Nederland is een bananenrepubliek

Het is een onthutsend document, dat concept-regeerakkoord dat de titel Vrijheid en verantwoordelijkheid heeft meegekregen. Rijp en groen, groot en klein, concreet en abstract, dwingend en boterzacht, links en recht, groen en bruin - er is geen touw aan vast te knopen.

Constitutionele verankering van het Fries, een overheid die rekeningen binnen dertig dagen betaalt, aanhalen van de band met de staat Israël, een nieuw ondernemersloket, vijfhonderd animal cops, een landelijk dierenmishandelingsnummer, geen rookverbod in cafés met minder dan zeventig vierkante meter bedrijfsruimte, geen bijstandsuitkering voor wie door kleding en/of gedrag zijn kansen op de arbeidsmarkt om zeep helpt, geen kinderbijslag en AOW voor wie in het buitenland woont, geen ontpoldering van de Hedwigepolder, lagere vennootschapsbelasting voor het bedrijfsleven, meer prestatiebeloning in het onderwijs, verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd in 2020, sociaal leenstelsel in de masterfase, twaalfduizend extra verpleegkundigen in de ouderenzorg, drieduizend extra agenten, geen erkenning voor polygame huwelijken, de maximumsnelheid naar 130 kilometer per uur, enzovoort.

Nu is in democratische stelsels met evenredige vertegenwoordiging natuurlijk ieder regeerakkoord een tekst met littekens, spanningen, breuklijnen en noodverbanden maar een schim van consistentie is er meestal wel in te ontdekken. Je kunt in Nederland als kabinet namelijk niet zo heel veel kanten op. Rentmeesteren of moderniseren, dat is het wel zo'n beetje. De agenda van de rentmeester is er een van kleine stapjes. Wat naar voren bij hoogtij, wat naar achteren bij laagtij. Het ‘Samen werken, samen leven’ van Balkenende 4 was zo'n programma. Moderniseren is een agenda van vergezichten en daadkracht - denk ‘Werk, werk, werk’ van Paars 1 - losgelaten op een paar dossiers waarvan de politieke kaste meent dat de problemen er het prangendst zijn. Voor de verkiezingen werd u ermee doodgegooid: de huizenmarkt, de pensioengerechtigde leeftijd, de ontslagbescherming.

Vele en felle debatten later waarin onze lijsttrekkers elkaar om het hardst opriepen om de kans van een grote crisis niet te verspillen en Nederland met gezwinde spoed een nieuwe toekomst in te jagen, ligt er dit gedrocht, deze constipatiekeutel, deze Chinese dierenencyclopedie, dit drama zonder idee, dit pamflet zonder principes. Niets maar dan ook niets van de grote plannen heeft het onderhandelingsspel van de heren overleefd. De minachting van de kiezer die hieruit spreekt grenst aan het onbetamelijke.

Als je vriendelijk bent noem je dit de broekzak van een gek; een verzameling voornemens en vrome wensen die bij toeval in een kaft terecht zijn gekomen en niets met de titel te maken hebben. Maar als je onvriendelijk bent noem je het anders. Verlaging van de vennootschapsbelasting moest Wientjes paaien. Vrijstelling van het rookverbod voor kleine cafés moest de getatoeëerde klasse paaien. Zwijgen over de hypotheekrenteaftrek moest de huizenbezitter paaien. Twaalfduizend extra verpleegkundigen (waar komen die vandaan als arbeidsmigratie wordt afgeknepen?) moest de ouderen paaien. Verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd in 2020 moest de 55-plusser paaien. De maximumsnelheid naar 130 moest de automobilist paaien. Niet vrijgeven van de zondagsopenstelling moest de SGP paaien. Geen ontpoldering van de Hedwigepolder moest CDA'er Koppejan paaien. Nederland is een bananenrepubliek.