Ons beschamende asielbeleid

Nalatig, passief en onzorgvuldig

De zaak Dolmatov legt het falende asielsysteem bloot. Vreemdelingen worden daarin gemangeld en niemand voelt zich verantwoordelijk. Zelfs de staatssecretaris niet. De zaak-Dolmatov legt het falende asielsysteem bloot. Vreemdelingen worden daarin gemangeld en niemand voelt zich verantwoordelijk. Zelfs de staatssecretaris niet.

Medium 11845159

De Russische asielzoeker Alexander Dolmatov is niet de eerste die zelfmoord pleegde in vreemdelingenbewaring. Zowel in 2010 als in 2011 beging een gedetineerde suïcide in een detentiecentrum. Naar deze twee zelfmoorden heeft de Inspectie voor Veiligheid en Justitie geen onderzoek gedaan. De detentiecentra zelf zouden dat moeten doen, maar daar is geen rapport van. Daarnaast zijn er nog talloze pogingen tot suïcide, zo blijkt uit de jaarverslagen van de vreemdelingendetentiecentra van 2007 tot en met 2011 die De Groene Amsterdammer bij het ministerie van Veiligheid en Justitie heeft opgevraagd. Zo meldde het detentiecentrum in Alphen aan de Rijn in 2008 twee pogingen tot suïcide, vier zelfverwondingen, in 2009 zeven pogingen tot suïcide, twee zelfverwondingen, in 2010 een poging tot suïcide. Opvallend is dat alleen Alphen het aantal zelfmoorden en zelfmoordpogingen meldt in het jaarverslag. De andere detentiecentra niet. Ook opvallend is dat in de penitentiaire inrichting Ter Apel in 2007 een ‘geslaagde suïcide’ heeft plaatsgevonden, terwijl in een officieel rapport van het ministerie van Veiligheid en Justitie uit mei 2012 staat dat in 2007 geen enkele zelfmoord in vreemdelingendetentie heeft plaatsgevonden. Kortom: er is geen meldplicht, geen onafhankelijk onderzoek en geen duidelijkheid over zelfmoorden en zelfmoordpogingen in vreemdelingendetentie.

Daarnaast zijn er de honger- en dorststakingen – in Alphen aan de Rijn in 2008 46 keer, in 2009 eveneens, in 2010 23 keer, daarna wordt het niet meer vermeld –, de geweldsincidenten – tegen de bewakers maar ook onderling – en de ‘ordemaatregelen’, de veelvuldige isoleercelplaatsingen. Het aantal zelfmoordpogingen van asielzoekers is in de afgelopen tien jaar verdubbeld, het aantal incidenten toegenomen. De kritiek van Amnesty International, de Nationale Ombudsman, Vluchtelingenwerk, vreemdelingenrechtadvocaten en zelfs van de internationale organisatie tegen marteling, de European Committee for the Prevention of Torture, op het systeem is groot. Al jaren wordt door hen het inhumane beleid in Nederland aan de kaak gesteld, zonder dat er gehoor aan werd gegeven door de verantwoordelijke staatssecretarissen.

Dat de zelfmoord van Dolmatov geleid heeft tot onderzoek naar de gang van zaken geeft dan ook een unieke kans om het hele systeem te reconstrueren. Want alles duidt erop dat Dolmatov geen losstaand incident is. Het inspectierapport concludeert dat Dolmatov ten onrechte in vreemdelingenbewaring is gesteld, dat er ten aanzien van de verleende rechtsbijstand niet conform wet- en regelgeving is gehandeld en dat de verstrekte medische zorg te kort is geschoten. Zo kon het uiteindelijk gebeuren dat een suïcidale asielzoeker die nog in beroep is tegen zijn uitzetting in vreemdelingenbewaring belandde en niet alleen verstoken bleef van basale juridische rechtsbijstand, maar ook van medische zorg.

