Mirjam Noorduijn

Els Beerten, Allemaal willen we de hemel, 15 + (Querido) : Een groots opgezette roman over de Tweede Wereldoorlog en de jaren daarna, beurtelings verteld vanuit het perspectief van vier Vlaamse jongeren. Deze verschillende aangrijpende levensverhalen vervlecht Beerten tot een, letterlijk en figuurlijk, omvangrijke spannende vertelling, waarin de scheidslijn tussen goed en slecht, verzet en verraad heel dun blijkt en de hemel heel lelijk. En toch wil iedereen die hemel op aarde. Tegen beter weten in: een groot thema, onvergetelijk en verrassend uitgewerkt.

Mikael Engström, Op het randje, uit het Zweeds vertaald doro Bernadette Custers, 12+ (Van Goor): Humor, tragedie, en spannende jongensavonturen wisselen elkaar treffend af in verhaal over de moederloze Mik (12), die, dankzij zijn drankzuchtige vader, heen en weer wordt geslingerd tussen Stockholm, kinderbescherming, een pleeggezin en het Zweedse hoge noorden waar zijn tante woont. Mooi zoals Engström de poëzie van het Zweedse platteland laat zingen. En knap zoals hij Miks zielverterende verlangen van zichzelf weg te vluchten verbeeldt en verwoordt, met indringende verwijzingen naar Astrid Lindgrens De gebroeders Leeuwenhart. Op het randje zit voor altijd in je hoofd.

Meg Rosoff, What I was, vertaald als Wat ik was door Jenny de Jonge (Moon): Een indringende herinnering van een bijna honderdjarige aan een werkelijk gebeurd verleden dat tussen de regels door voortdurend wordt geschaduwd door een verleden van gemiste kansen. Wachtend op zijn einde, denkt de oude aan ‘het begin’, toen hij als zestienjarige kostschooljongen aan Engelands mistroostige oostkust de mysterieuze, in een vissershut wonende eenling Finn ontmoette en zijn leven hem ontglipte. Wat ik was is ondanks Rosoffs karakteristiek ironische ondertoon een uiterst weemoedig verhaal over bevrijding en obsessie tegelijk, waarin geluk, gevaar en het noodlot beangstigend dicht bij elkaar liggen.