Reportage: Zimbabwe

Mugabe heeft steeds minder vrienden

Minder dan een jaar voor de presidents verkiezingen wordt president Mugabe zo zenuwachtig van zijn politieke tegenstanders dat hij naar steeds hardere maatregelen grijpt. Afgelopen week werd de hoofdredacteur van de grootste Zimbabwaanse krant gearresteerd. De Groene sprak met hem.

De situatie in Zimbabwe wordt steeds penibeler. Hoogstwaarschijnlijk zullen in oktober zowel de Europese Unie als de Verenigde Staten sancties tegen het land bekendmaken. De Verenigde Staten komen met economische maatregelen; de Europese landen willen reisbeperkingen opleggen aan Zimbabwaanse ministers en hun partners. De reisbeperkingen treffen vooral de reislustige familieleden van president Robert Mugabe, graag geziene gasten in de betere Britse warenhuizen. Als de economische boycot het Amerikaanse Congres doorkomt, dan zal dat het hele land raken. En dat treft Zimbabwe zo sterk dat het land volgens minister van Buitenlandse Zaken Stan Mudenge, afgelopen vrijdag in een interview op de Zimbabwaanse televisie, dan de noodtoestand zou moeten uitroepen.

Ondertussen gaat de plundering door. In de omgeving van de plaats Chinhoyi, in het noorden van Zimbabwe, wordt een fors aantal witte boerderijen bezet gehouden door landarbeiders en oorlogsveteranen, die ondanks het verscheiden van hun leider Chenjerai Hunzvi, Mugabes stroman met de frappante geuzennaam «Hitler», gewoon doorgaan. Tegenstanders van Mugabes partij Zanu-PF, vaak aanhangers van de oppositiepartij Movement for Democratic Change (MDC), worden opgesloten of geïntimideerd. Een aanhanger van de MDC overleed in de gevangenis.

Het onafhankelijke dagblad The Daily News onthulde vorige week dat bij de plunderingen van de boerderijen in Chinhoyi niet alleen landarbeiders waren betrokken, maar ook Zimbabwaanse politieagenten. Dit naar plaatselijke maatstaven niet bepaald opmerkelijke nieuws schoot de regering-Mugabe desondanks in het verkeerde keelgat, en in de nacht van dinsdag op woensdag werd hoofdredacteur Geoff Nyarota bij zijn huis gearresteerd en overgebracht naar het politiebureau van de Zimbabwaanse hoofdstad Harare.

Hij en drie van zijn medewerkers werden vastgehouden op grond van «het publiceren van valse berichtgeving», een aanklacht die was gebaseerd op ietwat gedateerde wetgeving uit de tijd van het blanke minderheidsregime van Ian Smith. Na nog enkele andere aanklachten, die — omdat ze alle waren gebaseerd op niet-bestaande wetgeving — moeiteloos door de advocaten van Nyarota van tafel werden geveegd, kon de journalist donderdag, een ervaring rijker, weer naar huis.

Vanuit zijn kantoor in Harare maakt Nyarota maandagochtend de balans op. Hij zegt dat alles in orde is en dat hij wel had verwacht op een dag gearresteerd te worden. «Het is slechts intimidatie», relativeert hij. Een werkelijke zaak hadden ze niet. Maar om nu te zeggen dat het leuk was in het politiebureau, nou nee. Nyarota: «Ze hebben me niet gemarteld of lichamelijk mishandeld. Maar ik kan je verzekeren dat het absoluut geestelijke mishandeling is wanneer je als hoofdredacteur van de grootste krant van het land tussen criminelen gevangen wordt gezet.»

De affaire met The Daily News komt op een ogenblik dat Zimbabwe steeds verder alleen komt te staan. Zelfs buurland Zuid-Afrika, dat de vroegere strijdkameraad Mugabe tamelijk lang de hand boven het hoofd heeft gehouden, erkent nu dat er sprake is van een serieuze crisis. Als de Zuid-Afrikaanse president Thabo Mbeki wil, dan zou hij de kraan voor Zimbabwe helemaal kunnen dichtdraaien. De weinige benzine die Zimbabwe nog heeft, is voor een belangrijk deel via Zuid-Afrika het land binnengekomen.

De staten van het Britse Gemenebest willen Mugabe ondertussen weren van de aanstaande top in Australië. En voor die tijd proberen enkele Afrikaanse landen uit het Gemenebest op een bijeenkomst in het Nigeriaanse Abuja Mugabe ervan te overtuigen dat de crisis in zijn land meer behelst dan een eenvoudig conflict over een rechtvaardige verdeling van land, wat de president met het oog op de verkiezingen van april 2002 wil doen geloven. Mugabe moet volgens de landen worden aangepakt op primaire zaken als democratie, mensenrechten en justitie.

Ondanks de beperkingen die de Zimbabwaanse regering westerse journalisten heeft opgelegd, staan de Engelse kranten de laatste maanden vol met berichten over de beslommeringen van de witte boeren, van wie velen een Brits paspoort hebben. Dat in sommige delen van Zimbabwe ook een hongersnood dreigt, wordt vaak — maar dan terzijde — opgemerkt.

