Opheffer

Mohammed B. was rustig

Het vervelende is dat iedereen de zelfmoordende Palestijn wel begrijpt. Hij gebruikt het wapen van de arme man. Hany Abbu Assad, de regisseur van Paradise Now, heeft het me een keer uitgelegd: «Wij, Palestijnen, hebben een rotleven, dus jij, jood, moet ook een rotleven hebben.» Dat de ander een rotleven heeft, is een offer waard. De hel, dat zijn de anderen, zei Sartre al.
Het offer – een mensenleven – heeft een diepe tragiek; het volkomen waardeloos maken van je eigen leven. De «ik» is werkelijk een «ander» geworden als die ik heeft besloten niet meer te leven. Hoe doe je dat? Door te geloven in het volstrekte tegendeel: een paradijs.

Zouden er zelfmoordenaars zijn die oprecht in dat paradijs geloven? Vermoedelijk wel, maar ik denk dat het er minder zijn dan we denken. De mythe van het paradijs is gaan werken als een institutie. Je kunt er held door worden, je kunt er geld mee verdienen, je krijgt er gezag mee, je kunt er druk mee uitoefenen, je kunt je vader en moeder en dus je hele familie er gelukkig mee maken. De dood kan letterlijk gevierd worden, als je het leven wil vernietigen.

De zelfmoordenaar is geen humanist – en dat mag je hem kwalijk nemen. Hij neemt de menselijke maat niet als maatstaf voor zijn handelen; hij forceert keuzes die niet in alle eerlijkheid genomen kunnen worden, want ze kunnen alleen gerechtvaardigd worden door een mythe; geen zelfmoordenaar keerde terug.

We kennen wel mislukte martelaren. De bom ging niet af, ze werden voortijdig ontdekt, om de een of andere reden mislukte hun zelfmoord.

Ik sprak eens met de agent die Mohammed B. arresteerde. Deze agent had het moeilijk. Eerst was er op hem geschoten, want Mohammed B. wilde nog wat agenten in zijn val meenemen, teneinde er zeker van te zijn dat hij zo schotgevaarlijk was dat hij ook neergeknald moest worden. Maar hij werd door de agent uitgeschakeld, want ze raakten, zoals het hoort, zijn been. Hij kon niet meer bewegen. Maar het vreemde was: dat had niets met de pijn te maken. Toen de agent – met getrokken revolver – Mohammed naderde, viel hem de serene rust op. «Ben je geraakt? vroeg ik… Ja, aan mijn been» – zo vertelde de agent zijn verhaal. «Maar hij liet niet merken dat hij pijn had. Die rust.»

Ik heb een kort theaterstuk geschreven dat niemand wilde hebben (ik ben stikjaloers, want een stuk over Mohammed B. versus Volkert van der G. wilde men wél). Het gaat over de overwegingen van beiden: Mohammed die net de moord op Theo van Gogh heeft gepleegd (en nog een paar anderen heeft beschoten) en de agent die voor het dilemma stond: dit is een moordenaar, die mij wil vermoorden, maar die ik niet mag ombrengen. De agent ook die van niets wist toen hij ’s ochtends van huis ging. Vrouw, kind – en opeens sta je oog in oog met iemand die het op je leven heeft gemunt, terwijl je niets hebt gedaan en nergens schuld aan hebt. Je doet het voor de maatschappij – zoals Mohammed het ook voor zijn maatschappij deed…

Waarom was Mohammed B. zo rustig?

Het is een vraag die mij bezighoudt. Op het proces wilde hij niet praten. Maar op een gegeven moment stond hij de moeder van Theo te woord. Hij zei, met veel omhaal van woorden, dat Theo eigenlijk als held gestorven was. Het ging Mohammed niet om dat «geitenneuken», het ging hem niet om Submission «die film», het ging hem om het feit dat Theo de naam van Allah had bezoedeld. Dat kon niet door de beugel.

Interessant.

De institutie was aangevallen. Dat mocht niet. Dat moest iemand met de dood bekopen. De mythe moest onaantastbaar blijven. Want anders… Ja, want anders wat? Anders zouden we vervallen in een vorm van decadentie… dan zouden we maar kunnen doen wat we willen. Dat moest voorkomen worden.

«Ik smeek Allah om de kracht om in hem te blijven geloven», zei Mohammed op het proces. Ik vond dat ook een opmerkelijke zin. Want inderdaad: stel dat hij ook maar enigszins aan Allah zou twijfelen… dan zou onder al zijn daden de rechtvaardiging wegvallen. Sterker: dan zouden ook al die broeders in Afghanistan, Irak en bij al-Qaeda ongelijk hebben; dan was alles een fopspeen gebleken. Het hele leven waardeloos. De koran slechts zinnen en letters in een boek… Dan was hij in de maling genomen…

Hij moet dus wel alles op alles zetten om in Allah te blijven geloven.

Maar als dat zo is, dan heeft hij verloren. Hij heeft weliswaar Theo vermoord, maar hij is geen martelaar geworden. Dat wilde Allah blijkbaar niet. De vraag is: hoe knoopt hij dat aan elkaar? Dat kan alleen als hij zichzelf uitverkoren waant. Allah heeft hem de opdracht gegeven te blijven lijden… zoiets moet het zijn.

Ik ben ervan overtuigd dat de Palestijnse zelfmoordenaars hun geloof eveneens kunstmatig in leven houden. Ze hebben al niets. Moeten ze dan ook nog hun geloof afvallen? Ik denk dat velen zo denken – en daarom zelfmoord plegen. We hebben niets, het geloof helpt ook niet; ik kan de ander, vader, moeder, broer en zus, alleen nog een reden tot leven geven door zelfmoord te plegen voor hen. Ik word martelaar.

Met dat wapen ontkent hij echter een ander wapen. Het wapen van het argument. Is het, als hij zelfmoord pleegt om anderen te doden, onrechtvaardig als de Israëliërs hem en zijn vrienden willen ombrengen, omdat zij wel willen blijven leven?

Dat argument kan hem niets meer schelen.

Zo kon het Mohammed B. ook niet meer schelen wat er met hem zou gebeuren toen hij daar lag met een gewond been.

Hij was rustig.

Hij moet zich hebben gerealiseerd dat hij dood was; zijn leven was afgelopen.