Mijn kinderen leden honger’

TEL AVIV - ‘Dit is een vreselijke ervaring’, zegt John de Wolf, gewezen topvoetballer. ‘Ik ben door die club vernederd, daarom ben ik nu hier om mijn gelijk te krijgen. Maar ja, als je alles voorziet, is het leven geen klote meer aan. Ik wilde die mensen helpen, ze waren voor het eerst in hun geschiedenis naar de hoogste divisie gepromoveerd. Ze zeiden achter mij te staan, maar achteraf bleek dat ze met een mes achter me stonden, dat ze in mijn rug hebben gedouwd.’

John de Wolf is even terug in Israel. Voor een rechtszaak. Hij draagt voor de gelegenheid een zwart pak, een glimmend horloge, een oorbel met edelsteentjes, en zijn weelderige blonde haardos zit zoals gewoonlijk picobello. Hij is erg gespannen en voelt zich duidelijk niet op zijn gemak. Iedereen om hem heen spreekt Hebreeuws en schreeuwt, zoals dat gebruikelijk is in Israel.
De Wolf heeft een jaarsalaris van 250.000 gulden tegoed van de club Hapoel Ashkelon, waar hij eind augustus na één wedstrijd werd afgedankt. De grote vraag is of De Wolf destijds een maand- of een jaarcontract bij Hapoel Ashkelon heeft getekend. Het bestuur van het dit jaar naar de Israelische eredivisie gepromoveerde provincieclubje wilde graag een publiekstrekker en dacht die in De Wolf gevonden te hebben. De trainer van Hapoel, Menashe Uriel, zette De Wolf echter al na één wedstrijd buiten het elftal en zei dat De Wolf een jaar lang rondjes kon gaan lopen en dat hij nooit meer voor Hapoel zou spelen.
De Wolf had een in het Engels opgesteld jaarcontract getekend en wilde dat de club zich daar aan hield. Plotseling kwam het bestuur met een Hebreeuwstalig, tweede contract aanzetten, waarin stond dat De Wolf slechts voor een maand had getekend. De Wolf zegt dat zijn handtekening onder het tweede contract, dat hij nog nooit heeft gezien, vervalst is. De Wolf heeft Hapoel Ashkelon aangeklaagd bij de arbitragecommissie van de Israelische voetbalbond en de zaak dient nu in Tel Aviv, op de twaalfde verdieping van het Textielhuis.
HAPOEL ASHKELON wilde De Wolf dolgraag hebben. De leiding van de club zocht hem de afgelopen zomer op toen hij met eerste-divisieclub VVV op trainingskamp in Mierlo was. Hij had een goed seizoen achter de rug bij VVV, alle wedstrijden gespeeld. Hij was vierde geworden met de club, die op het laatste moment de play-offs niet haalde. De Wolf had graag nog twee jaar willen blijven bij VVV, maar de club kon hem geen goede aanbieding meer doen.
De Wolf: ‘Ik vond dat dom. Ik ben een sportman, elke aanbieding had ik gerespecteerd. Door het mislukken van Sport7 moest VVV meer goede spelers verkopen, met als gevolg dat ze nu vierde van onderen staan of zo, met gemiddeld 1500 toeschouwers per wedstrijd.
Mijn advocaat in Nederland, Van Kessel, heeft vervolgens met Hapoel onderhandeld en uiteindelijk zou ik een jaarcontract krijgen met een optie voor langer. Ik ben toen eerst maar eens gaan kijken in Ashkelon, samen met mijn zaakgelastigde, mijn vrouw en mijn twee jongens. Alles leek hier koek en ei, iedereen was uiterst vriendelijk. Het eten was goed en het weer perfect.’
JOEL LEEZER komt uit Aalten en woont sinds vier jaar in Tel Aviv. Hij is al zijn hele leven fan van Feyenoord en van John de Wolf, en was dolblij toen zijn oude idool naar Israel kwam. Leezer: 'Ik ben naar de eerste wedstrijd van John gegaan, tegen Macabbi Haifa, samen met mijn broer en andere uit Nederland afkomstige Feyenoord-fans. Wij hadden al gegrapt dat we maar snel moesten gaan kijken, want hoe kon een speler van dat kaliber bij zo'n flutclubje gaan spelen.
Johns vrouw zat op de tribune en ik heb contact met haar gezocht. Ik zei haar dat zij of John mij altijd konden bellen als er problemen waren met de club. Ikzelf ben importeur en distributeur van kruiden, ik weet hoe moeilijk het in Israel kan zijn als het om zaken gaat. Meteen de volgende dag werd ik al door John gebeld. Ik ben met mijn broer naar Ashkelon gegaan. De club kwam de afspraken niet na, John kreeg geen geld. Ik ken de Israelische mentaliteit, je kunt dan naar je poen fluiten.
