Popmuziek

Morello zingt dat Morello deugt

POPMUZIEK The Nightwatchman

De gitaar is nu akoestisch in plaats van elektrisch, en Tom Morello is nog maar in z’n eentje. Maar zijn blik staat op de hoes van zijn eerste solo-cd op vastberaden, en op zijn akoestische gitaar staat Whatever It Takes. Daaronder een zwarte ster. Om hem heen zijn de sterren rood. Bakoenin of Marx: och. Ook hier: whatever. Als deze wereldorde maar ten onder gaat.

Tom Morello was de afgelopen vijftien jaar de gitarist van eerst een van de meest invloedrijke en ronduit beste rockbands ter wereld, en vervolgens van een van de meest succesvolle. Eerst speelde hij gitaar in Rage Against The Machine, en vervolgens in Audioslave. Wie nu live-dvd’s terugziet van Rage Against The Machine kan niet anders dan nog steeds diep onder de indruk zijn. Van de onwaarschijnlijk soepele ritmesectie, die altijd een laag funk onder de keiharde rock legde. Van Morello, die het geluid van helikopters, luchtalarmen en cirkelzagen uit zijn gitaar wist te toveren – want dat leek het soms, toveren. En van de staccato teksten van rapper Zack de la Rocha, die steeds meer op zijn voorbeeld Che Guevara ging lijken. Buiten het podium bestond hij niet (interviews gaf Morello), op het podium kende hij slechts één gemoedstoestand: uitzinnige woede. Knap genoeg ging dat nooit vervelen, al doen veel critici de twee albums van de band na hun debuut ten onrechte af als zelfherhaling. De La Rocha’s solocarrière kwam niet verder dan een single, zijn drie oud-bandleden gingen verder in het zeer succesvolle, maar immer veilige Audioslave.

Audioslave bestaat sinds kort niet meer, en de langverwachte reünie van Rage Against The Machine was dit weekend een feit, op het Coachella-festival in Los Angeles. Het is vooral Tom Morello die de hoop op een volwaardige reünie (nieuw album, wereldtournee) tempert, door te wijzen op zijn soloproject The Nightwatchman. Helaas blijkt dat project het slechtst mogelijke argument tegen een volwaardige reünie.

One Man Revolution van The Nightwatchman is een meervoudig gemankeerd album. Dat Tom Morello in het verleden nooit de achtergrondvocalen verzorgde bij zijn bands was niet alleen omdat hij het druk genoeg had met zijn inventieve gitaarwerk, blijkt nu: hij kan gewoonweg niet zingen. Dat kunnen vele grote popsterren goed beschouwd niet, maar die hebben dan wel een karakteristiek stemgeluid. Morello niet. Wellicht rekent hij op het eindeloze mededogen van zijn progressieve achterban, want zijn gemompel wekt meelij.

Morello is een groot liefhebber van Bruce Springsteen, en dan vooral van zijn akoestische werk. One Man Revolution klinkt inderdaad als het album van iemand die The Ghost of Tom Joad in zijn kast heeft staan. Het zijn klein gehouden nummers, sober opgenomen. Stem, akoestische gitaar, mondharmonica, en veel engagement. En het zoveelste bewijs dat je met de ogenschijnlijk zelfde ingrediënten toch een mislukt maal kunt bereiden als de kok niet deugt. Het grote probleem zit ’m niet alleen in de composities, met hun hoge kampvuurgehalte. Ook niet in de teksten, al zijn die net zo poëtisch als de gemiddelde flyer voor een demonstratie. Het zijn de pretenties van Morello die hem nekken. De albumtitel zegt alles: hij heeft de soundtrack willen schrijven bij iedere antiglobaliseringsdemonstratie ter wereld. Het album is niet alleen een radicaal-links statement, het is een zelfverklaard radicaal-links statement. Morello zingt over zichzelf als de man die in de straten van Cuba werd toegejuicht en er bij de Playboy Mansion niet inkwam, en Morello roept luisteraars op zijn nummers aan te vragen bij radiostations, bij wijze van verzet. Tom Morello zingt dat Tom Morello deugt_. One Man Revolution_ is een album met een luchtje; dat van de zelfgenoegzaamheid van links.

The Nightwatchman, One Man Revolution, (Sony BMG)
The Nightwatchman speelt zondag 27 mei op Pinkpop