Film

MYTHISCHE STRIJD

FILM Beowulf

Wie in een neonverlichte bioscoophal even stilstaat en om zich heen kijkt, ziet de toekomst: levensgrote affiches vol vreemde werelden uitgebeeld door middel van het nieuwe cinematografische wonder, Imax 3D. De ironie is dat sommige verhalen op de posters juist eeuwenoud zijn: een ogenschijnlijke variatie op het Sneeuwwitje-_sprookje, of waar het deze vrijdagmiddag vol popcorn en cola en Ajax-shirts om gaat, een nieuwe filmversie van de oudste literaire tekst in de Engelse taal, _Beowulf.

Wat tussen de tieners en toeristen duidelijk wordt, is dat fantasy een dominante vorm van populaire cultuur is. Fantasy is aanwezig in het werk van de gezichtsbepalende schrijvers van de twintigste eeuw: George Orwell, William Golding, Ursula Le Guin, Kurt Vonnegut, Thomas Pynchon. En – natuurlijk – Tolkien. Tom Shippey stelt in J.R.R. Tolkien: Author of the Century (2000) dat de aantrekkingskracht van Tolkien niet ligt in iets oppervlakkigs als charmante vreemdheid (hobbits), maar in de serieuze wijze waarop zijn werk reageert op de thema’s van zijn eeuw: de oorsprong en aard van het kwaad, menselijke ervaring in een wereld zonder god, cultuurrelativisme, en de corrumpering en de overleving van taal.

Heidense personages en een mythische strijd tussen goed en kwaad vormen ook de rode draad in het Angelsaksische meesterwerk Beowulf. Dichter en Nobelprijswinnaar Seamus Heaney suggereert in de inleiding van zijn Beowulf-_vertaling dat het Angelsaksische heldendicht _juist in termen van fantasy moet worden gelezen. In drie gevechten strijdt de held tegen drie demonische figuren op drie archetypische locaties: het gebarricadeerde nachthuis, onder water en tussen de rotsen van een wildernis waar allerlei reptielen leven. Slechts als je zo over Beowulf nadenkt, zegt Heaney, wordt de plaats van het dichtwerk in de literaire en culturele wereld duidelijk. En leent het zich evengoed voor een voorstelling in buraku (Japans poppentheater) als in een stripverhaal.

Met de nieuwe motion capture-_techniek heeft de Amerikaanse regisseur Robert Zemeckis _Beowulf op baanbrekende wijze verfilmd. Hierbij wordt de performance van de acteur digitaal opgenomen en vervolgens binnen een geanimeerde filmsetting gekopieerd. Toch is Beowulf een herinterpretatie van het origineel, hier en daar afwijkend, maar toch ook op veel punten accuraat. Het eerste deel is het beste. Beowulf (Ray Winstone) arriveert bij Heorot, het medehuis van koning Hrothgar (Anthony Hopkins), en stelt: ‘I am Beowulf and I am here to kill your monster.’ Dat monster, Grendel, een puistig, kermend, oedipaal gedrocht, is nog ‘mooier’ dan Gollum in Peter Jacksons Tolkien-films.

Beowulf is de bevestiging dat motion capture-techniek in combinatie met Imax 3D een grote invloed op de filmkunst zal hebben. Het is een adembenemende manier van filmen. Als kijker sta je zo dicht bij de actie dat je het bloed van Grendel bijna kunt proeven en ruiken. Dat de fantastische wereld van Beowulf en zijn onwaarschijnlijke helden op deze manier tot leven wordt gewekt, is grote winst. Stel je voor: één van die tieners in de zaal neemt de moeite om na de film naar de boekwinkel te gaan en Seamus Heaneys vertaling te kopen. Eigenlijk is het ondenkbaar dat ze dat niet allemaal zouden doen – zo leuk is Beowulf.

Beowulf 3D is te zien in de Pathé Imax in Amsterdam-Zuidoost