De cnte, een linkse vakbond met vooral veel leden in agrarische deelstaten, demonstreert al ruim een jaar tegen de onderwijshervorming die president Enrique Peña Nieto iets meer dan een half jaar geleden door het congres joeg. Met de nieuwe wet herovert de federale overheid de controle over het onderwijs op de deelstaatregeringen, onder meer dankzij een centraal gecoördineerde, vierjaarlijkse evaluatie voor docenten. De leraren krijgen drie kansen om die heelhuids door te komen, anders worden ze ontslagen.

De kwaliteit van de Mexicaanse scholen is belabberd. Hoewel jaarlijks 6,2 procent van het nationaal inkomen in onderwijs wordt geïnvesteerd, precies het gemiddelde van de lidstaten van de oeso, bungelt het land op alle andere ranglijsten onderaan. Leerlingen en docenten presteren onder de maat, waardoor een hele generatie Mexicanen dreigt op te groeien zonder de minimale vaardigheden die nodig zijn om het land op te stuwen in de vaart der volkeren. Critici stellen echter dat de regering vooral probeert om de vakbonden in het gareel te brengen. De cnte is een bolwerk van marxistisch activisme; de leden, ongeveer vijftien procent van alle docenten in Mexico, brengen gemiddeld drie maanden per jaar stakend en demonstrerend door. De bond beschuldigt de regering ervan de evaluatie, die oneerlijk zou zijn voor docenten op het arme platteland met weinig middelen, te misbruiken om lastige linkse leraren uit te schakelen.

Het is maar de vraag of het zo ver gaat komen, want vooralsnog wil de hervorming niet echt van de grond komen. Vorige week riep de federale regering vier deelstaatregeringen op het matje, omdat ze geen aanstalten maakten om met de hervorming te beginnen. Het tentenkamp van de cnte zal daarom nog wel even blijven staan in Mexico-Stad, als de stakers deze week weer terugkomen van een welverdiende vakantie.