar beleid voor de vluchtelingen en de euro is rampzalig gebleken. Ik ben geen vriend van haar. In de Bondsdag zit ze schuin tegenover mij. We hebben eventjes oogcontact gehad en elkaar met een knikje gegroet. Dat was het wat mij betreft.’

In Duitsland loopt de formatie voor een nieuwe regering nog. Momenteel wordt er aan een nieuwe grote coalitie van de christen-democratische CDU/CSU en de sociaal-democratische SPD gewerkt, de zogeheten GroKo. Hoe kijkt u daar tegenaan?
‘Eerst werd er onderhandeld over een Jamaica-coalitie van CDU/CSU, de FDP en Groenen. Dat is mislukt. Nu spreekt Merkel over een GroKo met de SPD. Voor ons maakt het allemaal niet zo veel uit, want beide coalities staan voor de oude politiek waar wij sowieso tegen zijn. Wij hebben ook geen mening over een minderheidsregering of mogelijke nieuwe verkiezingen. Maar welke regering er ook komt: die zullen wij beoordelen op haar daden.’


Deze blogreeks wordt mede mogelijk gemaakt door Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten.