Mindere god met maniertjes

L.H. Wiener, Shanghai Massage, euro 19,95
L.H. Wiener, Shanghai Massage, euro 15,95 (e-book)

Het eerste oordeel over Shanghai Massage: een slordig boek. Op pagina 32: ‘Schrijven is een kwestie van tijd, net zoals leven en dood, die door de schrijver verenigd worden tot één dimensie. Wat ik hiermee precies bedoel weet ik niet, maar het klinkt goed zo en ik laat het dus maar staan.’ Een soortgelijke formulering op pagina 185: 'Ik begrijp muziek niet; het is de muziek die mij begrijpt, maar wat ik daarmee bedoel begrijp ik ook niet.’ Wat hiermee precies bedoeld wordt begrijp ik ook niet, ik begrijp alleen dat het beter was geweest als zulke zinnen eruit waren gelaten, het had ons in ieder geval een hoop opzichtig geëtaleerde gemakzucht bespaard.
Slordig zijn ook de talloze uitgesponnen zinnen als deze: 'Toen ik deze eenzame tennisser passeerde, wilde ik hem in zijn bewegingen niet hinderen en zette daartoe een omtrekkende beweging in, terwijl hij juist zijn spel staakte en de bal opving om mij vrije doorgang te verlenen.’ Bewaar wat bijvoeglijke naamwoorden voor de rest van het boek, zou ik willen adviseren.
Een meer bezonken oordeel: dit is een pathetisch boek. Net als het eerdere werk van L.H. Wiener is Shanghai Massage een boekstaving van een misantropisch levensgevoel, met zelfverheerlijkend pathos uitgevent door een literaire afsplitsing van de schrijver, in dit geval ene Ezra Berger. Deze drankzuchtige oud-leraar Engels en schrijver is verlaten door zijn veel jongere vriendin, Quirina T. Een breuk die door beide partijen al bij aanvang van de relatie is geaccepteerd en ingecalculeerd (zij begint net aan haar leven, hij heeft het zijne er al op zitten).
Wiener gebruikt dit nauwelijks verhulde autobiografische gegeven om een treurig geval van een mens te beschrijven die troost zoekt in porno en alcohol, en duiding in het schrijven. Wat het moet opleveren is een zwartgerand portret van een tot mislukken gedoemde relatie. Lukt dit? Nee, en daar zijn enkele heldere verklaringen voor. Allereerst een stijl die te vaak van een onbeheerste studentikoze flauwigheid is. Over schaamhaar: ’(…) een zwart schaamtebos, waar een hele junglecommando van Ronnie Brunswijk gemakkelijk in zou verdwalen…’ Over het godsbesef van katten: 'En god zal ze een worst wezen, als die maar eetbaar is.’ Een vliegtuig: 'Vliegmachine’. Alcohol: 'Koningswater’.
En dan heeft de verteller ook nog de onhebbelijkheid om de vertelling te onderbreken met geintjes als: ’(…) met veel Gusto wilde ik schrijven, maar dat woord wordt door mijn computer met rood onderkringeld. Pardon? Even in de driedubbele Dikke Van Dale nakijken, ben zo terug. En ja hoor, daar staat het, op pagina 1277: (…)’ Of hij excuseert zich in bijzinnetjes die gericht zijn aan zijn schrijversvriend A.L. Snijders voor woordspelingen. Als je in je tekst je excuses wilt aanbieden voor meligheden, biedt ze dan tenminste aan de lezer aan.
Maar het boek lijdt niet alleen onder de gebrekkige technische stilistische aspecten, het slaagt er ook niet in de karakters te verdiepen. Neem nu Quirina. Hoe ouder en smoezeliger de man, lijkt het wel, hoe groter zijn hunkering naar en kwelling door een Lolita-esk jong ding, zo'n brutaal en tartend schoolmeisje barstensvol seksuele suggestie. Vaak pakt de uitwerking van zo'n meisje uit in een platte mannenfantasie: een meisje van gemiddelde intelligentie met een immer beschikbare kut. Zo een is ook deze Quirina. In de kattenbelletjes die ze Ezra mailt, en uit het beeld dat er van haar opdoemt in Ezra’s overpeinzingen, komt een vlak meisje naar voren dat eigenlijk alleen kan bogen op een fantastische kont. Het maakt het gejeremieer over haar door Ezra nauwelijks navolgbaar. Ze maakt geen moment aannemelijk dat ze het waard is om weer eens naar de fles te grijpen of om tot een levensverachtende contemplatie te komen. Ze doen dan ook nergens echt pijn, de zwartgallige gedachtebraaksels van Ezra. Daar helpt het citeren van defaitistische literatuur weinig aan. Evenmin als een dramatisch bedoelde rangschikking van woorden:

'Raphael Nadal.
Tennis is kunst.
Voetbal is oorlog.
Liefde is zelfmoord.
Schrijven is gelul.
Bushmills, the best there is.
Morgen meer.’

Het is een en al pose. De verteller heeft zich een zelfdestructieve houding aangemeten, uit een verkeerd begrepen idee van schrijverschap. Veel drinken, cynicusje spelen, jezelf bij iedereen onmogelijk maken, misogynie met vrouwenverering samen laten vallen - dan komt het helemaal goed met dat literaire werk van je. Het is te gekunsteld, te veel een houding zoals je die zou verwachten bij een beginneling die een schrijver wil zijn zoals Charles Bukowski dat was. In het geval van dit boek schemert niet alleen een schrijverspose door, maar ook een funeste invloed van Reve en Hermans. Te veel plechtig geformuleerde lolligheid, te veel moeizame pogingen tot scheppend nihilisme. Maar het blijft het werk van een mindere god die in maniertjes blijft steken. Halverwege het boek meldt Ezra, die L.H. Wiener is, dat hij er trots op is nooit volwassen te zijn geworden en ook niet van plan is het ooit te worden. Een sympathieke gedachte, maar als het leidt tot dit onvolgroeide proza, dan kan het geen kwaad om deze houding eens in heroverweging te nemen.

L.H. WIENER
SHANGHAI MASSAGE
Contact, 276 blz., € 19,95