Minister Bot: humane gevangenis een «absolute must»

KANDAHAR – Vorige week berichtte De Groene Amsterdammer over de Omomi Mahbas-gevangenis in Kandahar. Daar zullen door Nederlandse troepen gemaakte gevangenen worden ondergebracht na overdracht aan de Afghaanse autoriteiten.

Volgens internationale regelgeving mag Nederland geen gevangenen overdragen aan een land dat hun rechten schendt. Minister Kamp van Defensie meldde eerder dat Nederland met Canada «een vleugel van de gevangenis gaat organiseren». De gevangeniscommandant wist van niets, de Afghaanse onafhankelijke mensenrechtencommissie aihrc evenmin. Bij een bezoek aan de gevangenis bleek dat in cellen van zes vierkante meter soms drie gevangenen huizen. De hygiënische omstandigheden zijn abominabel. De gevangenen klagen over oneerlijke processen en de gevangeniscommandant gaf toe dat de geheime politie soms gevangenen ophaalt. «Wij weten niet wat er met ze gebeurt», zei hij.

In Kaboel sprak De Groene Amsterdammer met minister Bot van Buitenlandse Zaken en ambassadeur Martin de la Bey. Bot stelde dat het een «absolute must» is dat de gevangenen ook na hun overdracht worden vastgehouden onder humane omstandigheden. Volgens Bot is overleg gaande met Canada om een vleugel van de gevangenis «goed te organiseren en gevangenispersoneel op te leiden». Er was volgens hem sprake van «herinrichting» van een bestaand deel van de gevangenis. Minister Bot wees tevens op het Memorandum of Understanding dat Nederland sloot met Afghanistan. Daarin staat onder meer dat overgedragen gevangenen zijn uitgesloten van de doodstraf. «Naleving is van belang», aldus de minister.

Op de vraag wat het lot zal zijn van gedetineerden in de overige vleugels, antwoordde ambassadeur De la Bey dat er vanuit Kaboel, met steun van Nederland, wordt gewerkt aan een programma om de omstandigheden in provinciale gevangenissen te verbeteren.

In Kandahar zei Abdul Quadar Noorzai, directeur van de aihrc aldaar, tegen De Groene Amsterdammer dat de gevangenis weliswaar officieel valt onder het ministerie van Justitie in Kaboel, maar dat Nederland «niets kan doen in de gevangenis» zonder medewerking van de gouverneur van Kandahar, Asadullah Khalid. Volgens Noorzai houdt de gouverneur privé-gevangenen vast in het gouvernementele kantoor in Kandahar, in het hoofdbureau van politie en in het gebouw van de Afghaanse veiligheidsdienst. «Hun arrestatie werd nergens gemeld en zij worden mishandeld», aldus Noorzai. «Ze worden opgehangen aan hun handen en geslagen. Wij hebben daar bewijzen van. Als de Nederlandse regering wil dat de behandeling van gevangenen verbetert, zal deze gouverneur moeten verdwijnen.»