Maar toen moest ik opeens denken aan de verschrikkingen in ex-Joegoslavie, zodat ik inzag dat wraak werkelijk nergens toe leidt. Dus liet ik die spin voor wat hij was en ging op zoek naar een muis. Mijn vrouw verdomde het om mee te doen, zelfs nadat ik haar het belang van mijn initiatief had ontvouwd. Dan maar zonder haar, besloot ik. Inmiddels zijn wij - m'n muisje en ik - onafscheidelijk. Ik heb haar Jantine genoemd, zoals ik m'n vrouw muisje noemde toen ik nog verliefd op haar was. Trouwens, ik was de angst inmiddels bijna de baas. Door mij als een tachtigjarige te schminken heb ik mijn angst voor de ouderdom overwonnen, de angst voor armoede verdreef ik door mij als een bedelaar te vermommen. De beslissende slag tegen de angst heb ik vannacht op het kerkhof geleverd. Vlak na middernacht leek ik hem op de knieen te hebben. Hij smeekte om genade en fluisterde: ‘Vergis je niet, gelukkig zijn is helemaal niet leuk, het is de angst die jullie mensen bindt.’