Mumia abu-jamal

Een blanke agent wordt dood aangetroffen, een zwarte zwaargewond naast hem. Klare zaak, de doodstraf waardig, oordelen jury en rechter. Maar hoe objectief zijn een blanke jury en een rechter die recordhouder doodvonnissen is? De zaak Abu-Jamal - zelfs O. J. Simpson verbleekt erbij.
OP EEN KILLE ochtend in december 1981 werd in een achterbuurt van Philadelphia het lijk van een politieman gevonden. Naast hem lag, zwaargewond, de journalist Mumia Abu-Jamal. Na een kort, chaotisch proces werd Abu-Jamal schuldig bevonden aan moord op agent Faulkner en ter dood veroordeeld. Onlangs tekende de gouverneur van Pennsylvania het executiebevel.

‘Als iemand als Mumia terechtgesteld kan worden, dan kunnen alle andere onschuldig terdoodveroordeelden het wel vergeten’, zegt doodstrafspecialist Leonard Weinglass. 'Dan gaan we terug naar 1936, toen elke week vier mensen werden geexecuteerd.’ Op 5 juni diende Weinglass, die sinds 1993 Abu-Jamals verdediging leidt, een motie voor een nieuw proces in. In dit document zet hij alle onregelmatigheden in Abu-Jamals proces en argumenten voor zijn onschuld op een rij. Het is misschien de laatste kans om Abu-Jamals leven te redden.
Veel reden tot optimisme is er niet. Het ziet ernaar uit dat de rechter die zich over de motie zal uitspreken, dezelfde zal zijn als die het proces leidde. Daarom lanceerden Abu-Jamals sympathisanten ook een campagne om deze rechter ertoe te brengen de beslissing aan een ander over te laten. Amnesty International en andere mensenrechtenorganisaties hebben zich achter de campagne geschaard, Hollywoodsterren zijn voor hem in de bres gesprongen en zelfs de nationale vereniging van zwarte politieagenten eist een nieuw proces.
Maar de politievakbond van Philadelphia organiseert een tegencampagne die met dezelfde intensiteit wordt gevoerd. En toen de uitgeverij Addison-Wesley vorige maand een boek van Abu-Jamal uitbracht, liet de weduwe van de vermoorde agent een reclamevliegtuigje boven de uitgeverij cirkelen met de tekst: 'Addison-Wesley supports convicted cop killer.’ De weduwe zegt dat ze reikhalzend uitkijkt naar Abu-Jamals executie. 'Wat weten al die mensen over de feiten in deze zaak?’ vraagt ze.
MAAR WAT DIE feiten zijn, wordt juist fel betwist. Het enige waar iedereen het over eens is, is dit: op 9 december 1981 om half vier ’s ochtends werd Abu-Jamals broer, taxichauffeur, aangehouden door agent Faulkner. Er ontstond ruzie en Faulkner sloeg hem met zijn zaklamp, net toen Abu-Jamal - die ook bijverdiende als taxichauffeur - toevallig passeerde. Hij stopte en mengde zich in de ruzie. Hij was in het bezit van een wapen, waarvoor hij een vergunning had sinds hij in zijn taxi was overvallen.
Daar eindigt de eensgezindheid. Volgens de versie van de aanklagers, die door de jury werd geloofd, schoot Abu-Jamal Faulkner in de rug. Terwijl de agent neerviel, draaide hij zich om en schoot hij Abu-Jamal in de borst. Toen Faulkner op de grond lag, schoot Abu-Jamal hem drie kogels in het gezicht, waarna hij zelf in elkaar zakte.
Zeker is dat Abu-Jamal levensgevaarlijk gewond was. Maandenlang bleef zijn toestand kritiek. Onderwijl bouwde de district attorney (de DA, een verkozen ambtenaar die de taken van onderzoeksrechter en openbare aanklager combineert) een dossier tegen hem op. De mogelijkheid dat iemand anders Faulkner kon hebben gedood werd geen moment onderzocht. 'De zaak was vanaf het begin zonneklaar’, zei aanklager Joseph McGill.
Voor Abu-Jamal was het daarentegen zonneklaar dat hij om politieke redenen de schuld kreeg van de moord. Een stelling die door velen, zelfs door zijn eigen aanhang als vergezocht wordt afgedaan. Maar misschien is ze toch minder vergezocht dan op het eerste gezicht lijkt. Philadelphia kent sinds lang een intense wederzijdse afkeer tussen de autoriteiten en radicale zwarten. In de jaren zestig voerde burgemeester Rizzo een brutale campagne tegen de Black Panthers. Abu-Jamal, toen nog scholier, was een woordvoerder van de Black Panthers. Toen de organisatie uiteenviel, ging hij journalistiek studeren in Vermont. Terug in Philadelphia begon hij freelance voor de radio te werken. De autoriteiten hadden het intussen aan de stok met de radicale zwarte groep Move. In 1978 belegerde de politie een van de huizen waarin Move-leden in commune leefden. Over die bestorming en de processen die volgden maakte Abu-Jamal radioreportages die niet in de smaak van de politie vielen. Ondanks zijn groeiend radicalisme ging het intussen niet slecht met Abu-Jamals carriere. In 1981 kreeg hij een prestigieuze prijs voor een reportage.
AANGEZIEN HIJ zich beschouwde als een politieke gevangene, besloot Abu-Jamal om zichzelf te verdedigen. Hij zou het masker van de 'racistische klassejustitie’ afrukken. Dat was vanuit tactisch oogpunt een rampzalige beslissing; het stelde aanklager McGill in de gelegenheid om Abu-Jamal af te schilderen als een fanaticus die er op uit was om ordehandhavers neer te knallen.
