ROBBERT WELAGEN, PORTA ROMANA

Negen kopjes koffie

Robbert Welagen, Porta Romana, € 16,50
Robbert Welagen, Porta Romana, € 13,50 (e-book)

Voor recensenten die zeggen dat stijl het belangrijkste element is van een roman is Robbert Welagen hun man. Met zijn debuut Lipari won hij de Selexyz debuutprijs 2007, hij ontving het Charlotte Köhler Stipendium en krijgt steevast vijf sterren in Het Parool. Een critic’s writer.

Medium 9789038894461 robbert welagen porta romana 178

Er zijn weinig jonge Nederlandse schrijvers die zo gecontroleerd en schijnbaar zo laconiek vertellen als Welagen (1981), zo sferisch, zo melancholiek. Zijn hoofdpersonages zijn doorgaans figuren die door de wereld gaan zonder er echt aan mee te doen - het zijn niet eens scherpe observanten, maar eerder dromerige types die door een vaag verlangen gedreven worden, maar ook weer niet gedreven genoeg zijn om die afstand te overbruggen en te reiken naar wat ze willen. ‘Er miste iets aan hem’, merkt Welagen in zijn nieuwe roman Porta Romana (zijn vierde) op over Emilio Lastrucci, die bij een mislukte ontvoering in Zwitserland zwaar gewond is geraakt. Om aan zijn kidnappers te ontkomen is hij in Die Hard-achtige modus, geketend aan zijn stoel en al, door een raam gesprongen, een aantal verdiepingen naar beneden. Grote delen van zijn geheugen zijn weg, en met een vers litteken op zijn voorhoofd gaat hij nu door Florence, stad van zijn jeugd, op zoek naar zijn wortels. Zo heftig als het begin klinkt, zo bedaard is het vervolg. Emilio loopt over straat, zit op bankjes en staart voor zich uit, 'alsof het de zee was die voor hem lag’.
In zijn kalme herhalingen is Porta Romana aangenaam om te lezen. Emilio denkt nog dat hij achtervolgd wordt door een auto met een Zwitsers nummerbord. Bang dat het zijn voormalige ontvoerders zijn, wisselt hij een paar keer van hotel en loopt zo en passant een paar oude bekenden tegen het lijf, die hem ook niet zo veel kunnen vertellen. Zoals Welagen schrijft: hij gaat door de stad als een klein kind dat voor het eerst in een groot landhuis logeert, en in het donker op zoek gaat naar het lichtknopje. Hij ontmoet een jonge, Britse kunsthistorica, op wie hij zou kunnen vallen, maar meer dan een etentje zit er niet in, op meer stuurt hij ook niet aan.
Emilio neemt lamsvlees, zij rundvlees. Of andersom. Sowieso eet Emilio het hele boek door, hij drinkt wijn, cognac, amaro, ik telde precies negen kopjes koffie, wat niet eens zo veel lijkt op 156 pagina’s, maar Welagen rekt de kopjes uit, hij laat Emilio ze bestellen en laat de ober ze brengen, de schoteltjes, de hitte, het aroma.
Voor recensenten die willen dat de schrijver ook iets te melden heeft, is Welagen een stuk minder interessant. Want sfeerverlichting heeft alleen nut als er ook iets te verlichten valt, iets anders dan kopjes koffie. In zekere zin werkt zijn korte, gecontroleerde stijl dan ook tegen hem: heel achteloos laat hij zijn stijl doorbuigen naar droge humor, bijvoorbeeld, zijn achterdochtige denkbeelden - heeft de vrouw in de trein een pistool in haar handtasje? Hij ziet zijn lichaam al op het spoor worden gedumpt. Maar het buigt nooit door naar iets wat op beklemming lijkt, het blijft koel en afstandelijk, bijna ironisch, waardoor het verhaal nergens urgentie krijgt. Emilio’s melancholie is een melancholie zonder echt drama - ja, Emilio is geweld aangedaan, maar echt spannend of paranoïde laat Welagen het nooit worden, zoals zijn onderzoek naar zijn verleden nooit een echt diepgravend onderzoek wordt. Wat diept hij uit, welke thema’s, welke emoties? Het is alsof Welagen zich nooit écht verbindt aan een onderwerp, alsof hij steeds schrijft over verliefdheid zonder dat er iemand is om verliefd op te zijn. Zowel Max Pam als Hans Goedkoop merkte ooit op dat het een veeg teken is als je niet veel anders kunt dan het verhaal van een roman na te vertellen, en dan nog geen idee hebt hoe je er duizend woorden over zou kunnen schrijven. Dat is uiteindelijk ook Porta Romana’s probleem.
Het vreemd tegenstrijdige is dat Porta Romana als leeservaring zelden verveelt. Als je eenmaal besluit door te lezen, weet Welagen je wel degelijk te pakken met die korte zinnen, die geamuseerde toon en met een hoofdpersonage dat ondanks zijn vacuüm toch wel weer boeit - of misschien niet boeit: je leeft met hem mee, krijgt een bepaald begrip voor hem, zozeer dat het einde, een soort variatie op De kamer van Harry Mulisch, verrast maar toch geloofwaardig is.

ROBBERT WELAGEN
PORTA ROMANA
Nijgh & Van Ditmar, 156 blz., € 16,50