Moraaltelevisie

Oprah Winfrey heeft het uitgevonden. De talkshow als televisiemedium waar mensen te biecht kunnen gaan, hun woede kunnen uiten en hun problemen kunnen delen met het ganse volk. Als een ware profeet heeft Winfrey de oplossing voor elk conflict en weet ze in ethisch opzicht altijd de juiste snaar te treffen. De televisiester vormt inmiddels het geweten der natie.

In dergelijke talkshows gaat men uit van de veronderstelling dat mensen nooit gebukt kunnen gaan onder een individueel probleem. Elk conflict kent identieke oorzaken en kan dus opgelost worden volgens een bepaalde formule. Het publiek wordt voorgehouden dat ieder zelf verantwoordelijk is voor minder aangename ervaringen en de televisiepsycholoog geeft adviezen die vanzelf leiden tot een probleemloos bestaan.
In Amerika lijken ethische normen gedicteerd te worden door deze shows, die geleid worden door vrouwen die de indruk wekken zelf het een en ander te hebben meegemaakt. Of het nu incest, echtscheiding of anorexia is: de gastvrouw weet van wanten en heeft daardoor automatisch recht van spreken. Zij vertegenwoordigt het gezonde verstand en wordt bij uitstek geschikt geacht een streng maar rechtvaardig oordeel te vellen over haar gasten. Sommige talkshows vormen een tribunaal, waarbij het publiek gestimuleerd wordt om partij te trekken in een conflict dat tijdens de uitzending wordt uitgevochten. In het programma van de voormalige actrice Ricky Lake is er nooit meer sprake van een herkenbaar probleem, maar worden gasten geselecteerd op extreme gedragingen. Ze worden vervolgens op elkaar losgelaten voor de ogen van een bijkans hysterisch publiek.
Populair is het thema van tienermeisjes die een zo promiscue mogelijk leven leiden. Seksuele voortvarendheid van meisjes lijkt een onstuitbare woede op te wekken bij het Amerikaanse publiek en het geeft de redactie van talkshows de mogelijkheid om een vastomlijnde moraal uit te dragen. Ik denk dat veel van zulke uitzendingen fake zijn. Vorige week zag ik een programma van Ricky Lake waarin drie meisjes rond de veertien beweerden zo'n tien seksuele contacten per week te hebben zonder regelmatig condooms te gebruiken. Lake spoorde het publiek aan de meisjes belerend toe te spreken, uit te schelden en te dreigen met dodelijke ziekten. (Altijd worden in zulke shows aids en seksueel overdraagbare ziekten als herpes en gonorroe aan elkaar gelijkgesteld. Of je nu het een oploopt of het ander: dood ga je volgens Ricky Lake altijd.) De meisjes trokken zich er niets van aan. Het kon ze niet schelen of ze dood gingen, het was hun leven en waar bemoeide men zich trouwens mee. In het tweede deel nam Ricky Lake uitputtend de tijd haar eigen zienswijze - of waarschijnlijker die van het televisiestation waarvoor ze werkt - uiteen te zetten. In de jaren negentig was er slechts één aanvaardbare keuze en dat was de volstrekte monogamie. Alles wat daarvan afweek leidde tot een zekere dood. De show eindigde met een stunt. Er werd een laatste gast op het podium uitgenodigd: een zwarte vrouw die jaren promiscue had geleefd en nu seropositief was gebleken. Ze kreeg een minuut de tijd om haar verhaal uiteen te zetten en een mirakel sloeg toe. De drie meisjes, onmiskenbaar aangeslagen groot in beeld, verklaarden van het ene moment op het andere overtuigd te zijn van Lake’s zienswijze en beloofden desgevraagd beterschap.
Deze show was in scène gezet. Want het gaat allang niet meer om het amusement van Oprah Winfrey, opgediend in een moralistisch sausje. Talkshows zijn politieke instrumenten geworden, waarin gerichte boodschappen worden verpakt. Verteerbaar gemaakt voor het grote publiek door ingehuurde gasten een geregisseerd drama te laten opvoeren. Je vraagt je af wie de sponsors zijn van populaire talkshows, waarvan naïevelingen nog steeds geloven dat het om emotietelevisie zou gaan.