Misleiding?

Vorige week donderdag besloot de ECB de rente die zij aan banken berekent niet te verhogen. Een beslissing waarop met spanning werd gewacht.

De ECB-rente staat al lang erg laag (0,05 procent) en de roep om ‘normalisatie’ – zoals het terugdraaien van de 0,10 procent verlaging uit september 2014 – wordt steeds sterker. In plaats daarvan, zeggen de critici, heeft de ECB nu geen ruimte gecreëerd om de rente te verlagen bij echte tegenslag, die onvermijdelijk een keer komt. Denk aan China, Oekraïne, de eurocrisis en andere al dan niet slapende vulkanen waarop we dit jaar weer voorzichtig zijn gaan dansen. Een week eerder zou de Amerikaanse Federal Reserve de rente gaan verhogen – en dat zou voor het eerst in tien jaar zijn – maar deed het toen toch weer niet. Een zucht van verlichting dan wel frustratie ging door economenland. Je voelt de spanning.

Ik zou willen dat er wat minder aandacht voor is. Het media- en Twitter-circus rond rentewijzigingen berust op een misverstand, en leidt bovendien af van maatregelen die wel zouden kunnen helpen. Het achterliggende idee bij al die aandacht is dat rente de prijs van geld is: goedkoper geld zal bedrijven en huishoudens meer doen lenen en uitgeven, zodat we eindelijk weer groei krijgen. De ECB kan de economie zo dus een zetje geven. De denkfout hierin is dat geld dan als een goed gezien wordt, iets wat geproduceerd moet worden. Wordt hout goedkoper, dan zullen meubelfabrikanten goedkopere tafels kunnen aanbieden, en willen wij dus meer tafels kopen. Maar banken hebben leningen van de centrale bank niet nodig om zelf geld te creëren; dat doen ze gewoon zelf, samen met de bedrijven en huishoudens die willen lenen. De ECB verstrekt dus geen ‘inputs’ die goedkoper worden, en dus meer gebruikt gaan worden. Banken lenen aan de economie als ze dat kunnen, en als de leners het willen.

De denkfout is dat geld als een goed gezien wordt

Voor de theorie (want dat is het dus) van lage rente als groei- en inflatiestimulans is dan ook geen empirische ondersteuning, voorzover ik weet. Gek genoeg is naar deze veronderstelde relatie zelfs erg weinig onderzoek gedaan. De argeloze lezer zal zich nu afvragen: waarom geloven we er dan zo hard in? We hebben hier een mooi voorbeeld van de kracht van het paradigma. Als je – zoals de meeste economen – eenmaal gelooft dat alles in de economie als een marktproces van vraag en aanbod opgevat moet worden (dus ook geld), dan ben je altijd op zoek naar een prijsmechanisme dat vraag en aanbod in evenwicht brengt. Dat moet dan dus de rente wel zijn, en daarna is het simpel. En helaas fout.

We stuiten hier op een breder verschijnsel. Wijlen John Kenneth Galbraith had er een mooie term voor: ‘innocent frauds’ – onschuldige misleiding – waarover hij in 2004 een boek schreef. Galbraith legde uit ‘hoe economische en politieke systemen hun eigen versie van de waarheid cultiveren’. En nergens, gaat hij verder, neemt dit zo’n omvang aan als in de financiële wereld. Een waas van misverstanden beneemt ons het zicht op financiële systemen en monetair beleid. Steeds weer worden we van feit naar fictie geleid. Het feit dat banken geld ‘uit het niets’ scheppen werd vervangen door de fictie dat ze uw spaargeld aan iemand anders uitlenen. Het feit dat banken met hun financiële innovaties enorme risico’s veroorzaken, werd vervangen door de fictie dat banken slechts bestaande risico’s verkleinden.

Ik weet niet wat het is met de geldwereld dat innocent frauds er epidemische vormen aannemen. Werk aan de winkel voor academici en centrale bankiers om misverstanden weg te nemen, zodat de discussie zuiver gevoerd kan worden. Dan zal blijken dat er nuttiger dingen zijn dan ons bekreunen over een tiende procent. Denk bijvoorbeeld aan de innocent frauds dat groei van overheidsschuld niet voor de broodnodige investeringen mag worden ingezet, terwijl de desastreuze groei van private schuld als natuurverschijnsel wordt geaccepteerd. Hier ligt een belangrijke reden van de voorgaande stagnatie in de eurozone. Of het idee dat we in Europa allemaal een exportoverschot kunnen hebben, en dus moeten nastreven. Deze misverstanden – misleidingen? – schreeuwen om correctie. Ik wacht dus met spanning op een innocent frauds persconferentie van Mario Draghi, om het journaille te verlichten. Want volgens mij weet hij het ook wel.