Na de val de vlucht

Toen August Willemsen nog Guus heette, kwamen we in hetzelfde cafe. Hoppe is een gruwelijke ballentent, maar neem van mij aan dat het ooit niet alleen een mooie ruimte was maar ook volop leuke klanten telde. M'n vader kwam er wel es, als Bruin het kon trekken, dus ga maar na. ‘Gemengd publiek’, want naast die ziekenfondsbode kwam er ‘de balie’ en was de slogan van de concurrent op het Leidseplein, ‘Artist en student, bij Eylders bekend’ zeker zo van toepassing op Hoppe. Daar waar Guus zat, zat ook vaak Hans Favery, om maar es een dichter te noemen. De schilder Hillenius kwam er; types als Hofland, Lammers en Igor Cornelissen. En tallozen meer. Als je pech had kwam Rijk de Gooyer, garant voor getreiter, geziek en bonje.

Name dropping, maar ik weet al lang dat roem niet afstraalt op de dropper. Het is juist aardig dat het, zeker bij de jongeren, niet ging om wie ze zouden worden, maar om wat ze daar en toen, in naamloosheid, waren. In meerdere of mindere mate geestig, aardig, intelligent, gul, talentvol en dranklustig. Ik behoorde en behoor tot het ras der innemers, onverzadigbaren. Als ze jong en sterk zijn, kunnen ze gevaarlijk veel aan; combineren ze studie, werk, verliefdheden met tomeloze hoeveelheden drank, katers en slaaptekort. Met het stijgen der jaren worden keuzes gemaakt, evenwichten gevonden, maatschappelijke en persoonlijke verantwoordelijkheden aanvaard. Of niet. Dat we in onze mateloosheid koorddansten, ik was het me niet bewust. En vond het vreemd dat ober Chiel, toen ik een paar weken niet was geweest vanwege tentamens, bij terugkeer zei dat hij blij was me lang niet gezien te hebben. Hij was op m'n vader gesteld en, al was die inmiddels dood, hij hoopte het beste voor de zoon.
Waarom blijven de meesten, al dan niet met veel gewankel, op het koord en lazeren anderen er af? Het zal wel een combinatie van biologie en het lot zijn. Van Guus wist ik niks behalve dat hij me prettig leek en stevig gebruikte. Hij verliet Hoppe eerder en keerde in m'n leven (als je media zo mag noemen) terug als August, begenadigd vertaler en dito auteur. Een wetenschappelijk en kunstzinnig geslaagd man, die Koning Alcohol niet tot dictator had laten worden.
Niet dat ik daar toen aan dacht; dan kun je je wel bij iedereen verbazen dat zij/hij het kennelijk gered heeft, ondanks verkeer, kanker en verslavingen. Het besef kwam pas later, bij publikatie van De val, ontluisterend relaas van een figuurlijke en letterlijke val voor en door drank, en de lijdensweg van de revalidatie. Wie zo daarover schreef, had alsnog gewonnen, dacht ik, naief. Tot ik August zag, op AT5,in Theodoor Holmans Jonge sla. Als een maleier. In vertrouwen (voor de televisie!) meedelend dat hij in Australie gaat wonen. Vanwege een vrouw. Wat had ik me graag verheugd over roerende late liefde. Maar glazige blik en moeizame tong maakten me tot Hoppes Chiel. Verdomme, August, na de val de vlucht? Dat ik me geen voyeur voelde kwam trouwens door Holman, kosher in belangstelling en bezorgdheid.