TELEVISIE: Opera in de rimboe

Muziek voor het volk

Het platste Mokums uit mijn jeugd kwam van ‘tante’ Rie, vriendin van mijn ouders. Ze was, net als mijn vader, in de Pijp geboren waar haar ouders een groentewinkel hadden. Die hadden als eersten een grammofoon en zondags werd op verzoek door het open raam opera gedraaid.

Want die vorm van Hoge Cultuur was populair onder de lower class. Mijn vader zong dramatische aria’s als het echt gezellig werd en ook Jordanezen konden er wat van. Volgens René van ’t Erve geldt dat niet meer voor zijn wijk Floradorp in Amsterdam-Noord, want Hazes c.s. en Angelsaksische pop hebben vermoedelijk de opera in alle volkswijken teruggedrongen. Van ’t Erve liet een heuse ‘volksopera’ uitvoeren op het beruchte kerstboomverbrandveldje, met medebewoners als solisten. Daarover maakte hij een film: Opera in de rimboe.

‘Rimboe’ net als ‘Balkan’ een veelgebruikte aanduiding voor ‘asociale’ wijken. De vroegste bewoners van de tuindorpen in Noord kwamen uit gesloopte krotten in de binnenstad; een deel belandde zelfs in Asterdorp, ‘woonschool voor onmaatschappelijken’. In de toespraak voorafgaand aan de opera- uitvoering horen we dat Floradorp ten onrechte een slechte naam had, want er woonden juist bikkels van de ndsm-werf. Ach, het zal allebei waar zijn, al doet zo’n ‘applausje voor jezelf want je bent juist goed’ enigszins paternalistisch aan. Maar dat zijn projecten van intellectuelen en kunstenaars voor en met ‘het volk’ per definitie en soms komen er prachtige zaken uit, artistiek en/of sociaal. Deels is de film procesverslag van amateurs op weg naar uitvoering, zoals we die vaker te zien krijgen. We volgen hoofdpersonen, leren hun geschiedenis, talenten, vorderingen en zenuwen kennen. Maar het tableau is opvallender dan gemiddeld. Een vrouw en drie mannen. Anja speelt in zekere zin zichzelf: zij is de ‘engel ex machina’ (in de trouwjurk van haar dochter) die een dode tot leven wekt. Zoals ze zelf op een dag opnieuw geboren werd: God bestaat echt en is Liefde.

De kijker vraagt zich af of ze uitsluitend op die ommekeer is gecast, want haar sopraan gaat door merg en been. Tijdens de uitvoering zingt ze gelukkig een octaaf lager, maar dan gaat er iets anders mis. De stemmen van de mannen zijn beduidend sterker, maar die kampen met gezondheidsproblemen. De bas, wiens (Mozart-)aria de lof van de sterke drank zingt, heeft een dijk van een stem, extra weerbarstig door kettingzuipen en -roken. Helaas zorgt diezelfde drank ervoor dat hij onmogelijk zijn tekst kan onthouden, wat tot pijnlijk-hilarische scènes leidt. Soms gemengde gevoelens bij het kijken, maar uiteindelijk beloning in ontroering die de uitvoering teweegbracht, hoewel sommige uitvoerenden het bij repetities beter deden. Ovaties van een verkleumd publiek zijn hun deel.

Over muziek vóór het volk gaat een andere documentaire: portret van de Eindhovense popgroep Bots die in de jaren zeventig triomfen vierde bij al wat antikapitalistisch en vredesbeweging was, hier en in Duitsland. Zeven dagen lang staat nog jaarlijks in de Top 2000, zegt een muzikant trots, die tot hoon van andere oud-leden nog steeds probeert door te gaan. Voorman Sanders, overleden, zong vóór activisten, maar de kick van pop, roem en poen bleek zeker zo belangrijk. Hun flirt met de ddr was behoorlijk dubieus. Mooi tijdsbeeld gemaakt voor Omroep Brabant. Oude mannen over al dan niet voorbije poproem, het heeft altijd een soort tristesse.

_* * *

René van ’t Erve_, Opera in de rimboe, NTR Podium, 16 juni, Nederland 2, 13.00 uur. Frank van Osch, Bots, trekt ten strijde!, NTR Het uur van de wolf, 18 juni, Nederland 2, 22.50 uur