De Israël-cultus van radicaal-rechts

Naar het veelbelovende land

De ene na de andere prominente radicaal-rechtse politicus bezoekt Israël en de bezette gebieden en spreekt steun uit voor de overlevingsstrijd van het kleine land. Vooral rechtse Israëlische politici verwelkomen de nieuwe bondgenoten met open armen.

Medium anp 44730158

Een foto van Marine Le Pen bij de Klaagmuur in Jeruzalem. Een ontmoeting met enkele belangrijke Israëlische politici, onder wie minister van Defensie Avigdor Lieberman en wie weet zelfs premier Benjamin Netanyahu. En ten slotte een toespraak bij het holocaustmonument Yad Vashem, waarin ze zich uitdrukkelijk distantieert van het antisemitisme en de holocaust ondubbelzinnig een zwarte bladzijde in de geschiedenis noemt.

Het is een scenario waar menigeen in het campagneteam van het Front National van droomt. Op weg naar de Franse presidentsverkiezingen in 2017 zou een bezoek aan Israël voor Marine Le Pen goud waard kunnen zijn. Het zou de kroon zijn op het in 2011 al ingezette proces van ‘dédiabolisation’, oftewel het ontdemoniseren van het Front National. Door afstand te nemen van de radicale standpunten en uitspraken van vader Jean Marie Le Pen proberen Marine Le Pen en haar entourage om van het Front National een voor alle nationalistisch gezinde Fransen acceptabele partij te maken. Het antisemitische imago van de partij vormt daarbij niet het enige, maar wel een belangrijk obstakel.

Het nieuwe Front National heeft dan ook op allerlei manieren geprobeerd om de betrekkingen met zowel de Franse joodse gemeenschap als met Israël te ‘normaliseren’, zoals het enigszins eufemistisch genoemd wordt. Het belangrijkste offer in de ‘normalisation des relations’ is ongetwijfeld de vadermoord op partijoprichter en verklaard antisemiet Jean Marie Le Pen. Nadat deze wederom de gaskamers ‘een detail’ in de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog had genoemd, zette zijn dochter hem afgelopen zomer definitief uit de partij.

Zelf heeft Marine Le Pen in verschillende interviews, onder meer met Israëlische media, juist sterk afstand genomen van de antisemitische en negationistische opmerkingen van haar vader en zich volmondig achter Israël geschaard. Daarnaast heeft het joodse FN-lid Michel Thooris een Union des Patriotes Français Juifs opgericht waarmee hij het Front National als de enige ware bondgenoot van Israël aanprijst.

Al in december 2011 heeft Thooris samen met het vooraanstaande FN-lid Louis Alliot, tevens levensgezel van Marine Le Pen, een excursie gemaakt naar Israël en de Westoever. Voor Alliot, die zich laat voorstaan op zijn joodse grootvader, voelde vooral het bezoek aan de nederzettingen op de Westoever als een soort thuiskomst, zo verklaarde hij met betraande ogen. Op dat moment bleken de radicaal-rechtse Israëlische kolonisten ook de enigen die bereid waren om hem te ontvangen: politici van Likud en andere partijen achtten het Front National op dat moment nog te zeer besmet. Deze maand zal het Front National echter een nieuwe verkenner naar Israël sturen, in de persoon van Gilbert Collard, lid van de Assemblee Nationale en een groot bewonderaar van Benjamin Netanyahu.

De moeite die het Front National zich getroost om de leider naar Israël te krijgen is niet alleen een Frans verschijnsel. Ze past in een algehele Israël-cultus die sinds enkele jaren in radicaal-rechtse kringen in West-Europa heerst. Niet alleen het Front National maar ook Vlaams Belang, ukip, de Oostenrijkse fpö, de Zweedse Democraten en natuurlijk onze eigen pvv staan tegenwoordig bekend als de meest fanatieke verdedigers van Israël in Europa. Deze positieve waardering van Israël, soms grenzend aan verheerlijking, is voor een deel ongetwijfeld ingegeven door strategische overwegingen. Het onderscheidt radicaal-rechts van extreem-rechtse, neonazistische bewegingen die vasthouden aan een antisemitisch gekleurde verwerping van de staat Israël. Dat ze vanuit deze meestal zieltogende extreem-rechtse clubjes worden uitgescholden voor zionisten en jodenvriendjes zal daarbij eerder als een voordeel worden opgevat. Voor radicaal-rechtse partijen is de snel gemaakte associatie met extreem-rechts namelijk een serieuze handicap. De liefde voor Israël – en de hoon die ze daardoor ontvangen van extreem-rechts – geldt als ultiem bewijs van de eigen rechtschapenheid.

