Sander Pleij

Nederland voorbeeldland

Hasj en wiet is er voor ieders joint of spacecake, gratis heroïne wordt ook al verstrekt, hoeren kunnen ongestraft open en bloot langs de grachten paraderen en twee mannen of twee vrouwen kunnen zich als bruid en bruidegom bij het stadhuis aandienen — sinds de juist aangenomen wet op euthanasie wordt in Holland alleen intolerantie niet getolereerd.

Want in Nederland, dat vooruitstrevende land, daar leven geen achterlijke taboes.

Afgelopen weekend hield The Guardian aan de Engelse royals de trendy Nederlandse bicycling monarchy voor als een goed alternatief. Dat leverde een idyllisch sfeerbeeld op: «Koningin Beatrix, die van zoetigheid houdt, kan vaak worden opgemerkt in Den Haag waar ze taarten koopt, en de troonopvolger, prins Willem-Alexander, 33 jaar oud, is vaak gezien in Amsterdam, waar hij door de straten wandelde, arm in arm met zijn Argentijnse verloofde. Niemand vertrekt een spier en ze worden niet belaagd door paparazzi.»

Nee, geen archaïsche poespas in het moderne Nederland.

In het utopische Maria, of de Hollandsche vrouwen (1815) schrijft koning Lodewijk Napoleon over zijn geliefde Holland. Zijn verhaal is gesitueerd in de Betuwe, die hij als een moderne tuin van Eden voorstelt. De burgers leven er in ideale harmonie. Van lijf en leden zijn ze wonderschoon. Zij vormen het ideale eindpunt waar de gang van de evolutie toe kan leiden. En hoe is dat Arcadië tot stand gekomen? Door de natuur een handje te helpen. Want uit deze raszuivere samenleving zijn zieken en mismaakten verwijderd. In zijn memoires mijmert Lode wijk Napoleon ook al over medische projecten die het land zouden moeten verlossen van «kreupelen, gebochelden, lijders aan de Engelse ziekte en alle kinderen die mismaakt zijn door hun vestiging in kolonies te bevorderen».

Holland toont de ideale maakbare samenleving.

Net als Lodewijk Napoleon en net als de correspondent van The Guardian beschrijven veel zeventiende- en achttiende-eeuwse, Franse reizigers Holland als een voorbeeldig land. Zonder de knellende keurslijven van de geschiedenis en los van al te veel historisch besef is de Hollander beter in staat om vrij te zijn en de samenleving naar eigen behoefte in te richten.

Daar heeft het landschap alles mee te maken, zo meende A.A. Bestjoezjev, een Russisch officier. In 1815 zag hij een bijna door de zee verzwolgen land dat slechts wat visvangst te bieden had en waar de bevolking Filips en de stedehouders had moeten verslaan: «Zo hebben hier deze Hollanders, bijna van het gezicht der aarde verdreven, aan de wereld laten zien, waar het mensdom toe in staat is en hoe de geest van een volk de vrije mens omhoog kan stuwen.»

Zij die uit het moeras van Europa hun dijken lieten rijzen en een eigen land maakten, maakten ook hun eigen samenleving. De ideale maakbare samenleving. Een Engelsman zegt dat je om de Hollandse vrijheid en tolerantie te begrijpen het volgende moet weten: «De beruchte vlakheid van het landschap zorgt er niet voor dat alle delen van het land makkelijk voor elkaar toegankelijk zijn. Integendeel, Nederland is verscheurd in kleine, jaloerse, introspectieve gemeenschappen door de waterwegen die het land splijten. De Nederlandse taal, hoewel bijna overal begrijpelijk, klinkt in de ene provincie geheel anders dan in de andere.»

Het land van «leven en laten leven» is nu ook het land van «leven en laten sterven». Op een moeilijk serieus te nemen vergelijking met nazi-praktijken na passeerde de vooruitstrevende wet die euthanasie in bepaalde gevallen niet strafbaar maakt, met groot gemak Eerste Kamer en publieke opinie. Maar toen het buitenland! Daar zou volgens Nederlandse kranten woedend zijn gereageerd op dit zoveelste teken van doorgeschoten tolerantie en inmiddels een ware hetze gaande zijn.

Dat is merkwaardig, want van heftige protesten uit het buitenland was juist nauwelijks sprake. Op wat gesputter na uit het door schuld verblinde Duitsland en vanuit het Vaticaan, ’s werelds grootste anachronisme.

Opvallend was juist dat over het algemeen met respect werd gereageerd; de Belgische krant De Standaard signaleerde niet zomaar: «Wat vaststaat is dat de wet internationaal minder opschudding heeft veroorzaakt dan vooraf werd aangenomen.» Vooruitlopend op de eigen Belgische wet die in de maak is, werd daar ook geënquêteerd. Uitslag: in België is 72 procent van de bevolking en in Frankrijk 84 procent voorstander van «dood op verzoek».

Goedkeuring van het buitenland is voor de Hollander klaarblijkelijk nog van het hoogste belang. Waarom? Omdat de vrije Hollanders het wel beter denken te weten, maar tegelijkertijd beseffen dat het eigen gelijk niet in de bodem of in een lange geschiedenis verankerd ligt. Als er al sprake is van een geschiedenis, dan is het die van dat kleine landje dat zich tegen water, Spanjaarden of Duitsers verzette maar waarin na waters noodramp, tachtig jaar Spaanse en vijf jaar Duitse bezetting niemand ooit serieus heeft geloofd. Bestaan wij wel? is de huiveringwekkende vraag. Totaal in de war wordt er gezongen: «Wilhelmus van Nassaue ben ik van duitschen bloet (…) de koning van Hispanjen heb ik altijd geëerd.»

De term «Nederlands» wordt altijd pejoratief gebruikt. «Typisch Nederlands» betekent: niet groots, niet van internationale allure. Nederland alléén, met zijn verwarrende nationale identiteit en zijn kartonnen geschiedenis, is niet genoeg. Daarom is goedkeuring van het buitenland van het grootste belang.

De Hollander is niet iemand die graag wil weten, de Hollander is iemand die het graag beter wil weten.