Commentaar: Blik naar buiten

Nederland buiten Nederland

Welk kabinet er ook wordt gevormd, «het moet blijven gaan om verantwoorde keuzes voor Nederland», sprak CDA-leider Jan Peter Balkenende woensdagavond. «Nederland staat voor grote vraagstukken.» Binnenslands, uiteraard. Dát hoefde hij er niet bij te zeggen, want over de grenzen kijken is er nauwelijks nog bij. Niet tijdens de afgelopen campagne, noch — en dat is ernstiger — in het feitelijke beleid dat het CDA, de grootste partij van Nederland, voorstaat.

In hun verkiezingsprogramma komen de christen-democraten niet veel verder dan een halfbakken pleidooi voor de Europese Unie «als waardengemeenschap». Ook de twee andere grote partijen, VVD en PvdA, hielden de blik benauwd nationaal. PvdA-lijsttrekker Wouter Bos sputterde wat over Irak. De VVD maakte het tijdens de afgelopen regeerperiode wel heel bont door de EU-uitbreiding in 2004 te willen torpederen. Onder leiding van CDA-minister van Buitenlandse Zaken Jaap de Hoop Scheffer verklaarde het CDA/vvd/ lpf-kabinet zich bovendien bereid de Verenigde Staten bij te staan als het oorlog wordt tegen Irak. Zélfs zonder VN-resolutie.

Opmerkelijk was de veeg uit de pan die CDA-coryfee Hans van den Broek, oud-minister van Buitenlandse Zaken, de VVD gaf waar het de internationale betrekkingen betreft. «De PvdA is meer Euro pees gericht dan de VVD. Daar voeren financiële aspecten de boventoon. En er is momenteel wel wat meer aan de hand.» Hij doelde ongetwijfeld op het geopolitieke stratego dat momenteel op het scherpst van de snede wordt gespeeld, en dat volledig aan Nederland voorbijgaat.

De internationale ontwikkelingen gaan razendsnel. Rond de kwestie-Irak verwijderen de VS en Groot-Brittannië zich razendsnel van het Europese continent. De Atlantische machten zijn bereid ten oorlog te trekken zonder VN-resolutie, terwijl Duitsland, en nu ook Frankrijk, met zijn veto in de Veiligheidsraad heeft duidelijk gemaakt tegen een dergelijke stap te zijn. Bovendien lijken Parijs en Berlijn eensgezind in het hervormen van de EU ten nadele van kleinere landen. De Unie «moet met één mond spreken», stelde de Franse minister van Buitenlandse Zaken Dominique de Villepin. Het is zaak dat Nederland manieren vindt om invloed uit te oefenen op wat die mond gaat zeggen.

Voor Den Haag lijkt «Neder land buiten Nederland» echter niet meer te bestaan. Dat baart zorgen. Want hoe belangrijk Nederland zijn eigen kleine leed ook vindt, geografisch gezien is het niet meer dan het afvalputje van Europa. Als staat bestaat Nederland slechts dankzij een fijn geweven kleed van grensoverschrijdende belangen en internationale afhankelijkheden. In tijden van kiezersgunst en korte klap wordt het maar al te gemakkelijk vergeten: zonder kunstig laveren wordt Nederland, mét al zijn sores, verpulverd tussen de Atlantische grootmachten en die van het continent.