Maar de Israël-cultus is niet alleen strategisch: ze hangt ook samen met het in radicaal-rechtse kringen omarmde idee dat de wereld het toneel is van een clash of civilisations. Vooral de botsing tussen de als homogene blokken beschouwde islam en de joods-christelijke beschaving is daarbij essentieel. In dit wereldbeeld is Israël niet alleen de geboortegrond van onze joods-christelijke beschaving, maar ook een baken van licht te midden van de barbaarse islamitische wereld. Het is daardoor ook de eerste verdedigingslinie van onze beschaving die te allen tijde moet worden beschermd, als een soort West-Berlijn ten tijde van de Koude Oorlog. Mocht Israël vallen, dan zal Europa snel volgen! Populair is ook de beeldspraak van Israël als de kanarie in de kolenmijn: een probleem met de veiligheid van het land is een waarschuwingssignaal voor de rest.

Daarnaast is er ook oprechte bewondering voor de wijze waarop het kleine, moedige Israël zich niet alleen staande weet te houden maar ook keihard afrekent met de als islamitische jihadisten geduide Palestijnse strijders. ‘De moeders in de westerse landen kunnen rustig slapen, omdat de Israëlische moeders zich ’s nachts zorgen maken over hun zonen in het leger. Hun strijd is onze strijd’, zo luidt een veel herhaalde stelling van Geert Wilders. Al jaren geldt Wilders als een groot voorstander van toepassing van Israëlische veiligheidsmaatregelen, zoals bijvoorbeeld administratieve detentie, oftewel het zonder proces vastzetten van potentiële terroristen. Ook de bouw van nederzettingen op de Westbank (door Wilders steevast aangeduid met de Israëlische benaming Judea en Samaria) acht hij legitiem, al was het alleen al als buffer. Met Jordanië hebben de Palestijnen in zijn ogen bovendien al een eigen staat, waarheen ze kunnen vertrekken als zij dat wensen.

Hoewel Wilders binnen deze rechts-populistische internationale geldt als een van de belangrijkste pleitbezorgers van Israël, is hij zeker niet de eerste of de enige. Al in 2008 constateerde de politicoloog José Pedro Zúquete in een artikel in Journal of Political Ideologies hoezeer de vijandschap tegenover de islam het oudere antisemitisme had vervangen en deels zelfs had doen omslaan in een filosemitisme. Partijen die net als het Front National kampten met een antisemitisch imago, zoals de Oostenrijkse fpö, het Vlaams Belang en de Zweedse Democraten, ontpopten zich rond die tijd al als uitgesproken bondgenoten van Israël.

Sinds het aantreden van hardliner Benjamin Netanyahu in 2009 is die steun alleen maar sterker geworden. De winst van Netanyahu bij de laatste parlementsverkiezingen van 2015 werd nergens in Europa zo enthousiast verwelkomd als bij deze partijen. Dat Netanyahu zijn kabinet onlangs heeft versterkt met Avigdor Lieberman en zijn Yisrael Beetenou heeft hem bij de Europese aanhangers nog populairder gemaakt. Per Twitter ontving Lieberman felicitaties van diverse prominente rechts-radicale politici, waaronder van Wilders. In het Europees Parlement profileert de gezamenlijke fractie van onder meer pvv, fpö en Front National, Europa van Naties en Vrijheid genaamd, zich als de grootste bondgenoot van Israël, terwijl elke financiële en politieke steun aan de Palestijnse Autoriteit wordt afgewezen. Vooral pvv-europarlementariër Marcel de Graaff, lid van de parlementaire delegatie voor betrekkingen met Israël, springt vol overtuiging in de bres voor Netanyahu. Zowel diens harde maatregelen na enkele Palestijnse aanslagen in september 2015 als zijn fel bekritiseerde uitspraak dat niet Adolf Hitler maar de grootmoefti van Jeruzalem Haj Amin al-Husseini het brein achter de holocaust was, kon op de goedkeuring van De Graaff rekenen.

