Bij ons is bij jullie

Nederland is abnormaal normaal

De ovale eettafel is multicultureel en multigenerationeel. De jongste, student en 23 jaar, is in Moskou gedoopt, heeft zijn jeugd eerst daar doorgebracht en is vervolgens midden in zijn puberteit naar Amsterdam gesleept. Halverwege zit een wereldlijke kunstenaar uit de taigain het verre Siberië, wiens moeder doopsgezind is en vader Russisch-orthodox, maar die zichzelf beschouwt als ‘professioneel reiziger’ en nu als 38-jarige over bijna alles een oordeel heeft.

Daartussen twee mensen van 46 jaar, beiden min of meer academisch opgeleid. De een komt ook uit Rusland en is praktiserend orthodox-christelijk en nu trouw parochiaan in Amsterdam. De ander is agnostisch opgegroeid in Amsterdam en in de ogen van de overigen dus een ‘strijdend atheïst’.

En aan de kop van de tafel resideert een bejaarde dame van 78 jaar, geboren en getogen in een boerendorp in het hart van Rusland.

Zij heeft Stalin, Chroesjtsjov, Brezjnev, Andropov, Gorbatsjov en Jeltsin zien komen en gaan. Zij heeft altijd houvast gezocht bij deze leiders én bij god. En soms gevonden, de laatste jaren steeds meer bij god.

Bij vier van de vijf aan tafel zit het politieke geweld praktisch ingebakken in hun genen. Voor vier van hen vertegenwoordigt de bolsjewiek Lenin (‘Geweld is de vroedvrouw van de geschiedenis’) sinds oktober 1917 dezelfde logica als voor ons de sociaal-democraat Vliegen, die in november 1918, na de ‘vergissing van Troelstra’ zei: ‘Ik heb niet mijn hele leven voor het algemeen kiesrecht gevochten om het binnen een week weer af te schaffen.’

De vijfde heeft alleen theoretische kennis. Die ene autochtone Nederlander begint aan een dwingende monoloog.

De oudste allochtoon is grotendeels doof, dat wil zeggen hoort niet alles. De voertaal is Russisch. Vier spreken het vloeiend, de vijfde als een houthakker. Kortom,een ongelijke conversatie qua verbaal niveau.

Gebrul in decibels moet dat compenseren. Het gesprek moet wel begrijpelijk blijven.

De volgende dialoog volgt:

‘Welkom in Nederland. Welkom in de hysterie.’

‘Wat? Alles is rustig. Ik was net nog op de markt.’

‘Rustig? Noodtoestand! Politieke moord in Nederland. Jarenlang geprobeerd iets overeind te houden. Maar nu in een klap naar een drieletterwoord verjaagd. Ik ben mijn moederland kwijtgeraakt.’

‘Hoezo? Moederland blijft altijd moederland.’

‘Bij jullie, ja. Maar bij ons niet.’

‘Bij jullie is het beter dan bij ons. Dat hebben ze ons afgelopen tien jaar steeds gezegd.’

‘Bij ons is de eerste republiek ter wereld in de moderne geschiedenis uitgeroepen. Dat klopt.’

‘Bij ons hebben ze de tsaar 85 jaar geleden helaas vermoord.’

‘Bij jullie was het toen en is het nog steeds anders. Bij ons is de politiek van de burger.’

‘Bij jullie heeft iedereen vertrouwen. Bij ons is het vaderland politiek. Het moederland niet.’

‘Bij ons is er geen verschil tussen vaderland en moederland Vader en moeder zijn hier gelijk.’

‘Bij ons spreken politici nooit de waarheid. Alleen god spreekt de waarheid.’

‘Bij jullie doen politici net zo hun best als bij ons. Alleen de context is anders.’

‘Bij jullie zijn er geen politici als Popov (ex-burgemeester van Moskou). En Sobtsjak (Sint-Petersburg). Die zich lieten betalen door zakenlieden. Die hun geld op bankrekeningen off shore hebben staan en nu makkelijk leven.’

‘Bij ons denken we dat dat de barensweeën van een democratie zijn.’

‘Bij ons hebben we er onze buik van vol.’

‘Bij jullie is dus bij ons?’

‘Bij ons is inderdaad bij jullie!’