Film

Moordwijf

Film: Galina

Ik heb een vriend die zegt dat hij doodsbenauwd is voor vrouwen. Zelf ken ik er maar één die me de stuipen op het lijf zou kunnen jagen: de Russische operadiva Galina Visjnewskaya. Geen wonder dat haar wederhelft Mstislav Rostropowitsj, de gulle opgewekte Slava, bij gelegenheid graag naar de fles grijpt; vergeleken bij Galina is Rita Verdonk papier-maché.

De eerste indrukken zeggen alles. Oude foto’s logen er al niet om, maar ook op haar 79ste ziet ze er nog steeds vervaarlijk uit. Het onverwoestbare lijf ingesnoerd in geharnaste haute couture voor dure oude vrouwen; scherpe boze ogen; de stembanden gepolitoerd met zwaar metaal; de sterke kop gemaquilleerd met Russische volledigheid; hals, oren en vingers rijk gedecoreerd met goud en edelstenen. Slava moet, gemotiveerd door een navoelbare chemie van angst en liefde, complete juwelierszaken voor haar hebben leeggekocht. Die vrouw gaat nooit dood. Magere Hein kijkt wel uit.

Wie haar autobiografie Galina kent, begrijpt hoe dit karakter is gevormd. Als ze van nature al niet spijkerhard was, dan had het leven haar wel zo gemaakt. Weggegeven als kind. Beleg van Leningrad meegemaakt. Opgevoed door haar grootmoeder, die ze voor haar ogen ziet verbranden. Daarna een wereldcarrière als de Russische Callas; een Aida, een Tosca, die mensonterend aan de leiband liep van een verziekt totalitair systeem dat haar in ’76 het Russisch staatsburgerschap ontnam nadat het sterrenechtpaar onderdak had verschaft aan de dissidente schrijver Alexander Solzjenitsin. Ze is genadeloos, en genadeloos eerlijk. Lees Galina: «Ik was een harteloos kind. Het duurde heel wat jaren voor ik ontdekte wat het was, liefde geven en ontvangen, maar in dat stadium was ik ongenaakbaar.»

Eline Flipse maakte een film over haar. Die is mooi geworden. Hij had drie keer zo lang mogen duren. Dat vond de filmmaakster zelf ook. In eerste instantie wilde ze een grote driedelige documentaire maken. Maar dit is Nederland. Het is een klein mirakel dat Galina überhaupt wordt uitgezonden, op 4 juni door de avro.

Ingewijden kennen het verhaal dat hier verteld wordt. Over het oorlogsleed, de breuk met het sovjetregime, de vlucht naar Parijs, de innige vriendschapsbanden van het echtpaar Rostropovitsj met Dmitri Sjostakovitsj en Benjamin Britten.

Wat is de clou van deze film? In de eerste plaats is het een karakterportret van een moordwijf dat zich door niemand uit het veld laat slaan. Een portret, dat zijn toegevoegde waarde dankt aan de relatieve welwillendheid waarmee Visjnewskaya haar Nederlandse gasten rondleidt in haar strenge wereld. Ze toont familiefoto’s, stift haar lippen voor de camera en spreekt vertederd over Slava, die ze als haar Pinocchio bestempelt. Verder, en daarin ligt de nieuwswaarde van deze documentaire, geeft Galina een beeld van haar huidige activiteiten in Rusland, dat haar in 2000 rehabiliteerde. Sinds enkele jaren heeft ze in Moskou een eigen zangschool, waar afgestudeerde zangers op haar voorwaarden worden klaargestoomd voor de beroepspraktijk.

Fascinerend zijn de beelden van haar lessen, waar ze heel haar kolossale zelfbewustzijn afvuurt op eerbiedige pupillen die ze afblaft zoals ze ongetwijfeld zelf een leven lang is afgeblaft door apparatsjiks en hun onderknuppels, en die haar glanzende terreur over zich heen laten komen omdat ze inzien wat het oplevert: stemmen uit duizenden. Ontroerender nog zijn de shots van het Moskouse arbeidersschooltje dat Galina, larger than life, onder haar hoede heeft genomen, en waar doodgewone jonge kinderen het dankzij toegewijde instructrices tot miraculeuze zangprestaties brengen. Je ziet het aan met tranen in de ogen. Op de school van mijn kinderen is het hoogst bereikbare The Lion King. Dan ben ik ook ontroerd, omdat mijn dochter meedoet. Maar bijna iedereen zingt vals, omdat van niemand iets geëist wordt. Hard zijn is ook noodzaak, om de mensen zacht te kunnen stemmen met de troost die kunst heet. Maar hard zijn wij alleen in ons asielbeleid, en zelden voor een goede zaak.

Herhaling 22 juni