Er zijn in de afgelopen jaren al diverse delegaties naar Israël, inclusief de bezette gebieden, afgereisd om hun steun uit te spreken. In december 2010 maakte een eerste grote delegatie van Europese rechts-radicale politici uit de zogenaamde European Alliance for Freedom haar opwachting. Vooraanstaande rechts-populistische leiders als Filip Dewinter van het Vlaams Belang, Kent Ekeroth van de Zweedse Democraten, Heinz-Christian Strache van de fpö en de Duitser René Stadtkewitz van het inmiddels zieltogende partijtje Die Freiheit bezochten de Knesset en Yad Vashem alsook enige nederzettingen op de Westbank. De reis eindigde met het opstellen van een heuse officiële ‘Verklaring van Jeruzalem’, waarin de European Alliance for Freedom zich volledig achter de strijd van Israël tegen de islamitische agressie schaarde.

Zeker sinds het aantreden van het zeer rechtse kabinet van Netanyahu in 2015 lijkt het een komen en gaan van radicaal-rechtse politici in Israël. Afgelopen week nog werd Pia Kjærsgaard met alle egards ontvangen. Op uitnodiging van Likud-politici sprak de politiek leider van de Deense Volkspartij de Knesset toe, waarna ze zich liet rondleiden in Yad Vashem. Enkele weken eerder had Lega Nord-leider Matteo Salvini eveneens een bezoek aan het holocaustmuseum in Jeruzalem gebracht en uitvoerige gesprekken gevoerd met enkele leidende Israëlische politici.

‘Wat ze delen is de overtuiging dat de islam door en door slecht is en aan de basis van alle ellende staat’

Salvini was nog niet verdwenen of Heinz-Christian Strache landde op Ben Gurion Airport voor een bliksembezoek. De leider van de Oostenrijkse fpö liet zich fotograferen bij Yad Vashem, sprak met enkele Likud-parlementariërs en bracht een bezoekje aan een nederzetting op de Westbank. Het bezoek aan Israël was niet toevallig gepland vlak voor de Oostenrijkse presidentsverkiezingen, waarin Strache’s partijgenoot Norbert Hofer kandidaat stond. Officieel wenst de Israëlische regering sinds Jörg Haider geen banden met de fpö te onderhouden, maar verschillende Likud-parlementariërs waren toch bereid om Strache te ontvangen. Daarnaast kreeg Israël in de afgelopen acht maanden ook bezoek van Frauke Petry van Alternative für Deutschland, Roger Helmer en Paul Nuttall van ukip, Timo Soini van de Ware Finnen die inmiddels minister van Buitenlandse Zaken is, en natuurlijk Geert Wilders, die jaarlijks minimaal één keer naar het beloofde land afreist.

Het enthousiasme om Israël te bezoeken beperkt zich niet tot de politieke kopstukken van deze bewegingen. Zo organiseert een veel bezochte website als het Duitse PI.News, dat verwant is aan Pegida en Alternative für Deutschland, in november 2016 een zevendaagse lezersreis naar ‘het moderne Israël’ met als wervende slogan: ‘Politik, Gesellschaft, Armee Fun an den Hotspots’. Op het programma staan onder meer bezoekjes aan het idf-Museum, aan de pro-Israëlische media-organisatie Honest Reporting en aan de nederzettingen van Gush Etzion, waar deelnemers zelfs kunnen meedoen aan schietoefeningen. Solidariteit met Israël mag niet slechts een woord blijven, maar moet zich ook ‘praktisch ausdrücken’, aldus de beoogde reisleider, die als pseudoniem mr. Merkava draagt, de naam van een Israëlische tank. Zulke verwijzingen naar de Israëlische militaire macht behoren inmiddels tot het repertoire van gedeelde symbolen in Europese radicaal-rechtse kringen. Zo zijn op demonstraties en bijeenkomsten tegenwoordig vrijwel steevast Israëlische vlaggen en kleding met opdruk van de Israel Defense Forces te zien.

