Mijn oudenvandagenbanenplan

Vandaag wil ik het met u over de werkloosheid hebben, een probleem dat ons allen aangaat, of we nu tot de werkenden, werkzoekenden of werkontlopenden behoren. Er is van alles geprobeerd om het beschikbare werk eerlijk over de beroepsbevolking te verspreiden.

Tevergeefs. Wat er niet is, valt niet te verdelen. Deeltijdarbeid, Vut, arbeidstijdverkorting, allemaal pogingen die gedoemd waren te mislukken nog voor zij werden geintroduceerd.
En toch is er een even simpele als praktische oplossing. Mijn voorstel is om voortaan uitsluitend de ouderen te laten werken. Natuurlijk, dwingen kunnen we ze niet, maar gelukkig leven wij in een democratie, dus ze zullen - als minderheid - wel moeten. Stel je voor. Op slag zijn er banen genoeg voor iedere bejaarde, niet alleen omdat in deze categorie minder handen en hoofden beschikbaar zijn, maar ook omdat hun tempo lager ligt. Waar je gisteren met een jonge arbeidskracht volstond, heb je vandaag twee, soms zelfs drie oudjes nodig! Resultaat? Plenty jobs!
Het is een revolutionaire doorbraak, in de nobelste zin van het woord. Waren het immers niet onze vaders die de maatschappij zoals wij die kennen hebben geschapen? Waren het niet onze moeders die ons, werkloze jongeren, op de wereld hebben gebracht? Ons antwoord is het Oudenvandagenbanenplan. Wat is er mooier dan in het harnas te sterven? Wat is er mooier dan je dood te werken voor je kinderen? Het is uit met het geknies in die bejaardenflats in Benidorm, ver van je familie. Oma, opa, we laten jullie niet verschimmelen. Jullie hadden gelijk: arbeid adelt. Kom terug! Jullie zijn voorbestemd om aan de lopende band heen te gaan, als frontsoldaten van onze welvaartsstaat. En de begrafenis, inclusief het grafmonument, is vanzelfsprekend op kosten van de staat.