De reconstructie van Dolmatovs leven in het asielsysteem laat zien hoe functionarissen op diverse plekken nalatig, passief of onzorgvuldig waren. Dat is sowieso schokkend, maar als je mensen opsluit, de zeggenschap over hun vrijheid en leven wegneemt, dan mag dat gewoon niet gebeuren. Dan mag er geen fout worden gemaakt, het mag zelfs geen uitzondering zijn, en zeker geen regel. ‘Voor mij is de zelfmoord van Dolmatov het zoveelste bewijs van het failliet van het Nederlandse vluchtelingen- en vreemdelingenbeleid’, schrijft ook dominee Dick Couvée van de Rotterdamse Pauluskerk in het Reformatorisch Dagblad. ‘Als je denkt dat mensen je land zullen verlaten als je hen maar voldoende uitrookt, krijg je onmenselijke situaties en afschuwelijke gebeurtenissen. Het detentiebeleid is het sluitstuk van een beleid dat op geen enkele manier strookt met normen van humaniteit en menselijke waardigheid.’

De Tweede Kamer heeft afgelopen week gevraagd om een radicale omslag. SP, GroenLinks, d66, cda en ook de pvda betoogden dat de zaak-Dolmatov ‘het kantelpunt’ in het asielbeleid moet worden: minder streng, meer humaan. De sgp zei dat de dood van Dolmatov ‘een zweepslag’ moet zijn voor de uitvoeringsorganisaties in de asielpraktijk. Maar Teeven is nog met weinig nieuws gekomen. De staatssecretaris had al lang aangekondigd dat hij in de zomer zou komen met een ‘visiedocument’ op het vreemdelingenbeleid, ook dat er minder mensen in vreemdelingenbewaring zouden worden geplaatst vanwege de bezuinigingen en dat hij zou nadenken over de mogelijkheid vreemdelingenbewaring niet meer onder de penitentiaire beginselenwet te laten vallen. ‘Hooguit kunnen we nu meer druk op de ketel houden, maar hij heeft de Kamer niet meer toegezegd dan al op de planning stond’, reageert Annemarie Busser van Amnesty International.

Iedereen in het veld hoopt dat er meer uit gaat komen dan een pilotje hier en een experimentje daar. Het gaat, zo blijkt ook uit het Dolmatov-onderzoek, om structurele problemen. Uit het rapport blijkt onder meer dat ‘er op verschillende momenten door verschillende organisaties in de vreemdelingenketen onzorgvuldig is gehandeld’. De computersystemen zijn niet goed op elkaar afgestemd, functionarissen zijn onzorgvuldig, er is een veelheid aan systemen, een passieve houding van partijen en de informatie is gefragmenteerd beschikbaar. ‘Het onzorgvuldig handelen van de Nederlandse overheid is toe te schrijven aan het handelen of nalaten van functionarissen, maar ook aan de afhankelijkheid van – en het vertrouwen in – de systemen, procedures en formulieren die die ambtenaren bij hun besluiten in die keten ondersteunen’, zo blijkt uit het Inspectie-onderzoek. ‘Het is zorgelijk te signaleren dat deze systeemomissies voor een belangrijk deel bekend zijn bij de betrokken ketenpartners.’

Een vreemdeling kan, in tegenstelling tot iemand die verdacht wordt van een strafbaar feit, zo van de ene minuut op de andere worden vastgezet. Per jaar worden zo’n acht- tot tienduizend illegalen – inclusief kinderen – door de vreemdelingenpolitie opgepakt en in vreemdelingendetentie geplaatst met als doel ze het land uit te zetten. Vervolgens duurt het soms zes weken voordat hij of zij een rechter ziet, gemiddeld duurt het zo’n twee tot drie weken. Al die tijd zit iemand dan al in detentie. In het strafrecht moet een rechter binnen 72 uur de inbewaringstelling toetsen. ‘Het zegt iets over het gemak waarmee vreemdelingen in detentie worden genomen’, zegt ook Annemarie Busser van Amnesty International.

Vreemdelingendetentie mag maximaal een half jaar duren, maar in bepaalde gevallen met nog eens een jaar verlengd worden. In de praktijk is het maximum dus anderhalf jaar. Maar als uitzetting niet gelukt is, mogen vreemdelingen daarna gewoon weer opgepakt worden. Zo zit een 26-jarige Soedanese jongen al meer dan drie jaar van zijn jonge leven in vreemdelingendetentie, afwisselend enkele maanden tot anderhalf jaar. Hij wordt nooit uitgezet, steeds weer vrijgelaten en na een kortere of langere tijd weer opgepakt. Ook nu zit hij al zes maanden in het detentiecentrum Rotterdam, en mag hij van de rechter nog eens maximaal een jaar zitten.