De Israël-cultus kan zowel vanuit electorale motieven (imagoverbetering en distantie tot het oude extreem-rechts) als vanuit principiële motieven (Israël als essentiële frontlijn in de clash of civilisations) goed verklaard worden. Moeilijker te verklaren is dat vertegenwoordigers van partijen met een antisemitisch verleden zoals fpö, Vlaams Belang en Front National in Israël een steeds warmer welkom krijgen, ook in kringen van de regering. Zeker, een groot deel van de Israëlische politici loopt nog steeds met een boog om deze nieuwe vrienden heen, zoals de oude Shimon Peres die weigerde Strache te ontvangen. Ook in de media klinkt kritiek op de bereidwilligheid maar ook de naïviteit van Israëlische politici om zich voor het karretje van radicaal-rechts in Europa te laten spannen. Wat deze partijen doen, is louter het verschuiven van hun haatdragende energie van joden naar moslims, zo stelde bijvoorbeeld Ha’aretz-journalist Barak Ravid.

Toch is dat niet het geluid dat overheerst, zo stelt Dani Filc, die als politicoloog verbonden is aan Ben Gurion University of the Negev in Beersheva. Per Skype spreek ik met deze expert op het terrein van de rechtse politieke partijen in Israël, van wie in 2009 het gezaghebbende boek The Political Right in Israel: Different Faces of Jewish Populism verscheen. De ontwikkelingen aan de rechterkant van het politieke spectrum die hij in 2009 waarnam hebben zich verder doorgezet: ‘Eerst waren het vooral partijen als Herut, de Nationale Unie en Yisrael Beetenou van Lieberman die contacten onderhielden met de Europese radicaal-rechtse partijen. Dat was ook wel logisch, want met hun autoritaire en nativistische standpunten waren zij verwant aan de radicaal-rechtse partijen in Europa.

Maar dat nu ook Likud-politici bereid zijn om vertegenwoordigers van die partijen te ontvangen, toont aan hoezeer die partij is veranderd. Het zal er zeker ook mee te maken hebben dat oudgedienden als Jörg Haider en Jean Marie Le Pen uit beeld zijn verdwenen. Maar onder Netanyahu is Likud ook erg geradicaliseerd. Vroeger kon je Likud een nationalistische, conservatief-liberale partij noemen en er zijn zeker nog steeds Likudniks die je daar kunt plaatsen, zoals de huidige president Reuven Rivlin. Maar onder Netanyahu is de hoofdstroom binnen Likud radicaal-rechts geworden en is het verschil met de partij van Lieberman veel kleiner geworden. Racistische uitspraken zijn inmiddels tamelijk normaal. Bij de parlementsverkiezingen vorig jaar riep Netanyahu als premier bijvoorbeeld alle joodse Israëlische kiezers op om vooral te gaan stemmen omdat anders de Israëlische Arabieren te veel macht kregen omdat die wél massaal naar de stembus gingen.’

Voor de rechtse partijen in Israël zijn er ook ideologische en strategische motieven om samenwerking te zoeken met radicaal-rechts in Europa. Filc: ‘Wat ze delen is de overtuiging dat de islam door en door slecht is en aan de basis van alle ellende staat. De discursieve strategie van Netanyahu en de zijnen is er helemaal op gericht om IS, Hamas, Hezbollah, de Palestijnse Autoriteit en eigenlijk de hele Arabische wereld zo veel mogelijk als één geheel te presenteren. En de islam vormt dan natuurlijk de verbindende factor. Door alles te presenteren in het licht van de strijd van het Westen tegen de islam omzeilt hij lastige vragen over de rechten van de Palestijnen en verbindt hij het lot van Israël aan dat van het Westen. Die analyse wordt vooral door radicaal-rechts in Europa gedeeld. Omdat die partijen sterker worden in West-Europa heeft het dus wel zin om in die relatie te investeren.’

