11 december 1912 - 3 september 2010

Michael Burn

De journalist en schrijver Michael Burn zorgde ervoor dat de Duitsers een flink pak slaag kregen. Daarna ging hij werken als Times-correspondent, poëet en mosselkweker.

HET ZIJN de ingrediënten van menig avonturenfilm: een knappe held met een chique leventje te midden van de Europese beau monde, die gevangen wordt genomen in een oud kasteel, bijna fatale verwondingen oploopt en het leven redt van de dochter van een oude geliefde. Voor de Engelse journalist, schrijver en oorlogsheld Michael ‘Micky’ Burn waren het geen filmfragmenten maar herinneringen. Zijn leven was verweven met de grote gebeurtenissen van de twintigste eeuw: de opkomst van het nazisme, de gevechten van de Tweede Wereldoorlog en het neerdalen van het IJzeren Gordijn.
Burn was een product van de Engelse upper class, geboren in het Londense Mayfair, de wijk van modehuizen, extravagante restaurants en herenclubs. Hij bezocht Winchester College en studeerde daarna aan New College, Oxford. De universiteit kon Burn weinig boeien. Na een jaar verruilde hij de bibliotheek voor de bars en de goktafels van Le Toquet, een Noord-Franse kustplaats waar de familie van zijn moeder een aantal luxehotels runde. Daarna werd hij journalist: eerst bij streekkrant The Gloucestershire Citizen, daarna als buitenlandverslaggever bij The Times. Hij onderhield een illustere vriendenkring: Bertrand Russell was zijn buurman, E.M. Forster een disgenoot, Guy Burgess, de dubbelspion die voor de Sovjet-Unie werkte, een minnaar. Zijn necrologen omschrijven Burn graag als devastatingly handsome.
Er zat een donker randje aan zijn leven. In de jaren dertig bezocht hij tweemaal nazi-Duitsland. In Neurenberg woonde Burn een partijbijeenkomst bij waar de antisemitische Neurenberger wetten werden afgekondigd. Hij ontmoette Hitler door hem te benaderen met de vleiende leugen dat de Britse jeugd zo onder de indruk was van de Führer. Hitler gaf hem een gesigneerde versie van Mein Kampf cadeau. Deze ervaringen deden Burn geloven dat het nationaal-socialisme een passende oplossing was voor de werkloosheid in Groot-Brittannië. Later keek hij met schaamte terug op zijn flirt met het nazisme. 'My mix of ignorance, blindness, and semi-criminal benevolence, let loose in a world of intensely organised falsehood, turned me into a dupe’, schreef hij in zijn autobiografie Turned Towards the Sun uit 2003.
Kort voor het uitbreken van de oorlog meldde hij zich als reservist bij het Engelse leger en daarna bij de speciale commandotroepen die de nazi’s moesten dwarsbomen. In 1942 vervulde Burn een sleutelrol in een van de meest beruchte aanvallen op Duitse oorlogsstellingen: Operation Chariot. Burn leidde een van de divisies die de gefortificeerde haven van Saint-Nazaire aan de Frans-Atlantische kust moest verwoesten. Het doel: voorkomen dat de Duitsers het grootste slagschip van hun vloot, de Tirpitz, konden inzetten. Saint-Nazaire was de enige haven die groot genoeg was om het schip kwijt te kunnen. Het aanvalsplan was driest. De Britse soldaten hadden de opdracht een torpedobootjager volgepakt met explosieven in de havenwering te rammen. Zelf moesten ze gauw overboord springen voordat de zaak explodeerde. De gelande soldaten zouden vervolgens de rest van het havenarsenaal en de bewapening onklaar kunnen maken. De missie slaagde, zij het met grote verliezen: 169 Britten kwamen om. Zelf raakte Burn gewond en werd hij krijgsgevangen genomen. Daarbij was een Duits camerateam aanwezig. Toen Burn begreep dat zijn arrestatie zou worden gebruikt als propagandamateriaal, maakte hij een V-teken met zijn linkerhand terwijl hij werd weggevoerd.
Zijn gevangenissen waren kamp Spangenburg en kamp Rothenberg. Daar ontving Burn onverwacht een hulppakket van het Rode Kruis. Afzender was barones Ella van Heemstra, moeder van toekomstig actrice Audrey Hepburn. Van Heemstra en Burn hadden elkaar in 1939 ontmoet en een korte affaire gehad. Later zag de barones bij toeval het Duitse journaal dat Burns gevangenneming toonde. De eigenaar van de bioscoop waar het fragment werd vertoond, knipte het beeld van Burn tussen de filmrol uit en met behulp van een vergroting kon het Rode Kruis de gevangen officier opsporen.
Later werd Burn overgeplaatst naar slot Colditz, een gevangenis voor geallieerde officieren beroemd om de vele ontsnappingspogingen die er ondernomen zijn. Burn koos ervoor zijn tijd in Colditz uit te zitten en deze nuttig te besteden: hij schreef er zijn eerste roman en maakte op afstand zijn studie aan Oxford af. Ook bediende hij een geheime radio op de zolder van het slot waarop de berichten over het verloop van de oorlog binnenkwamen: de landing in Normandië, het oversteken van de Rijn en het oprukken van de Amerikaanse troepen richting Berlijn. Het eerste wat hij deed na zijn vrijlating was de krant bellen om verslag te doen van zijn gevangenschap. Eenmaal vrij was het Burns beurt om zijn Hollandse weldoener te helpen. Tijdens de hongerwinter stuurde hij Ella van Heemstra voedselpakketten en sloffen sigaretten die konden worden verkocht op de zwarte markt. Van het geld kon de barones penicilline kopen om haar ernstig zieke dochter te genezen.
In de jaren na de oorlog verbleef Burn in Wenen, Boedapest en Belgrado als correspondent voor The Times. Na een riante erfenis nam hij ontslag bij de krant. De jaren vijftig besteedde hij aan het schrijven van poëzie en toneelstukken, in de jaren zestig begon hij een mosselkwekerij op communistische grondslag - hij had zijn leven lang een zwakte voor de idealen van Marx. Burn stond erop alle winsten uit te betalen aan zijn werknemers en het bedrijf ging al gauw op de fles.
De laatste fase van zijn leven bracht hij teruggetrokken door, wonend en schrijvend op het platteland van Wales. Enkele dagen na zijn overlijden maakte vriend en biograaf James Dorrian bekend dat Burn op 16 september zou worden begraven. Daarbij had Dorrian nog een nieuwtje: binnenkort zal hij het leven van Michael Burn verfilmen.