Muskens

In De Groene van 10 februari geeft Joke van Kampen een kort commentaar op de uitspraken van bisschop Muskens in Netwerk over het gebruik van voorbehoedmiddelen. Dat commentaar bevreemdt mij.

Het moet Joke van Kampen, al jaren beleidsmedewerkster bij de Stichting Wereld en Bevolking in Hilversum, toch bekend zijn dat Nederland van 1990 tot 1997 de aangegane verplichtingen om 4 procent van het ontwikkelingsbudget te besteden aan reproductieve gezondheidszorg niet is nagekomen. Bij de begrotingsbehandeling voor ontwikkelingssamenwerking in de Tweede Kamer op 8 november 1995 zei minister Pronk: ‘Ik vind 4 procent wel een beetje hoog, dat zeg ik maar eerlijk.’ Eerlijk was dat, maar ook wat laat. Want als minister van Ontwikkelingssamenwerking had hij in 1989 de Declaratie van Amsterdam ondertekend en in 1995 de slotresolutie van Cairo, waarin deze verplichting was vastgelegd. En Joke van Kampen weet toch ook wel dat van de vier landen die voldoen aan de Oda-norm - 0,7 procent van het BNP voor ontwikkelingssamenwerking - Nederland jarenlang wat betreft de bijdrage aan reproductieve gezondheidszorg, achteraan heeft gelopen? Amsterdam, P.T. VAN DEN AKKER