We zijn vrienden geworden en ik heb Joel Goldberg, de beste advocaat in sportkwesties, voor John geregeld. John logeert deze week bij ons. Als hij in een hotel had geslapen, zou hij voortdurend worden geïntimideerd door de leiding van de club. Daar zitten allerlei maffiosi in. Bovendien is hij nu zonder zijn gezin teruggekomen naar Israel, dan zit je maar alleen in zo'n hotel, en zeker na zo'n vermoeiende strafzaak is dat erg deprimerend.’
TIJDENS DE ZITTING vuurt de advocaat van Hapoel onafgebroken vragen af op De Wolf: Waarom ben je destijds naar een Engelse tweede-divisieclub gegaan? Waarom in Nederland naar een eerste-divisieclub? Waarom heb je een schoen naar het hoofd van de trainer van Hapoel gegooid? Waarom heb je niet gezegd dat je een slechte conditie had toen je kwam? Waarom heb je nooit verteld dat je water in je knie had?
Volgens de advocaat van Hapoel Ashkelon wilde De Wolf zo graag spelen dat hij tegen journalisten van een Israelische krant gezegd zou hebben desnoods zelfs een maand gratis en voor niets te willen spelen. Als De Wolf de vertaling hoort, schiet hij in de lach en reageert vervolgens verontwaardigd: 'Ik ben een profvoetballer, een broodvoetballer, je denkt toch niet dat ik voor zo'n club als Ashkelon gratis ga spelen? Ik ben toch niet gek? Bovendien heeft iedere voetballer wel eens water in de knie, dat is een doodgewone sportblessure. Ik heb hier nooit de kans gekregen die ik verdiende. Ik kwam met een trainingsachterstand, had net drie weken vakantie achter de rug. Dat wist de club. Ik moest wennen aan het klimaat, spierkracht krijgen. Normaal heb je voor het nieuwe seizoen acht weken voorbereiding nodig. De andere jongens hadden al zeven weken voorbereiding achter de rug. Ik zou schoenen naar het hoofd van de trainer hebben gegooid. Als dat werkelijk zou zijn gebeurd, hadden ze mij direct mogen ontslaan. Ik heb, nadat ik gewisseld werd, een schoen naar het midden van de kleedkamer gegooid. Ik voelde mij vernederd toen ik gewisseld werd, de jongens van de club weten dat, en zij kunnen getuigen dat ik nooit die schoen naar het hoofd van de trainer heb gegooid. Ik werd gewisseld in de wedstrijd tegen Macabbi Haifa, een week eerder had ik een eigen goal gemaakt, dan mag ik toch teleurgesteld zijn? Nogmaals, ze mogen mij meteen ontslaan als ik een schoen naar het hoofd van een trainer gooi.’
DE ADVOCAAT van Hapoel gaat onbewogen door met zijn kruisverhoor, kijkt langdurig naar zijn aantekeningen en zegt dan triomfantelijk: 'Mijnheer John de Wolf, als u voor een jaar heeft getekend en dus een jaar zou blijven, waarom heeft u dan uw honden niet meegenomen? U wist dus dat u niet lang zou blijven, dat u na een maand weer terug zou gaan naar uw honden in Nederland.’
De Wolf wordt nu echt kwaad: 'Hoe kom je erbij dat ik mijn honden niet heb meegenomen, die zijn al die tijd hier geweest! Je moet je huiswerk beter doen.’
De Wolf later: 'Ik voelde me net een misdadiger, een moordenaar. Ik heb nog nooit een rechtszaak meegemaakt in mijn leven. Ik heb hier zelfs een paar keer aan de leugendetector gezeten. Tijdens het eerste onderzoek, dat was aangevraagd door de club, kwam er uit dat ik een pathologische leugenaar zou zijn. Maar de twee volgende onderzoeken bewezen dat ik twee keer de waarheid heb gesproken.
Het ergste is dat ik nooit een cent van de club heb gekregen. Ik kon mijn kinderen niets te eten geven, ze hadden honger, het was vreselijk. Op een dag heb ik vijfhonderd shekel van iemand van de club gekregen. Die had ik toen hard nodig. Zelfs al zou ik enkel een maandcontract hebben getekend, dan zou ik daar voor toch betaald moeten worden? Ja, ik heb een huis met een televisie van ze gekregen, en een auto. Maar toen de problemen ontstonden, kwam er een figuur van de club, een uiterst onprettig persoon, prompt mijn auto ophalen. Hij eiste de autosleutels op, en deed dat op een heel dreigende manier. Mijn kinderen werden doodsbang.’
