Van toneel naar boek en vice versa

MP leest …

… altijd meer dan ze kan of wil bespreken. Hier doet ze verslag van haar bevindingen en overwegingen bij de boeken die ze leest. Deze week: ‘Het jaar van de kreeft. Een Romance’ van Hugo Claus.

Ik herlas dit omdat ik naar de toneeladaptatie ging, in de Stadsschouwburg van Amsterdam. Maria Kraakman speelt de ongrijpbare Toni, Gijs Scholten van Aschat haar getergde minnaar Pierre. Een woud aan opblaaspoppen met gigantische erecties is het decor waarbinnen hun dans van aantrekken en afstoten zich afspeelt. De roman, die ik me herinner als een feest van vrijheid blijheid in kunstzinnige sferen met noodlottige afloop, is teruggebracht tot een naakt gevecht. Inzet: seks. Beloning: seks. Straf: seks. Nu ik het boek herlees, zie ik het ook. Maar ja, hoe oud was ik toen ik het voor het eerst las? Vijftien? Zestien? Claus lezen was als het betreden van de engste attracties op de kermis, van het spookhuis via de schiettent naar de lachspiegels. Eigenlijk geldt dat zoveel decennia later nog steeds, zij het dat ik nu meer oog heb voor de droefenis en wanhoop. Al kan dat ook door dat naakte gevecht op toneel komen. Mooi, ontroerend, gênant, verschrikkelijk, alles komt samen als Kraakman op de voeten van Scholten van Aschat balanceert. Toni voelt niks, zegt ze, en vanaf het moment dat Pierre dit hoort heeft hij nog maar één taak in het leven: hij zal haar laten voelen. Het grootste geheim van Toni, het geheim dat ze al dansend en springend en kwetterend alleen aan hem toevertrouwt: ik vind er niks aan. En daar gaan ze. De taal van Claus gaat via de commentaarstem van Scholten van Aschat van opperste geilheid naar immens falen. Nu ik de roman opnieuw lees, zie ik hoeveel eer regisseur Luc Perceval het boek heeft bewezen. Wat een belevenis om het opnieuw te lezen, wat een lokkende en onneembare vesting maakt Claus van het vrouwelijk geslachtsdeel. Zo zal Pierre zich haar altijd voor de geest halen, ‘een nabij glooiend landschap van wit, onvast vlees, met zweetdamp over de dijen, de bijna onmerkbare stuiptrekking van de gezwollen, gekwetste plooien tussen de klishaartjes die glommen en bespat waren met witgrijze schuimvlokken en ver daarboven, vervormd, haar gloeiend gezicht, doortrokken van een lief geweld.’ Pierre wordt door Toni ontroerd, in heel haar onvolkomenheid, Toni laat het zich gebeuren. Verder wordt er weinig gepsychologiseerd, wat een verademing is. Liefde en aantrekkingskracht zijn in feite abstracte kwesties, en toch kun je eraan ten onder gaan. Must read. Must see.