Media

Mockus’ billen & Rutte’s testosteron

In de eerste column van dit jaar had ik het over een boekje dat verscheen aan het begin van het televisietijdperk en dat vertelde over een wereld waarin niet woorden maar beelden bepalend zijn: The Image van Daniel Boorstin. We hebben hiervan in de afgelopen weken weer mooie staaltjes te zien gekregen: politiek als media-event.
Om maar even ver weg te beginnen, in Colombia en bij de man die wellicht de volgende president van het land wordt, de nog zo goed als onbekende Antanas Mockus. Als je hem hoort of ziet praten, denk je: dat kan nooit wat worden, die krijgt geen stem, wat een saaierik. Maar Mockus heeft ook een andere kant en die kent elke Colombiaan: hij is behalve serieus en filosoof ook zo gek als een deur. Zo begon zijn politieke carrière toen hij begin jaren negentig als rector van de Nationale Universiteit van het land voor een zaal joelende studenten zijn broek liet zakken, zich omdraaide en zich meedogenloos in de anus liet kijken – zie Youtube, Mockus mostrando el culo. De zaal werd stil, de daad kostte hem zijn baan maar speelde de man ook in de kijker. Twee jaar later werd hij burgemeester van Bógota.
In die functie kwam Mockus eveneens met tal van plannen die op het eerste gezicht geen andere kwalificatie dan dwaas verdienen. Zo huurde hij meer dan vierhonderd mimespelers voor dagelijks optreden in het verkeer. Boetes, zo wist men uit ervaring, hadden op de agressieve Colombianen geen effect. Mockus probeerde het op zijn manier en gaf de spelers de opdracht agressievelingen publiekelijk belachelijk te maken. Het schijnt geholpen te hebben. Ook trouwde hij in een circus op een olifant, ging wel eens op de fiets naar zijn werk (Colombia is Nederland niet), bewoog zich in een Batman-pak door de stad en liet zich in een spotje voor waterbesparing onder de douche filmen. In de aanloop naar de presidentsverkiezingen van afgelopen zondag maakten Mockus’ tegenstanders natuurlijk uitvoerig gebruik van deze ‘gekkigheden’. Tevergeefs. Het publiek aanbidt hem en neemt zijn oeverloos gepraat op de koop toe. Dit wordt vereenvoudigd doordat Mockus ook weer in staat blijkt zijn woordenbrij via moderne media in ultrakorte statements en beelden te vertalen. Zo is hij wereldwijd een van de meest succesvolle gebruikers van Facebook: meer dan zevenhonderdduizend volgers. Ook van Twitter en de mob(iele telefoon) maakt hij intensief gebruik. Kortom, zoals het er nu naar uitziet maakt hij in de tweede ronde een behoorlijke kans op het Colombiaanse presidentschap.
In Nederland spelen op laaglands niveau vergelijkbare zaken. Het zal weinigen ontgaan zijn dat de analyses van de politieke debatten minstens zozeer over lichaamstaal en andere bijkomstigheden als over inhoud gaan. Zo zal het vast waar zijn dat het succes van Rutte te maken heeft met de verrechtsing van de samenleving. Maar ik geloof niet dat hier de belangrijkste oorzaak van dat succes ligt, net zo min als ik denk dat de zich aftekenende deconfiture van Cohen voornamelijk tot zijn ideeën te herleiden is. Het ligt veel simpeler. Cohen kan het spel niet spelen, Rutte wel. Híj geniet ervan. Borst vooruit, oneliners, scoren. Dat werkt, zoals de bedachtzaamheid van Cohen niet werkt.
Zo begon deze zijn eerste statement in het Carré-debat, met een nauwelijks opvallend ‘dank u wel’ – dit voor het woord dat hem gegeven werd. Het is veelzeggend. Hier spreekt een man die eerst en vooral een gentleman is, geen straatvechter. Rutte is dat wel, zoals Halsema dat op haar manier eveneens is. Zij spelen het spel zoals het tegenwoordig gespeeld moet worden: mediageniek. Vandaar dat zij volgens het onderzoek van Synovate het Carré-debat ook gewonnen zouden hebben. Dat Rutte dit met overgrote meerderheid deed komt niet doordat hij meer uitstraling heeft maar doordat meer mensen voor de VVD dan voor GroenLinks voelen. Want met alleen gebaren, testosteron en straatvechterij kom je er niet, gelukkig maar. Maar met alleen ideeën kom je nog minder ver. Vraag het Mockus.
Ondertussen is de hamvraag wat het verband is tussen campagnevoeren en besturen. De PvdA probeert van de huidige nood een deugd te maken door te stellen dat Cohen het ver zal schoppen omdat de kiezer begrijpt dat vertoon en vakmanschap verschillende zaken zijn. Dat is zeker waar, maar de kiezer zal zich er vermoedelijk weinig van aantrekken. Bovendien weet de kiezer niet hoe de verhouding tussen de twee ligt. En dus kan hij nauwelijks anders dan de beste debater of performer kiezen en hopen dat deze ook de beste politicus zal blijken te zijn. Hiermee ligt de conclusie voor de hand: Boorstin had gelijk en dat is wellicht een drama voor de politiek – in ieder geval is het dat voor Cohen. Als hij iets meer was als Mockus en Nederland een beetje Colombia had ik nog wel een suggestie. Maar nu? Duimen, veel verder kom ik niet.