Musica, maestro

Rome - Soms lijkt het of niets de Italianen kan raken. Wat hun premier Berlusconi ook doet, voor alles wordt een vergoelijkende verklaring gevonden. Wetten op maat maken, nachten met prostituees, de maffia in het parlement, vriendschappen met dictators, van corruptie tot fraude, van belastingontduiking tot valse getuigenissen: het kon allemaal anders uitgelegd worden. Silvio Berlusconi is een meester in dingen anders uitleggen, en het merendeel van de Italianen geloofde hem tot nog toe op zijn woord. Het gaat niet om wat je doet, maar om hoe je het brengt. Feiten zijn voor Italianen ondergeschikt aan de presentatie.
Maar als dat gevoelige punt, de presentatie, wordt ontmaskerd, heb je een probleem. Dat vergeven de Italianen je niet. Het hoeft niet eens om iets nieuws te gaan. Het is geen nieuws dat de politieke macht invloed uitoefent op de publieke omroep. Dat weet iedere Italiaan, en het staat ook gewoon in de grondwet. De parlementaire meerderheid benoemt ‘in samenspraak met de oppositie’ de top van de publieke omroep Rai. Maar om er nu achter te komen dat Berlusconi dag en nacht aan de lijn hing met de hoofdredacteur van het nieuws op Rai Uno en orders gaf over hoe het nieuws gebracht of juist verdoezeld moest worden, dat is toch een andere zaak. En dat hij zelfs tijdens uitzendingen van Annozero ('Jaar Nul’, een zeer populair journalistiek onderzoeksprogramma op Rai Due) druk uitoefende om het van de buis te krijgen. Dit is aan het licht gekomen door het zoveelste juridische onderzoek, dat toevallig op deze telefoongesprekken van de premier is gestuit.
Het gaat de Italianen niet om het feit zelf, het gaat om het hoe. 'Hij is gewoon dom’, zei een teleurgestelde Italiaan die Berlusconi tot nog toe altijd had verdedigd. 'Je gaat al die dingen toch niet over de telefoon blaten? Dat valt me van hem tegen.’ En zelfs zijn eigen krant, Il Giornale, is kritisch. 'Silvio toch’, schrijft de rechtse huisfilosoof Marcello Veneziani, 'die telefoontjes, die klunzige manier van druk uitoefenen, was dat nou echt nodig? Wat je bereikt is dat iedereen misselijk wordt van de politiek en dat mensen straks niet naar de stembus gaan.’
Dat is de grote angst: dat op 28 en 29 maart het Italiaanse volk het zal laten afweten voor de regionale verkiezingen, een graadmeter voor Berlusconi’s macht en populariteit. De opiniepeilingen tonen voor het eerst een negatief beeld: het vertrouwen in Berlusconi is met ruim tien punten gedaald tot veertig procent.