Morbide frisch

Het lijkt een naargeestig boekje. Plaats van handeling: de bridgezaal van een Kurhaus. Op die locatie, waar de bezoekers hun restjes jeugd vieren met een sprong in het bubbelbad, komt één à twee keer per jaar een groepje heren op leeftijd bijeen om te confereren over de verjonging van de samenleving van het avondland.

Het feit waar ze zich over buigen: de catastrofale veroudering van de westerse wereld. De dood die het leven in volle bloei afbreekt is een rariteit geworden; angst voor de dood is verschoven naar angst voor de ouderdom, en dan vooral voor de dementie. De vraag die ze centraal stellen: moeten we wel zo oud worden als de medische wetenschap mogelijk maakt?
Het gezelschap besluit een vereniging te stichten die de vrijwillige dood van hun definitief oud geworden leden propageert. ‘Wie oud wordt, heeft daar zelf schuld aan’, staat er in het handboek voor leden. En: 'Een lid dat zich er schuldig aan maakt oud te worden, wordt geroyeerd.’ Daarbij stelt de vereniging dat ouderdom geen kwestie van leeftijd is. Het enige criterium wordt gevormd door symptomen van intellectuele en emotionele seniliteit. Die symptomen worden getoetst door allerhande tests: na forse wandelingen en drinkgelagen wordt de conditie gemeten; onverwachte happenings toetsen het vermogen tot spontaniteit; de avondlijke gesprekken worden op band opgenomen om te controleren of een lid niet meer dan drie keer dezelfde jeugdherinnering vertelt. Het handboek voor leden waarschuwt ook voor de valkuilen daarbij. Voor de vriendschap, die maakt dat de leden elkaar niet oprecht beoordelen. Voor 'grijsaarden-slagvaardigheid’ die veel op snedigheid lijkt, maar erop neerkomt dat op een slecht begrepen vraag lukraak een aforistisch antwoord wordt gegeven. En voor nog veel meer.
Het is misschien ook echt een wat naargeestig boek, Vereniging Vrijwillige Dood, dat Max Frisch voor zijn Dagboek 1966-1971 schreef maar er uiteindelijk niet geheel in opnam. Natuurlijk is het morbide clubje voor euthanasie een grote ironische metafoor. Niet voor niets voegt slechts één van de leden de daad bij het woord, al wordt er voor de eerlijkheid bij vermeld dat zijn dood veel van een ongeluk weg heeft. Het 59-jarige lid is namelijk verongelukt tijdens zijn nieuwe hobby: zweefvliegen. Maar dat neemt niet weg dat Frisch met zijn metafoor grote taboes doorbreekt.