'In Philadelphia’, zegt burgemeester en ex-DA Ed Rendell, 'hangt de afloop van een proces af van wie de rechter is.’ De rechter in Abu-Jamals proces was Albert Sabo. Deze ex-politieman is Amerika’s recordhouder in doodvonnissen: hij velde er 31. Op twee na waren alle door hem terdoodveroordeelden zwart. Uit een onderzoek van The Philadelphia Enquirer bleek dat hij systematisch de aanklagers bevoordeelde.
In Abu-Jamals proces was dat overduidelijk. Terwijl de DA over een onbeperkt budget beschikte om de zaak voor te bereiden, kreeg Abu-Jamals verdediger slechts 150 dollar. De politie ondervroeg 125 potentiele getuigen; de verdediger kon er slechts twee lokaliseren. De aanklager liet experts getuigen; de verdediger kon er door geldgebrek geen huren. Abu-Jamals verdediger was een onervaren advocaat, Anthony Jackson, die tegen zijn zin door Sabo werd benoemd nadat die Abu-Jamal het recht had ontnomen zichzelf te verdedigen. Jackson verzocht ontlast te worden, maar rechter Sabo weigerde. Toen Abu-Jamal daartegen protesteerde, werd hij uit de rechtszaal verwijderd. Ondertussen ging de juryselectie gewoon door. De uiteindelijke jury bestond uit tien blanken en twee zwarten. Verscheidenen onder hen hadden banden met de politie. Een jurylid zei openlijk dat hij 'niet fair kon zijn tegen beide partijen’.
De aanklacht was grotendeels gebaseerd op de verklaringen van vier getuigen. Drie van hen zeiden dat ze schoten hadden gehoord kort nadat Abu-Jamal was gearriveerd. Een van hen zei dat hij de dader zag wegvluchten, maar op het proces trok hij die verklaring in. De vierde getuige was een straatprostituee. Op het proces sprak ze haar eerdere verklaringen tegen en zei ze dat ze Abu-Jamal de politieagent had zien neerschieten. Een andere prostituee uit dezelfde buurt zei dat de politie haar en de andere vrouw had beloofd dat ze nooit meer zouden worden gearresteerd als ze op het proces tegen Abu-Jamal zouden getuigen. Na het proces bleek dat er nog drie andere getuigen waren die hadden verklaard dat de dader was gevlucht. Ze kenden elkaar en Abu-Jamal niet, maar gaven dezelfde beschrijving van de richting waarin de dader gerend zou zijn. Hoewel de politie hen had ondervraagd, werden ze niet opgeroepen om op het proces te getuigen.
Een andere getuige, prive-agent in het hospitaal waar Abu-Jamal werd opgenomen, beweerde dat Abu-Jamal had gepocht dat hij de agent had neergeschoten. Maar volgens de agent die Abu-Jamal had gearresteerd en die aan zijn zijde bleef tot hij de operatiezaal werd binnengevoerd, had Abu-Jamal al die tijd geen woord gesproken. Toen Abu-Jamals verdediger deze agent wilde laten getuigen, kreeg hij te horen dat de man 'op vakantie’ was. Het proces kon niet worden onderbroken tot hij terug was. En tenslotte waren er nog de kogels die Faulkner doodden. Kwamen die uit Abu-Jamals revolver? De ballistische expert van de aanklager zei dat de kogels te beschadigd waren om dat uit te maken. De verdediging had geen expert.
HOEWEL DE JURY aarzelde tussen 'doodslag’ en 'moord’ werd Abu-Jamal uiteindelijk aan moord schuldig bevonden. Daarna moest de jury zich uitspreken over de straf. Op dat moment kreeg het proces pas echt een politiek karakter. In zijn pleidooi voor de doodstraf ging de aanklager uitvoerig in op Abu-Jamals lidmaatschap van de Black Panthers en Move. Hij citeerde een interview dat Abu-Jamal had gegeven toen hij zestien jaar oud was en waarin hij de Mao-slogan 'Macht komt uit de loop van een geweer’ had geciteerd. Volgens de aanklager was de moord het logische gevolg van Abu-Jamals ideologie. Daarom was er sprake van voorbedachten rade en verdiende hij de doodstraf.
Nadat hij die had gekregen, bleef het jarenlang stil rond Abu-Jamal. Door zijn journalistiek talent kon Abu-Jamal dit isolement gaandeweg doorbreken. Zijn artikelen verschenen eerst in zwarte en extreem-linkse tijdschriften, later ook in grotere bladen. Vorig jaar mocht hij van het veelbeluisterde radionet NPR een serie maken over het gevangenisleven, maar toen dat bekend werd, lanceerde de politievakbond een boycot-actie tegen de NPR en verguisde de Republikeinse leider Dole de NPR in een toespraak in de Senaat. Daarop liet het radionet Abu-Jamal fluks vallen. Zijn stukjes werden wel uitgezonden op het linkse Pacifica-radionet en later gebundeld in een boek.
Zo werd zijn zaak steeds bekender. In de Verenigde Staten mobiliseren zijn supporters nu al hun krachten om Abu-Jamals executie alsnog tegen te houden. Advocaat Weinglass zegt dat hij de bewijzen heeft van Abu-Jamals onschuld. Maar of hij nog kan worden gered? Het pro-doodstrafklimaat domineert momenteel in de Verenigde Staten. Vorige week nog keurde de Senaat een anti-terrorisme wet goed die de toepassing van de doodstraf vergemakkelijkt…