Daarnaast speelt volgens Filc ook dat Israël onder Netanyahu steeds meer geïsoleerd is geraakt. De Verenigde Staten en de Europese Unie hebben veel kritiek op het vaak onverzoenlijke beleid van Netanyahu en de keiharde maatregelen die volgen na aanslagen. ‘Met Lieberman erbij zal dat waarschijnlijk niet minder worden’, verzucht Filc die, als opgeleid medicus, ook actief is in Physicians for Human Rights Israel, een organisatie die kritisch staat tegenover de Israëlische bezettingspolitiek. De populariteit van Netanyahu en Lieberman is tegelijk gebaseerd op het door hen aangewakkerde gevoel dat de wereld zich tegen Israël keert. ‘Veel gewone Israëliërs vonden de kritiek op het Israëlische leger in het Goldstein-rapport (naar aanleiding van de Gaza-oorlog van 2008-2009 – kv) erg onredelijk. Ze hebben het idee dat ze in de steek worden gelaten. Als er dan nieuwe bondgenoten vanuit het Westen opduiken, die het Israëlische leger wel positief waarderen, is de keuze snel gemaakt.’

Zal Marine Le Pen binnenkort inderdaad samen met Netanyahu bij de Klaagmuur te bewonderen zijn? Het zou Filc niets verbazen. ‘Ze hebben inhoudelijk veel met elkaar gemeen. Netanyahu zal er alleen wel voor zorgen dat hij niet misschien Sarkozy of de socialisten voor het hoofd stoot. Maar hij zal het zeker niet meer laten omdat het niet politiek correct zou zijn.’


Koen Vossen is universitair docent politicologie aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Hij publiceerde onder meer het boek Rondom Wilders: Portret van de PVV

Geert Wilders en Israël

Hoewel Wilders niet aan de wieg van de radicaal-rechtse Israël-cultus staat, is hij er wel een belangrijke aanjager van. ‘Schaut nach Israel, lernt von Israel’, adviseerde hij de Duitse Pegida-demonstranten in zijn toespraak in Dresden op 13 april 2015. Ook Marine Le Pen kreeg van Wilders het welgemeende advies om snel het beloofde land te bezoeken. De Israël-liefde van Wilders gaat terug tot het begin van de jaren tachtig, toen hij als negentienjarige een tussenjaar vierde in Israël. Sindsdien is hij volgens eigen zeggen meer dan vijftig keer teruggekeerd en heeft hij er een omvangrijk netwerk.

Aanvankelijk ging zijn sympathie vooral uit naar ferme Likud-politici als Ariel Sharon (wiens begrafenis hij bezocht), maar tegelijk met zijn islamstandpunt radicaliseerde ook zijn Israël-standpunt. In een opiniestuk in de Volkskrant uit 2008 schaarde Wilders zich achter het revisionistisch zionisme, het door Ze’ev Jabotinsky gepropageerde idee van een ‘Groot-Israël’ waarin de facto geen plaats is voor Palestijnen. ‘De Arabische landen kunnen de Palestijnen uit de “bezette gebieden” heel goed herbergen. Een migratie naar de Arabische landen is logisch en wenselijk.’ Dit standpunt wordt in Israël in zijn meest zuivere vorm vooral gevonden onder aanhangers van radicaal-rechtse politici als Arieh Eldad en Avigdor Lieberman, die allebei goed bevriend zijn met Wilders (maar niet met elkaar).

Wilders schreef het opinieartikel in 2008 samen met Martin Bosma. Net als Wilders verbleef ook Bosma in zijn jonge jaren een tijd in Israël. Om zijn liefde voor het land te tonen hing hij een in Tel Aviv gekochte Israëlische vlag voor het raam van zijn Binnenhof-kantoor ‘zodat de mensen buiten ook weten dat dit bevrijd gebied is’. De voorliefde voor de Joodse Staat en het gedweep met Israëlische symbolen heeft voeding gegeven aan allerlei speculaties dat de PVV gefinancierd zou worden vanuit Israël. Daarvoor zijn echter weinig aanwijzingen. Wel is er veel circumstantial evidence dat de partij geld heeft ontvangen van Amerikaanse organisaties die zich sterk maken voor Israël. Over de hoogte van de bedragen en de eventuele gestelde voorwaarden is niets bekend.

Beeld: FPÖ'er Heinz-Christian Strache (links) in Jeruzalem bij het holocaustmuseum Yad Vashem, 12 april (Ronen Zvulun / Reuters / ANP)