Militairen martelen in de favelas

Rio de Janeiro – ‘Heb je niet gehoord wat er gebeurd is?’ fluistert Angela. In de sloppenwijk bij mijn huis heerst een vreemde rust. Barretjes gesloten, geen muziek.

Het dochtertje van Angela maakt een gebaar met haar hand over haar keel. ‘Ze hebben Rafael vermoord.’ Wat? Onthoofd? Het kind knikt ja met een wijs gezichtje. ‘Door de bope’, zegt Angela.

Angela vertelt hoe de speciale eenheid van de militaire politie (bope) gisteren een inval deed. Het rommelt al maanden in de wijk. Schietpartijen tussen de jongens van drugsbaas Rafael en de zogeheten Pacificatie Politie (upp), een soort gemilitariseerde wijkpolitie die in veertig van de duizend favelas van Rio hun tenten hebben opgeslagen: de upp’s waren hét wondermiddel voor rustige Olympische Spelen.

Bewapend als special forces in Afghanistan stappen ze door de steegjes. Zo ‘bemiddelen’ ze bij burenruzies en bepalen ze of er een potje voetbal of een kinder- of dansfeest mag plaatsvinden. Als militaire dictators regeren ze de sloppenwijk, op dezelfde manier waarop de drugsbaas en zijn ‘soldaten’ dat voor hun komst deden.

Al snel kwam ook de corruptie. In ruil voor een deel van de opbrengst knepen de upp-agenten een oogje dicht bij de detailhandel in marihuana en cocaïne. Een tijd lang leek het te werken. De drugsbazen droegen niet meer opzichtig hun wapens, en ook de politie maakte minder doden. Maar het plan viel in duigen, omdat de agenten steeds hogere percentages eisten. ‘Het was hierachter, waar mijn zus woont’, vertelt Angela. De mannen van de bope met hun doodshoofd-embleem bestormden haar huis en zetten de toegang naar het bos af. ‘Kop houden, of we maken jullie ook af’, bedreigden ze toehollende familieleden. Angela zucht: ‘Dan weet je wel wat er in het bos gebeurt. In totaal drie jongens, waaronder Rafael.’ Ze maakt hetzelfde gebaar als haar dochtertje. ‘Maar eerst nog gemarteld.’ Hoe ze dat weet? ‘We vonden bebloede plastic zakken…’ Verstikking door een plastic zak over je hoofd is een beproefde martelmethode van de militaire politie.

Even later vertrekken bussen vol sloppenwijkbewoners naar het kerkhof om ‘hun’ jongens de laatste eer te bewijzen. Ze rijden door een haag agenten met doodshoofden op hun mouw. Vrijdagavond knetteren machinegeweren om me heen. De drugsbazen hebben de containers van de upp doorzeefd. En voor de deur staan twee bussen in brand.