Op de website van de BBC klagen enkele Zimbabwanen over de bovenmatige media-aandacht voor de boeren. «Er gebeurt zoveel meer waar de pers nauwelijks over schrijft», meent een van hen. «De pers geeft de indruk dat de Zimbabwaanse kwestie om zwart versus wit gaat, waar het in werkelijkheid een gevecht van de Zanu-PF tegen de MDC is.»

De oorlogsverklaring van president Mugabe aan de witte boeren luidde het definitieve einde in van de toch al zieltogende Zimbabwaanse economie. Overigens samen met de mislukte, peperdure oorlogscampagne in Congo, die Mugabe door de dood van Laurent-Desiré Kabila uiteindelijk niet de toegezegde goudstaven opleverde.

De specifieke aandacht voor de witte boeren in de Britse media vertoont intussen zekere overeenkomsten met de berichtgeving in West-Europese landen over de dekolonisatieprocessen in de jaren zestig. Het is alsof de Britten voor de tweede keer het voormalige (Zuid-)Rhodesië verliezen.

Na de omwenteling in 1980, toen Ian Smith plaatsmaakte voor Mugabe, hebben de boeren mede dankzij hun voor de economie cruciale rol altijd een uitzonderingspositie gehad. Op het platteland werd de apartheidspolitiek in 1980 nog lang niet afgeschaft, merken sommige Zimbabwanen terecht op.

«De witte boeren zouden moeten ophouden zich als individuen te zien met een compleet ander belang dan het algemeen belang. Ze zijn burgers van de onafhankelijke staat Zimbabwe. Als zij zich in hun kritiek altijd maar presenteren als mensen die in wezen afwijkend zijn van de andere mensen in het land, dan blijft dat problemen veroorzaken», zegt hoofdredacteur Geoff Nyarota. Zijn krant wordt vaak gezien als oppositiekrant, de krant die niet alleen de oppositiepartij MDC steunt, maar ook de witte boeren. «Het is vandaag de dag nu eenmaal niet eenvoudig een positief bericht over de partij van Mugabe uit de pen te krijgen. Allicht dat de Zanu-PF dan zegt dat we tegen haar zijn. Maar als de MDC de macht krijgt, zullen ook haar leden binnen de kortste keren beweren dat we een oppositiekrant zijn.»

De arrestatie van Nyarota was niet de eerste actie tegen The Daily News. Al voordat in maart 1999 het eerste nummer van de persen rolde, was de krant door de Zanu-PF tot «staatsvijand» uitgeroepen. In het voor Afrikaanse begrippen hoog opgeleide Zimbabwe, nam de krant in een mum van tijd ongeveer honderdduizend lezers over van staatskrant The Herald. Op alle mogelijke manieren werd echter gepoogd het onafhankelijke dagblad te breken. «Ach, we hebben met ons succes nu eenmaal hier en daar wat vijanden gemaakt», zegt Nyarota met gevoel voor understatement. Er werden rechtszaken aangespannen, Nyarota zelf werd met de dood bedreigd en twee zware explosieven, waarvan een pal onder het kantoor van Nyarota, werden tot ontploffing gebracht. De hoofd redacteur zelf houdt het hoofd koel. «What can you do?» vraagt hij om de zin. Hij vindt het erger dat hij niet langer garant kan staan voor de veiligheid van zijn redacteuren.

Die redacteuren gingen na de bomaanslag op de drukkerij, januari dit jaar, de straat op om te protesteren. «Who let the bombs out? Who? Who? Hu? Hu? Hu…?» stond er met een verwijzing naar veteranenleider Hunzvi op de sandwichborden waarmee zij door de straten van Harare liepen. «The pen is mightier, mightier than the bomb», had een andere verslaggever op een bord staan dat om zijn nek hing.

Nyarota: «We kunnen niet toestaan dat onze tegenstanders erin slagen ons bang te maken. Als zij horen dat wij zouden onderduiken of zoiets, dan hebben ze gewonnen. Maar wat kan ik doen? Als ze me willen hebben, dan pakken ze me. Ik heb door mijn werk gelukkig een zeer beperkt sociaal leven waardoor ik nauwelijks op straat loop. Dat scheelt. Als ik in de auto zit, dan kijk ik altijd even of ik niet achtergevolgd word. That’s life in Zimbabwe now.»

De aanslag op de drukkerij zorgde ervoor dat de oplage van The Daily News moest worden teruggebracht tot 75.ooo exemplaren. Het drukwerk wordt nu uitbesteed en de commerciële drukkerijen zijn te duur om een kleine 130.000 kranten te drukken — het aantal dat op het beste moment werd verkocht.

Voor Nyarota is één lezer meer waard dan al die andere. Hij hoopt dat Robert Mugabe in elk geval tot de aanstaande presidents verkiezingen iedere ochtend stiekem achter zijn bureau de onafhankelijke krant zal lezen. Nyarota: «Wordt er op de deur geklopt, dan moffelt hij ’m weg onder een van de stapels papieren en trekt hij snel The Herald te voorschijn. Zo zal het gaan en zo moet het gaan.»