Gedetineerden van wie bekend is dat ze suïcidale neigingen hebben, worden veelvuldig in de isoleercel geplaatst, onder constant cameratoezicht met scheurkleding aan. Daarmee wordt voorkomen dat ze zelfmoord plegen, maar hun psychische toestand wordt alleen maar erger. De detentie wordt een trigger, waardoor psychische problemen en ook zelfmoordneigingen toenemen. Labiele, psychisch kwetsbare personen horen niet in detentie, zij hebben hulp nodig. Hiermee voegt de Nederlandse overheid trauma’s toe, ontdekte psychiater Kees Laban, hoofd van De Evenaar, Centrum voor Transculturele Psychiatrie in Beilen. Hij ontdekte dat voor veel illegalen en asielzoekers hun tijd in Nederland uitermate traumatiserend en stresserend is.

Vreemdelingendetentie zou een uiterste middel moeten zijn, zo bepleiten mensenrechtenorganisaties en ook de Nationale Ombudsman, maar in Nederland is het eerder een standaardprocedure dan uitzondering. Het denken hierover zou moeten worden omgedraaid. Het uitgangspunt moet vrijheid zijn, alleen als het niet anders kan, zou de overheid tot gevangenneming mogen overgaan. Nu worden juist vaak de kwetsbaren opgepakt. Dat geldt voor Dolmatov, maar voor veel meer mensen. ‘Als staatssecretaris Teeven de Kamer belooft dat hij nog beter op zal letten om zelfmoord te voorkomen, is de vraag: hoe?’ verklaart Busser van Amnesty. ‘Gaat hij dan mensen nog eerder in de isoleercel zetten of gaat hij werkelijk iets doen aan de praktijk van vreemdelingendetentie?

Het grootste probleem van het asielbeleid is dat niemand zich meer verantwoordelijk voelt voor de vreemdelingen in Nederland; het systeem lijkt los te staan van de mensen waar het om gaat. Zie de zaak-Dolmatov: de ind-ambtenaar liet het afweten toen de vreemdelingenpolitie navraag deed of hij inderdaad ‘verwijderbaar’ was, de piketadvocaat en de Vreemdelingenpolitie hebben vervolgens bij de insluiting van Dolmatov een opvallend passieve houding ten opzichte van elkaar aangenomen. ‘Beiden hebben de eerste stap van de ander afgewacht’, meldt het rapport. Dit geldt ook voor hen die betrokken zijn bij de aan Dolmatov na zijn inbewaringstelling geboden juridische bijstand en medische zorg. Hij mocht niet bellen, kreeg niet zijn eigen advocaat, ook de verpleegkundigen zijn professioneel tekortgeschoten, de psycholoog en de huisarts waren te afwachtend. Het probleem dat zichtbaar wordt uit de reconstructie is dat mensen volledig leunen op beslissingen die mensen voor hen in het systeem al genomen hadden. Niemand kijkt meer naar het geheel, niemand coördineert. Het systeem is gefragmenteerd. Daardoor is ook de verantwoordelijkheid gefragmenteerd, met als gevolg dat niemand zich verantwoordelijk voelt. Zelfs de staatssecretaris niet.

Deels zal dat een manier zijn voor functionarissen om om te gaan met individuele emoties. Zij zien de vreemdeling, voor hen zijn het geen cijfers en aantallen. Zij zien dagelijks het leed, de wanhoop, de boosheid, de teleurstelling, de hysterie, de angst, wat dan ook. Zij zullen zich wellicht bewapenen met afstand en nonchalance. De beleidsmakers hebben aan de andere kant zelden direct te maken met vreemdelingen. Het systeem is zo gedepersonaliseerd, de taken zijn zo opgedeeld dat de uitvoerders zich alleen nog verantwoordelijk voelen voor een klein deel van het geheel. Vreemdelingen worden daardoor gemangeld in het systeem. En dat is schaamtevol. Uiteindelijk is het systeem niet verantwoordelijk, noch een falend computerprogramma, maar de Nederlandse overheid.


Beeld: Joost van den Broek / HH

Bijschrift: Detentiecentrum voor asielzoekers bij Rotterdam Airport