Mien, meld je!

De ene dode is de andere niet, al zijn de verschillen veel kleiner dan tussen ons levenden. Is daarmee het bestaan van de ziel bewezen?

Laten wij voor het gemak aannemen dat de ziel bij leven en welzijn een huisadres heeft. Wat kan het ons schelen dat menige grote geest in een nietig lichaam huist? Of andersom? Ons interesseert veeleer wat er met de geest gebeurt op het moment dat zijn huisadres is gesloopt. Sterft de geest mee met het stoffelijk overschot of gaat hij een eigen, autonoom leven leiden?
Dit raadsel leek mij de moeite van het onderzoeken waard. Aangezien ook mijn echtgenote academisch is geschoold - en wij toch geen kinderen hebben - besloten wij onze krachten te bundelen. Aangezien slechts een onzer het proefkonijn kon zijn ging de keuze tussen haar en mij.
Om een lang verhaal kort te maken: voor het eerst sinds jaren trok zij aan het kortste eind. Ik dompelde haar spartelende lichaam in het badwater. Nauwgezet bestudeerde ik de waterspiegel. Behalve een reeks bubbeltjes was er verder geen teken van leven. Daarmee acht ik bewezen dat de geest zich via de lucht beweegt en onzichtbaar is.
Nu bent u vanzelfsprekend geinteresseerd in de verdere lotgevallen van de geest van de overledene. Drie weken na de crematie zou ik dat verdorie zelf ook wel willen weten. Zij schijnt niet te beseffen dat haar dood zinloos is, nu zij niets van zich laat horen. Vandaar deze Open Brief. Mien, meld je, in naam van de wetenschap! De eerstkomende nachten ben ik thuis bereikbaar tussen twaalf en een.