Nationaal Historische Hutspot

En toen was het de week van het Nationaal Historisch Museum. Al in maart maakten directeuren Erik Schilp en Valentijn Byvanck bekend dat het nieuwe museum niet naast het Openluchtmuseum, maar in het centrum van Arnhem zou komen te staan, pal naast de historische bridge too far. Het rumoer brak pas los toen twee oud-burgemeesters van Arnhem twee maanden later in een opiniestuk in NRC Handelsblad opnieuw een lans braken voor de beoogde locatie, en voor het beoogde gebouw van Francine Houden, dat door de directie ook en passant was afgeserveerd. O ja, de historische canon was ook op de schroothoop gegooid.

Er was nog geen paal in de grond geslagen en betrokkenen en belanghebbenden, politici en columnisten buitelden over elkaar heen. Jan Marijnissen, de geestelijk vader van het canonmuseum, hekelde het ‘postmoderne gedoe’ van de directie, dat waarschijnlijk tot een historische ‘hutspot’ gaat leiden. Kamerleden bleken opeens gespecialiseerd in museuminrichting: de chronologie moet gehandhaafd! En als toch van het oorspronkelijke plan werd afgeweken: Den Haag was de betere plek. De directeur van het Openluchtmuseum vond dat het nieuwe museum wel naast zijn nostalgische themapark moest verijzen. Ondertussen lieten leraren geschiedenis en zelfbenoemde pedagogen weten dat ze een leuker en zinvoller dagje uit voor hun kinderen konden bedenken dan het multimediale museum van de vaderlandse geschiedenis, waar niets de geur van oud zou hebben. Er zal geen hond komen, wisten zij, als het bezoek niet als verplichting wordt opgenomen in het onderwijscurriculum.
De museumdirecteuren reageerden laconiek op alle ophef. Allemaal gevolg van een krachtige Haagse lobby, die het museum alsnog naar de residentie probeerde te krijgen. Want waar was het nu eigenlijk om te doen? In een open brief in Trouw gaven ze zelf antwoord: ‘Het enige echte verschil met de oorspronkelijke locatie bedraagt een afstand van vijf kilometer. Dat is kennelijk een spoeddebat in de Kamer waard.’ Het is arrogante demagogie. Natuurlijk moeten Kamerleden de museuminrichting aan specialisten overlaten, maar als Arnhem gekozen is uit drie gemeenten (behalve Den Haag dong ook Amsterdam mee) vanwege het beste plan, dan kan niet opeens dat plan overboord. Of de tender moet opnieuw. Bovendien: vijf kilometer lijkt niets, maar de mooie verbouwingsplannen van het Rijksmuseum strandden op een paar meter. Namelijk: de paar meter die het fietspad onder het museum door in breedte tekortkwam.
Afgelopen weekend zag ik, vertraagd, de mooie documentaire die Oeke Hoogendijk over het nieuwe Rijksmuseum maakte. Het zou een klucht zijn als het niet ook zo treurig was: het belangrijkste museum van Nederland dat op de knieën moet voor de fietsbond, al die instanties en inspraakprocedures die het meesterplan verwateren. Na die documentaire kun je alleen maar denken: een spiksplinternieuw of vernieuwd museum behoeft een sterke regie. Alleen is in Nederland niemand bij machte die te voeren.