CONNY MUS, correspondent voor RTL4 in Israel: 'In augustus ben ik een item gaan draaien over John. Hij had toen al problemen met die club. Ik heb hem een dag gevolgd, precies op de dag dat hij van het hotel naar zijn nieuwe appartement verhuisde. Hij had toen al gehoord dat de coach hem niet wilde hebben. Maar het bestuur had De Wolf nu eenmaal gekocht, hij moest een financiële trekker worden. Het eerste contract voor een jaar is in diezelfde periode getekend. Het tweede, omstreden contract heeft De Wolf volgens het bestuur getekend in het bijzijn van de manager van het hotel waar hij verbleef, die het vertaald heeft in het Engels. De manager van het hotel was in 1987 manager van Hapoel, hetgeen de zaak zeer verdacht maakt. Maar tijdens de strafzaak is duidelijk geworden dat de man geen woord Engels spreekt, dus hoe kan hij dat contract dan voor John hebben vertaald?
De Wolf: 'Dat tweede contract, waarin staat dat ik voor een maand bij de club blijf en dat ik nooit kend heb, was helemaal in het Hebreeuws, zonder een Engelse versie. Ik teken toch geen contract dat ik niet kan lezen? Bovendien had ik van het eerste, Engelse contract alle pagina’s getekend, en mijn vervalste handtekening stond in het tweede, Hebreeuwstalige contract alleen op de laatste pagina. Klopt dus ook niet.’
Mus, die bij de zaak aanwezig is als getuige: 'De leiding van Hapoel Ashkelon deugt van geen kant, is crimineel. De manager werd op een dag wakker en zag dat er verschillende kogelgaten in zijn auto zaten. Regelmatig zijn er vechtpartijen in het bestuur. Toen ik bij die club ging filmen, werd ik door de leiding geïntimideerd en bedreigd. De club wordt gerund door criminele families en doet zaken met een zeer dubieuze Russische voetbalmakelaar. De afgelopen tijd zijn er al vier buitenlandse voetballers zomaar op straat gezet, het is gewoon handelswaar. Het is de meeste louche club in Israel. Als John voor een andere club in Israel was gaan spelen, was er niets aan de hand geweest.’
JOEL LEEZER: 'Ik ben Feyenoord-fan en joods. Door al die trammelant was ik bang dat de naam van Israel in diskrediet zou worden gebracht, dat mensen zouden zeggen: zie je wel, het zijn de joden weer. Mede daarom wil ik dat de zaak goed wordt afgehandeld en dat duidelijk wordt dat het om een club met maffiapraktijken gaat.
Ik ben ook door de club geïntimideerd. Ze zeiden me dat ik moest oppassen, dat ik me niet met de affaire moest bemoeien. Ik heb lief en leed met John gedeeld, ik heb de tranen in zijn ogen zien staan toen hij zijn kinderen niet te eten kon geven. Dan gaat er wel wat door je heen, als je zo'n boomlange vent, mijn oude idool, zo op zijn ziel getrapt ziet worden.’
De Wolf tot slot, kort voor zijn vertrek naar Nederland: 'Ik ben blij dat ik direct terugvlieg. Al die negatieve publiciteit over mij vond ik vreselijk. Het ergste is nog dat ik niet goed genoeg zou zijn voor Ashkelon. Dat doet pijn, dat is vernederend. Ik had me zo graag aan het Israelische voetbalvolk willen laten zien. Ik ben nu 34, ik voel me goed, al ga ik ga niet van de daken lopen schreeuwen dat ik nog steeds het niveau uit mijn Feyenoord-tijd heb. Ze hebben mij gedumpt omdat er vijf buitenlanders waren aangetrokken; één mocht niet spelen en dat was ik. Ik had het geaccepteerd als ik tien wedstrijden slecht had gespeeld en dan ontslagen zou zijn. Maar niet na anderhalve wedstrijd. Ik wil voetballen en dan krijg ik al deze shit. Het kost zoveel tijd en energie.
Maar de waarheid zal naar boven komen. Op 22 december is het definitieve vonnis, dan moet ik nog een keer terugkomen naar Israel. Daarna hoop ik dat ik in de winterstop bij een club terecht kan. Ik ben met een paar dingetjes voor de toekomst bezig, zeker geen sigarenzaak. Ik zou wel tweede trainer van een elftal willen worden, of jeugdtrainer, maar zeker nooit hoofdtrainer. Dat laatste ambieer ik niet. Ik weet ook niet of ik daar geschikt voor ben. Ik train nu mijn zoontje bij de effies van SVV. Dat vind ik leuk. Ik ben altijd gek geweest van kinderen.’