Mutsje met vuurpijl

Aan de rand van Rotterdam-Schiebroek staat een onopvallende witte loods op een industrieterrein. In dat gebouw, beheerd door de leden van Stichting Kaus Australis, ateliercomplex annex tentoonstellingsruimte, heeft de Zwitserse kunstenaar Roman Signer (Appenzel, 1938) een drietal installaties vervaardigd.

‘Installaties’ - welke hedendaagse kunstenaar maakt ze niet? Meestal omvatten ze niet meer dan een bric à brac van wat houten latjes, paniekerig aan elkaar geknoopte touwtjes, verfrommelde blikjes bier, kwalijk riekende, in staat van ontbinding verkerende halfopgegeten broodjes shoarma, verscheurde pornoblaadjes en wat omgekieperde asbakken, voorzien van zulke fraaie titels als Mummy doesn’t live here anymore, My arse - beautiful as seen by others at the brink of my twentysecond’ birthday of Gilbert & George never did this… so why am I? of iets dergelijks (ik citeer natuurlijk vrijelijk uit het door recent tentoonstellingsbezoek gevoede geheugen).
Een installatie met een beetje 'body’ - die kom je zelden tegen.
Kennelijk moet je als kunstenaar al wat ouder zijn om het woord installatie nog een beetje lading mee te geven.
Roman Signer is zo'n kunstenaar.
De sympathieke Zwitser die zich bij voorkeur in een Oost-Duits Trabantje of Piaggio pickup-truckje door het landschap van het kanton Appenzel verplaatst, houdt zich al sinds de jaren zeventig bezig met het thema 'sculptuur als energie’.
Daar moeten we ons het volgende bij voorstellen: het eigenhandig afschieten van een vuurpijl, bevestigd aan een mutsje op het hoofd van de kunstenaar waardoor, na lancering van de pijl, het mutsje met een onverwachte ruk meegetrokken wordt - de lucht in, wég.
Of: het opvangen van een straal water uit een blauwe oliedrum in de opening van een stel lieslaarzen totdat het water eruit gulpt en de kunstenaar door het gewicht omvalt.
Ook kamperen in de ruige natuur van IJsland kan bij Signer tot kunst worden gepromoveerd: hij plaatste versterker en microfoon in de tent, nam het geluid van zijn snurkende reisgenoot op en stuurde dat via twee voor de tent geplaatste geluidsboxen de wereld in - geluid dat slechts werd opgemerkt door een aantal verstoord opkijkende IJslandse pony’s. Simpele, Fluxus-achtige acties en voorvallen, met speelse hand geregisseerd door Signer, die vooral gefascineerd blijkt door elementaire natuurkrachten: zwaartekracht, wind en vuur.
Het nieuw gemaakte werk in Rotterdam toont vooral wat er is gebeurd na de door Signer uitgelokte energieontlading. Hij schoot vier aan een felrode draad bevestigde vuurpijlen af door een groot stuk plastic gevat in een houten raamwerk en plaatste een ventilator achter een balustrade van houten balken, knipte de ventilator aan waardoor zeven balken omvielen, bij elkaar precies de breedte van een deur.
De balken liggen nu op de betonnen vloer, als lichtelijk absurd stilleven. De kijker rest niets anders dan een vermoeden van wat er gebeurd moet zijn. Dat verleent de op de grond rustende vuurpijlen en de ongeverfde stukken hout een bizarre dramatiek. Net zoals de stapel oliedrums rustend op vier onder het gewicht van de drums inzakkende zandzakken: één gaatje in de zakken en het zand stroomt weg, waardoor het fragiele evenwicht van de installatie verstoord wordt en de helblauwe oliedrums met donderend geraas omver zullen kieperen.
Signer speelt met verborgen krachten: je ziet wat je ziet en tegelijkertijd is er méér. Het geheim van alle goede kunst.

  • Vijftig kunstenaarsinitiatieven presenteren de tweede aflevering van Niet de Kunstvlaai, tegenhanger van de drie weken later openende Kunstrai 'waar het vooral om de rooie stippen draait’. Westergasfabriek Amsterdam, opening 30 mei 16.00 uur. Tot en met 7 juni van 12.00-18.00 uur. Toegang Ÿ 4,-.
  • Postcards from Black America: een overzicht van zwarte Amerikaanse kunst van na 1970. 33 belangrijke kunstenaars belichten de maatschappelijke omstandigheden van de zwarte Amerikaan. Slachtofferkunst? Nee, een zwarte wedergeboorte. T/m 21 juni in De Beyerd, Breda, Boschstraat 22 (tel. 076-5225025 voor openingstijden).