De 26ste Conference of the Parties in Glasgow was niet de eerste ‘laatste kans voor het klimaat’ en zal vermoedelijk ook niet de laatste zijn. Waar bij het afhameren van het Parijs-akkoord tranen van vreugde vloeiden, kreeg de Britse voorzitter Alok Sharma nu een brok in de keel van teleurstelling. Op de valreep was de slotverklaring onder druk van India en China afgezwakt. Het verbruik van steenkool wordt niet ‘uitgefaseerd’, maar ‘afgebouwd’. Ook de passage over het ontmantelen van ‘inefficiënte’ subsidies voor fossiele brandstoffen was tandeloos genoeg om iedereen tevreden te houden.

Ondanks deze tegenvallers staat de strijd tegen klimaatverandering er, nuchter beschouwd, beter voor dan zes jaar geleden. De overeenkomst in Parijs werd weliswaar alom geroemd als een historische doorbraak, omdat 197 landen beloofden ernaar te streven de opwarming te beperken tot anderhalve graad, maar de plannen die dat streven kracht bij moesten zetten schoten hopeloos te kort. Die plannen zijn in de aanloop naar Glasgow aangescherpt. Dat is goed nieuws. Het slechte nieuws: het is nog steeds niet genoeg om gevaarlijke klimaatontwrichting tegen te gaan.

Een hoop ‘bla bla’, zo vatte Greta Thunberg cop26 samen. Dat diplomatieke gebabbel schiet niet op, vinden veel klimaatactivisten, we hebben geen tijd meer voor gebakken lucht. Een onvolmaakte stap in de goede richting, zo klonk het bij veel politici. ‘You can’t let perfect be the enemy of good’, aldus de Amerikaanse klimaatgezant John Kerry. Allebei hebben ze een punt. ‘In ons hoofd moeten we twee schijnbaar tegengestelde realiteiten verenigen’, schreef klimaatwetenschapper Michael Mann in The Boston Globe. ‘We boeken substantiële vooruitgang en het is volstrekt onvoldoende gezien de omvang van deze uitdaging.’

Of je het glas als halfvol of halfleeg ziet hangt af van waar je naar kijkt, naar de beloftes of naar het beleid. Als alle landen hun klimaattoezeggingen waarmaken kunnen we de opwarming van de aarde aan het eind van de eeuw onder de twee graden houden. Scherpen ze die beloftes de komende jaren nog wat aan, dan blijft zelfs de anderhalvegraaddoelstelling nog in zicht. Maar zoals wel vaker in de politiek is het echte probleem de kloof die gaapt tussen woorden en daden.

Mooie woorden van Rutte na de klimaattop. We zullen zien wat ze waard zijn

Carbon Action Tracker, een onderzoeksinstituut dat alle klimaatplannen kritisch tegen het licht houdt, spreekt van een ‘geloofwaardigheidskloof’. Met het huidige klimaatbeleid koersen we namelijk af op een opwarming van 2,7 graden Celsius. Veel landen hebben zulke vage voornemens dat het onmogelijk is om ze fatsoenlijk te evalueren. Ondertussen weerspiegelen de investeringen in fossiele brandstoffen bepaald niet de urgentie die veel regeringsleiders tijdens hun openingstoespraak in Schotland zeiden te voelen.

Het is nu eenmaal makkelijker om ambitieuze doelen te stellen in de verre toekomst dan op korte termijn moeilijke beslissingen te nemen om die doelstellingen dichterbij te brengen. Premier Narendra Modi verkondigde dat India in 2070 klimaatneutraal zal zijn, in de wetenschap dat hij er tegen die tijd niet meer op kan worden afgerekend. Joe Biden beloofde tijdens zijn campagne een revolutionaire duurzaamheidsagenda, maar is al weer bezig met de tussentijdse verkiezingen zonder dat hij veel vooruitgang heeft geboekt.

‘Politici zijn bang voor een gebrek aan draagvlak’, zegt omgevingspsycholoog Linda Steg in een vraaggesprek. Net als de eerdere ‘klimaatdenkers’ die De Groene sprak voor deze interviewreeks heeft Steg weinig vertrouwen in internationale conferenties. Waar we behoefte aan hebben – het klinkt onderhand als een cliché – is politiek leiderschap. Aan politici die zich niet verschuilen achter ‘draagvlak’, maar dat actief creëren door de onvermijdelijke transitie op een eerlijke manier vorm te geven. Je zult zien dat mensen heus bereid zijn hun leefwijze aan te passen, gelooft Steg.

Misschien onderschatten politici het draagvlak dat al bestaat. Er namen veertigduizend burgers deel aan de klimaatmars in Amsterdam. Net als zo’n tweeduizend andere Nederlanders liep journalist Daphne van Paassen mee met de ClimateMiles, een soort klimaatpelgrimstocht naar Glasgow. Onderweg sprak ze met jongeren die de toekomst met angst tegemoet zien en bejaarden die met de namen van hun kleinkinderen op de rug wandelen. En dan is er nog de veel grotere groep, de stille meerderheid, die om wat voor reden dan ook terugdeinst voor activisme, maar zich evengoed zorgen maakt over het klimaat en begrijpt dat onze consumptiedrang in toom gehouden moet worden om ervoor te zorgen dat de aarde leefbaar blijft voor toekomstige generaties.

In plaats van eens in de zoveel jaar een internationale top tot ‘laatste kans’ te bestempelen, moeten we beseffen dat ieder wetsvoorstel en iedere verkiezing telt. In de 21ste eeuw is alle politiek klimaatpolitiek. ‘Er moet nog ongelooflijk veel werk verzet worden’, reageerde premier Rutte na afloop van de klimaattop. ‘Het is nu tijd voor actie en uitvoering.’ Mooie woorden. Bij de presentatie van een nieuw regeerakkoord zullen we zien wat die waard zijn.