Nederland gegijzeld

Als Geert Wilders straks in New York zijn toespraak tegen de bouw van een moskee in de buurt van Ground Zero houdt, zal hij daar waarschijnlijk een flink gezelschap geestverwanten aantreffen. De vooraanstaande Republikeinen Sarah Palin en Newt Gingrich, vertegenwoordigers van de Anti Defamation League, een organisatie die zich tegen discriminatie van joden verzet, en leden van ACT! For America, een groep die tot doel heeft ‘de westerse beschaving tegen de islam te verdedigen’. Aan de rechterkant van het Amerikaanse politieke spectrum groeit het protest tegen de bouw van moskeeën en de islam in het algemeen. Amerika dreigt geïslamiseerd te worden. Wilders is daar geen buitenbeentje.
Maar ook het verzet tegen de anti-islamisten neemt toe. Tot de grote tegenstanders hoort de burgemeester van New York, Michael Bloomberg, jood en Republikein en een van de meest uitgesproken verdedigers van de godsdienstvrijheid. In haar column in NRC Handelsblad (6 augustus) legt Heleen Mees uit dat New York tot de verdraagzaamste, de meest vrije steden ter wereld hoort. En een paar honderdduizend moslims zijn er met godsdienst en al geïntegreerd. Daar een pleidooi houden voor het verbod op, de vervolging van de islam is absurd, ontwrichtend, contraproductief. En als Nederlandse politici het met de opvattingen van Bloomberg eens zijn, terwijl ze de kampioen van de nieuwe onverdraagzaamheid als pijler onder een kabinet willen gedogen, plegen ze daarmee verraad. Dat is de beschuldiging van Heleen Mees aan het adres van Mark Rutte. Ik ben het met haar eens.
Gaan we een nieuw tijdperk van godsdienstoorlogen tegemoet? In het Midden-Oosten woeden die al tientallen jaren. In 1899 verscheen het gedicht van Rudyard Kipling The White Man’s Burden, waarvan de strekking is dat het Westen de plicht heeft de volken in de rest van de wereld de beschaving bij te brengen. Al veel eerder hadden we trouwens in het kielzog van onze veroveraars de missionarissen en zendelingen naar de achtergebleven werelddelen gestuurd. Kiplings gedicht is ook een rechtvaardiging van het imperialisme. Een eeuw later is definitief bewezen dat die volken dit niet wilden, en dat het Westen zich bij deze weigering moest neerleggen. Dat is samengevat: de periode van de dekolonisatie. Die is nog niet voorbij. Misschien beleven we nu in Irak en Afghanistan de laatste stuiptrekkingen. Of de volken in andere werelddelen beter af zouden zijn geweest als ze de levenswijze, de cultuur van het Westen hadden overgenomen, is de vraag niet. Het gaat erom of ze het wilden. Het antwoord is nee, en het Westen is niet bij machte geweest daarin een beslissende verandering aan te brengen.
Het cultureel, technisch en politiek succes van het Westen is dus maar in beperkte mate exportabel gebleken. Het imperialisme is na de Tweede Wereldoorlog definitief tot staan gebracht. Maar in plaats daarvan is er een andere beweging op gang gekomen: van de immigranten die aan deze kant van de wereld een beter bestaan willen opbouwen. De massale immigratie bevestigt het succes van het Westen op andere manieren. Want niet alleen komen de energieksten uit de minder ontwikkelde streken hierheen. Ze passen zich aan, hun kinderen verwerven zich een nieuwe nationaliteit, en in deze tijd blijkt de nieuwe generatie 'allochtonen’ niet bestand te zijn tegen de verlokkingen van het consumentisme, evenmin als hun autochtone leeftijdgenoten.
Natuurlijk verweren de westerse gastlanden zich tegen een overweldigende toestroom. Delen van de Amerikaanse zuidgrens zijn in een militaire linie veranderd. In Europa neemt de paraatheid tegen illegale immigratie snel toe. Onaangepaste jongeren van buitenlandse afkomst veroorzaken rellen, schandalen. Dat gebeurt hier in nog betrekkelijk geringe mate. In Frankrijk, Engeland en Duitsland is het erger. Er ontstaan getto’s. Dan is het de taak van de overheid die gevaarlijke misstand met een beleid op lange termijn uit de wereld te helpen; met onderwijs, werkgelegenheid en politietoezicht. Dit is het instrumentarium dat we moeten gebruiken om zulke problemen te bestrijden. En verder moeten we vertrouwen op de niet geringe aantrekkingskracht en het absorptievermogen van onze consumentencultuur. Dit alles is principieel iets heel anders dan het afkondigen van een godsdienstoorlog.
Wilders beschouwt de islam niet als een godsdienst. Voor hem is het een agressieve ideologie. Dat is niet van belang. Hij velt een collectief oordeel, en daarmee komt hij, of hij wil of niet, in racistisch vaarwater. De consequentie van zijn overtuiging is dat hij maatregelen wil waarvan een collectief het slachtoffer is. Koranverbod, geen moskeeën meer, kopvoddentaks, desnoods de moslims met miljoenen deporteren. Hoe stel je je dat voor? Maak eens een film over Nederland terwijl Wilders bezig is zijn programma uit te voeren. Fitna zal erbij verbleken. Deze politicus zijn we nu aan het 'gedogen’. Hij is bezig ons in gijzeling te nemen.