televisie

Naast een SS-kamp

Het kwaad buiten

‘Meer weet ik niet over de oorlog. Denk er geen moment meer aan.’ Met die woorden van Marga Minco begonnen Doebele en Schmidt hun documentaire over de schrijfster. Zo neergeschreven misleidend, want Minco’s gezicht en lach bewezen het tegendeel. Er zal veel vergeten, verzwegen en verdrongen zijn over die tijd, individueel en collectief, maar desondanks, of juist daardoor, lijken we steeds meer te willen weten en de televisie wil er steeds meer over (laten) vertellen. Al sterven steeds meer getuigen. Misschien is dat trouwens mede een verklaring: zoek ze op nu het nog kan. We zagen ze in de prachtreeks De oorlog; we zien ze in documentaires en in een aprilreeks van Andere tijden: dodenmarsen na ontruiming van de kampen; onderduik van joodse kinderen. De laatste met drie verhalen van toenmalige kinderen, voorgoed gescheiden van de ouders op respectievelijk vier-, twaalf- en zeventienjarige leeftijd. Verschillend door levensfase, 'stiefoudergezinnen’, eigen karakter. David de Levita zegt aarzelend dat hij op zijn protestantse duikadres 'de tijd van zijn leven had’, wat buiten de context gruwelijk klinkt maar wat een indrukwekkende getuigenis blijkt als u kijkt op Uitzending gemist.
Nog steeds niet vrij over de dodenmarsen was alleen al confronterend door het relaas van een overlever die in het kamp tot 'bevoorrechten’ behoorde dankzij meer toegang tot voedsel - groep die door fysieke kracht een groot deel van de goederenwagon voor zichzelf reserveerde en met eigen proviand de marsen aankon. Zo werkt het als de bodem in zicht komt. En niet alleen dan. In diezelfde aflevering ook 'omstanders’: Duitse dorpelingen die spooklegers voorbijgedreven zagen worden.
Ook over omstanders gaat een documentaire van Joost Seelen, Het kwaad buiten: Leven naast Kamp Vught. Onthutsend. Mentaliteiten zijn als geuren - ze vervliegen. Oorlogservaringen zijn vaak lastig te begrijpen doordat wie jonger is atmosfeer en cultuur niet kent. Bovendien zijn ze vaak vertekend - door beperkingen van het geheugen - door correctheid achteraf (wie vertelt zoiets over zijn rol in de wagon?). Maar hier lijkt een fles met oude lucht open te gaan. Getuigen die als kind of jongvolwassene woonden in een dorp waarnaast een SS-kamp werd ingericht. Er was mededogen, zeker. Er werd brood gemaakt dat aanvankelijk soms oogluikend door werd gelaten. Maar ook kwam er werk bij kampaanleg en onderhoud - goed betaald. Dan hoefde je ook niet naar Duitsland.
Wie ben ik om te oordelen? De meeste getuigen lijken laagopgeleid, wat niets over ethisch gehalte zegt, maar wel over het vermogen in te schatten hoe woorden aankomen - en hoe met kennis van nu naar die tijd wordt gekeken. Dat lijkt aan sommigen voorbijgegaan. Het enthousiasme waarmee een man vertelt hoe hij als tienjarige ongestoord door het kamp liep als hulpje van de vrachtrijder - we weten uit andere getuigenissen wat hij daar te zien kreeg! Eigenlijk mocht het natuurlijk niet 'dat ze die mensen meenamen’. Maar verder deden die Duitsers niks verkeerd. 'Als een jood niet luisterde, ja dan…’
Jammer dat Seelen het niet bij de verhalen laat. Muziek en beelden in slowmotion van hedendaagse Vughtenaren - wat zouden zij (en wij) doen? - geven nadrukkelijk Betekenis. En we horen wel heel even over dorpelingen die het niet langer aankonden hun brood te verdienen terwijl ze gruwelijks moesten aanzien en -horen - maar die zitten niet in de film. Wel een man die zijn broer uit het kamp joeg: 'Die durfde alles. Die gaf nog zijn laatste boterham weg. Maar daar ben je niet altijd mee geholpen, met dat weggeven.’ Hij zou het allemaal zo weer doen, besef je. Want over de verdiensten mocht hij nog altijd bepaald niet mopperen.

Joost Seelen, Het kwaad buiten. NCRV, dinsdag 4 mei, Nederland 2, 18.05 uur